Shapeshifters, Kunstlinie Almere.

PlusAchtergrond

Streetart is allang niet meer (alleen) van de straat

Shapeshifters, Kunstlinie Almere.Beeld maarten feenstra

Streetart is de straat ontgroeid en museumwaardig geworden. Dat blijkt wel uit Shapeshifters, dat een hoogwaardige dwarsdoorsnede geeft van de inmiddels wijdvertakte kunstvorm die allang geen subcultuur meer is.

Edo Dijksterhuis

‘DDT 666’, staat te lezen op een bakstenen muur in de Hondecoeterstraat. De onhandige letters dateren uit 1978 en zijn aangebracht met huis-tuin-en-keukenverf waar restauratoren vanaf mei mee aan de slag gaan. Dit is namelijk het enige overgebleven buitenwerk van Dr. Rat, pionier van de Amsterdamse graffitiscene, en een van de alleroudste sporen van streetart in Nederland. Jarenlang werd graffiti gezien als vandalisme, maar nu erkent stadsdeel Zuid het als cultureel erfgoed dat bewaard moet worden.

Net als hiphop, aanvankelijk bezien als nichegenre van voorbijgaande aard, is streetart groot geworden en enorm vertakt geraakt. Ook het officiële kunstcircuit heeft er steeds meer aandacht voor. In Noord staat het Street Art Museum en in Schiedam is net de excellente tentoonstelling Glashard beëindigd, over post-graffitikunst. Shapeshifters in Almere sluit naadloos aan in dat rijtje.

Goede dwarsdoorsnede

Meteen bij de ingang wordt de bezoeker gewaarschuwd dat dit geen uitputtend overzicht is. Dat zou ook een onbegonnen zaak zijn. Maar de samenstellers zijn er wel degelijk in geslaagd een verdomd goede dwarsdoorsnede te geven van de scene en diens geschiedenis. Er is werk te zien van Nederlandse pioniers als Niels ‘Shoe’ Meulman en Hugo Kaagman, die wereldberoemd werd met zijn Delfts blauwe sjablonen. Uit vroege bijdragen van hun New Yorkse geestverwanten blijkt dat die ook meer deden dan bolle letters op metrostellen spuiten. Een duister werk van Rammellzee, die zijn stijl zelf omschreef als ‘gothic futurism’, toont kettingen in een kolkend zwarte zee en een gat waaruit bloed stroomt. Zijn tijdgenoot Futura laat op veel lichtere wijze organische vormpjes dansen tegen een lichtblauwe achtergrond, als een Kandinsky van de straat.

Vanuit die historische basis waaiert de tentoonstelling uit over een veelheid aan stijlen en media afkomstig uit de hele wereld. Streetart is namelijk allang niet meer beperkt tot een paar verloederde binnensteden waar jongens in hoody’s ’s nachts muren vullen met spuitbusverf. Het kan tegenwoordig ook de vorm aannemen van wandkleden, 3D-schilderingen, sculpturen en zelfs ‘lichtkalligrafie’, zoals Said Dokins de magisch oplichtende teksten en figuren noemt die hij maakt door de beweging van een lamp te fotograferen met een extreem lange sluitertijd.

De vorm die makers kiezen, hangt vaak af van hun manier van opereren. De Franse Blek le Rat, stilistisch een voorloper van Banksy, maar subtieler en eigenlijk beter, koos voor stencils omdat je daarmee in luttele seconden een afbeelding kan neerzetten – voordat bewakingscamera’s je in de gaten hebben en de politie je in de kraag vat. Iemand als Jeremyville, die bijna manshoge cartooneske mannetjes in aantrekkelijke designkleuren maakt, werkt weer meer als een traditionele studiokunstenaar.

Autobiografische verdieping

Streetart is overigens geen louter mannelijke aangelegenheid, hoewel dat af en toe wel zo lijkt. Een van de indrukwekkendste werken in de tentoonstelling is afkomstig van Mick la Rock, die er in de jaren 90 ook al vroeg bij was. Haar Composition with Blue Circle bestaat uit een mobile met vormen waar letters in te herkennen maar niet te ontcijferen zijn, die voor een muurschildering van een onwaarschijnlijk blauwe schijf hangen.

Zo’n werk is een wereld verwijderd van de tags waarmee graffitischrijvers in de beginjaren hun territorium afbakenden. Nu is er ruimte voor autobiografische verdieping, zoals bij Jaune die met zijn beelden put uit een arbeidsverleden als vuilnisman die niet wordt opgemerkt door zijn omgeving, maar op zijn beurt wel alles beziet. Activisme klinkt door in de radicale slogancollage Everytime We Fuck We Win van Homo Riot of de angstig kijkende, zwarte stokfiguur van Quik. Maar soms is simpelweg verwarring stichten al genoeg. Of een vrolijke knipoog.

Niet alles in de tentoonstelling is even goed. De tegeltjeswijsheden van Laser 3.14, die ook overal in Amsterdam op bouwschuttingen te lezen zijn, hebben hun beste tijd wel gehad. En een paar hyperrealistische wandschilderingen overschrijden de grens van de kitsch ruim. Maar Kunstlinie weet het geheel goed bij elkaar te houden met teksten die zowel intelligent als laagdrempelig zijn.

Het topstuk van de tentoonstelling is een collage van Jean-Michel Basquiat die gevat is in een gehavende lijst waar spijkers in zijn geslagen alsof het een voodoobeeld betreft. Dit werk is zo rauw en ademt zoveel boosheid over kerk en politiek dat het bijna pijn doet. Toen de vroeg gestorven Basquiat dit maakte, was hij officieel geen streetartist meer. Hij had afscheid genomen van zijn pseudoniem SAMO en exposeerde in vooraanstaande galeries en musea. Maar met die overstap van groezelige straat naar strakke white cube had hij niets aan street cred ingeboet. En datzelfde geldt voor veel van de kunst van Shapeshifters.

Shapeshifters: tot en met 31 juli in Kunstlinie, Almere

Diverse programmering

Kunstlinie is de grootste en belangrijkste kunstpresentatieplek in Almere. De instelling, met een beperkte eigen collectie, leidde jarenlang een verborgen bestaan als onderdeel van de schouwburg, die in 2016 werd omgedoopt tot Kunstlinie Almere Flevoland. Sinds kort profileert de instelling zich expliciet als kunsthal. In de negen hoge zalen kaatst het licht via het water rondom naar binnen.

Anders dan de roemruchte Paviljoens, die Almere tussen 1994 en 2013 op kunstgebied smoel gaven met highbrow hedendaagse kunst, heeft Kunstlinie een brede en diverse programmering. Die is toegesneden op de veelal jonge bevolking van Almere en springt vaak in op de actualiteit. Zo werden voorafgaand aan Shapeshifters protestborden geëxposeerd van de antidiscriminatiedemonstratie in de stad.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden