PlusBoekrecensie

Studie van Herman Pleij over ‘vuilschrijverij’ is geen vluggertje

Fragment van De tuin der lusten (1480-1490) van Jeroen Bosch. Beeld De Agostini via Getty Images

‘Dat iedereen in de Middeleeuwen met zijn of haar geslachtsdeel lag te lonken of te zwaaien, is vooral een projectie van moderne frustraties. Veelvuldig werden de Middeleeuwen in het licht van dergelijke wensen herschreven,’ stelt Herman Pleij (1943) in Oefeningen in genot, liefde en lust in de late Middeleeuwen, de lang verwachte studie van de emeritus hoogleraar middeleeuwse letterkunde over ‘vuilschrijverij’. 

Als voorbeelden geeft hij de verfilming van Mariken van Nieumeghen uit 1974 van Jos Stelling, en Flesh & Blood van Paul Verhoeven uit 1985, dat een aaneenschakeling is van gruwelen, vreetfestijnen en seks. ‘In het kader van de seksuele revolutie van de vorige eeuw deed men de Middeleeuwen nog eens over zoals deze bedoeld zouden zijn.’

Ook de kuise kant van het middeleeuwse erotische spectrum was een gewild onderwerp voor de tijdgenoten van Stelling en Verhoeven. Maar ook hier wreekte zich volgens Pleij de klakkeloze overname van literaire bronnen. De kuisheidsgordel? Die heeft nooit bestaan. ‘Het ging om humor die meermalen in de middeleeuwse literatuur werd gelanceerd, stel je voor dat… wat zou het handig zijn als.’

Na het schrappen van alle verschillen, vertekeningen en karikaturale exploitaties zijn er volgens Pleij de nodige overeenkomsten tussen de laatmiddeleeuwse ontdekking van seksualiteit en de seksuele revolutie van de vorige eeuw.

Eeuwenlang hield de katholieke kerk het lichaam gevangen. Na de zondeval van Adam en Eva diende het huwelijk louter voor voortplanting, niet voor seksueel genot. Dat stuitte op problemen, ook bij middeleeuwse dichters en schrijvers. Hoe moesten ze de intieme liefdesverrichtingen en daarbij betrokken lichaamsdelen beschrijven? Verhullende terminologie ontkende Gods bedoeling met de mens, getuigde van plaatsvervangende schaamte voor de schepping en had een ophitsend effect. Een debat dat al opduikt in De roman van de roos, de literaire bestseller uit 1235. In de Canterbury Tales (uit omstreeks 1400) wordt grove taal gebezigd, al biedt de schrijver daarvoor in de proloog wel zijn excuses aan.

Boeren en melkmeisjes

Een eeuw later pleitte de Italiaanse dichter Pietro Aretino voor klare taal: ‘Spreek vrijuit, zeg kont, pik, kut en naaien, want je zult alleen door professoren begrepen worden met je gordel in de ring, obelisk in het achterkasteel, prei in de moestuin, grendel op de deur, sleutel in het slot, stamper in de vijzel, nachtegaal in het nest, pijl in de roos, banier in de ravelijn, degen in de schede. 

En hetzelfde geldt voor de pin, de bisschopsstaf, de pastinaak, de perzik, de kooi, het geval, de ponjaard, de bladen van het missaal, de daad, de je-weet-wel, dat ding, dat gedoe, de strop, de bokking, de korte lans, de peen, de wortel. Zeg gewoon waar het op staat, en houd anders je mond.’

In de Nederlanden schreven de rederijkers aanvankelijk een stortvloed aan liedjes en kluchten vol woeste boerenseks. Dat paste in het beschavingsoffensief van de stedelijke elite, die zich wilde onderscheiden van het klootjesvolk. Dit nieuwe beschavingsideaal vroeg om nauwgezette informatie van het tegendeel. ‘Daarvoor werd de literatuur in stelling gebracht die niet zelden de lach als glijmiddel gebruikt,’ aldus Pleij in zijn kenmerkende stijl. 

Vaak waren het de sinnekens, duivelse vertellers, die in levendige dialogen vol nieuwe woorden verhaalden over wat de geliefden met elkaar uitvoeren. Ondertussen kon de toeschouwer in het bezongen of uit­gebeelde primitieve geslachtsverkeer tussen boeren en melkmeisjes wel de nodige kennis opdoen. Echte seks speelde zich af tussen de aard­kluiten of in hooibergen. En die melk­meisjes verzetten zich wel, maar wilden uit­eindelijk net als alle vrouwen verkracht worden.

Op de presentatietafel

Door de rederijkerskamers werd de seksuele vrijwording openbaar en kreeg het revolutionaire vleugels, is de conclusie van Pleij. Maar het besef dat er rond 1500 in de Nederlanden in alle lagen en geledingen van het volk een heuse seksuele revolutie heeft plaatsgevonden, drong pas bij hem door bij het schrijven van de tweede versie. 

Een ontdekking, die hij nu graag luid in de media mag verkondigen. Bij De wereld draait door sprong de emeritus hoogleraar daarvoor zelfs als een duivels sinneken op de presentatietafel, aangemoedigd door Matthijs van Nieuwkerk in de rol als middeleeuwse toehoorder.

Met zijn mediagenieke optredens schept de emeritus hoogleraar bepaalde verwachtingen, maar Oefeningen in genot is geen populaire geschiedschrijving, of een vluggertje. Het is bovenal een doorwrochte, rijk geïllustreerde ontdekkingstocht van de letterkundige Herman Pleij over hoe ‘literair verwoorde vuilbekkerij’ zorgde voor een kortstondige seksuele bevrijding, waar de kerk snel een einde aan wist te maken. Waarmee weer de kiem werd gelegd voor de seksuele revolutie van de vorige eeuw.

Non-Fictie

Herman Pleij - Oefeningen in genot

Prometheus, €29,99

434 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden