PlusReportage

Stuiterend van de adrenaline het museum door: een ode aan het nachtleven in Haarlem

HAL van het Frans Hals Museum is deze winter getransformeerd tot club. Beats duwen en trekken bezoekers van zaal naar zaal, waar videowerken een ode brengen aan het nachtleven.

Edo Dijksterhuis
Scène uit 'Rhythm of the Night' van Rineke Dijkstra. Beeld Rineke Dijkstra
Scène uit 'Rhythm of the Night' van Rineke Dijkstra.Beeld Rineke Dijkstra

De zwarte tatoeage in zijn bleke nek is het enige opvallende aan zijn uiterlijk. Zijn kapsel is goedkoop, misschien wel door zijn moeder geknipt. Zijn bruine T-shirt en spijkerbroek zijn alledaagse camouflagekleding. Maar als de beats klinken en het tempo stijgt, gaat hij los als een ware king of the dance floor. In opperste concentratie werkt hij een serie gevarieerde moves af. Het kan hem niets schelen dat hij niet in een donkere zaal staat maar zich uitleeft voor een spierwitte wand met de onverbiddelijkheid van een tl-balk.

De extatische danser is één van de vijf jongeren die Rineke Dijkstra in 2009 ontmoette in The Krazyhouse, een nachtclub in Liverpool. Ze vroeg hen te dansen op hun favoriete muziek, maar dan in haar studio en overdag. Het resulterende groepsportret van jongeren op de rand van volwassenheid – de een zelfbewuster dan de ander – geldt als een van de topstukken van het Frans Hals Museum. Het werk is niet vaak te zien, maar markeert nu de start van The Rhythm of the Night.

Enorm gemis tijdens corona

Deze tentoonstelling met zes videowerken is een ode aan het nachtleven. Dat ging tijdens corona op de waakstand toen disco’s en clubs maandenlang gesloten waren. Vooral jongeren voelden dat als een enorm gemis. Uitgaan betekent voor hen frustratie, verveling en overtollige energie wegdansen. Maar ook uitvinden wie je bent, hoe je dat wil uitdragen met kleding of kapsel, en hoe de onderlinge verhoudingen liggen.

Het dubbelzinnige aan die identiteitsvorming op de dansvloer is dat ze gepaard gaat met het loslaten van controle, opgaan in de massa en even helemaal van de wereld zijn. Anne de Vries reconstrueert in Critical Mass: Pure Immanence hoe dat werkt. Met geklik en geknetter springen lampen aan, terwijl de beat de collectieve hartslag opdrijft naar een steeds uitgestelde climax. Een stem, afwisselend mannelijk en vrouwelijk, orakelt over het pure zijn en de ongefilterde ervaring van verbondenheid.

Trance van Tianzhuo Chen borduurt verder op die spirituele invulling van elektronische dansmuziek. De kunstenaar heeft een twaalf uur durend ritueel samengebald in luttele minuten film, waarin je de deelnemers versneld ziet losraken van zichzelf om een hogere werkelijkheid te bereiken. Die wordt gesymboliseerd door een opeenvolging van out-of-focus-opnames, animaties en zwart-witarchiefbeelden die hortend en stotend voort dendert.

Bakkebaarden en wijde pijpen

In het kerkje van Dundee, waar Matt Stokes een dansavond uit de jaren 60 liet naspelen, gaat het er op het eerste gezicht veel rustiger aan toe. Maar ook in Long After Tonight doen de rondwervelende rokken denken aan meditatieve soefidansen en hebben de mannen met bakkebaarden en wijde pijpen soms een glazige ver-heen-blik. De Northern Soul-beweging die Stokes in zijn video opnieuw tot leven wekt, was in cultureel opzicht revolutionair te noemen. Witte jongeren uit het fletse Schotland omarmden massaal de warmbloedige Afro-Amerikaanse muziekcultuur.

Hele generaties Schotten zijn gevormd door Northern Soul, die elk weekend in schimmige zaaltjes de ellende van de werkweek deed vergeten. De Latijns-Amerikaanse lhbtq-gemeenschap van Los Angeles heeft op vergelijkbare wijze veel te danken aan The Silver Platter. Wu Tsang wekt de legendarische bar tot leven in Wildness. Met z’n lengte van 76 minuten en talking heads is dit werk meer documentaire dan videokunstwerk, maar de geniale ingeving om de club zelf als persoon te laten optreden door middel van een voice-over, geeft dit tijdsdocument een poëtische laag waardoor je blijft kijken.

The Silver Platter bezingt de kwaliteiten van de nacht. De duisternis is een beschermende mantel voor hen die anders zijn. De nacht is een vrijhaven en een vluchtheuvel. Het nachtleven is een creatieve snelkookpan, waar nieuwe stappen worden gezet op het gebied van mode en muziek die later vaak in verdunde vorm doorsijpelen naar de mainstream popcultuur.

'Hooley' door collectief Kimberly Clark. Drie jonge vrouwen zuipen, roken, slopen straatmeubilair en maken obscene gebaren. Beeld Kimberly Clark
'Hooley' door collectief Kimberly Clark. Drie jonge vrouwen zuipen, roken, slopen straatmeubilair en maken obscene gebaren.Beeld Kimberly Clark

Bestaande normen uitdagen

Maar het nachtleven is ook de arena waar bestaande normen worden uitgedaagd. Het collectief Kimberly Clark doet dat vol overgave. De drie jonge vrouwen zuipen, roken, slopen straatmeubilair en maken obscene gebaren – weinig ladylike gedrag. De titel van de diacarrousel die draait op het moordende tempo van gabberhouse, is Hooley. Dat betekent ‘feestje’ maar doet natuurlijk ook denken aan ‘hooligans’.

Om bij Hooley te komen, moet je het hele gebouw door: trap op, voorbij een deur, hoek om, gang door, weer een trap. Het is een beetje alsof je een club bezoekt en van zaal naar zaal struint, op zoek naar de muziek die het beste bij je bui past. Het geluid van de video’s loopt in elkaar over en trekt je telkens verder. Het zorgt voor opwinding en een adrenalinerush die je niet vaak krijgt in een museale omgeving. Als je eenmaal naar buiten bent gestuiterd, wil je niets liever dan losgaan.

The Rhythm of the Night: t/m 10 april in Frans Hals Museum, locatie HAL (Grote Markt)

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden