PlusInterview

Stefan Hertmans schreef vol afkeer over SS’er Verhulst: ‘Ik kán dit niet’

Gevóchten heeft Stefan Hertmans (69) met zijn boek De opgang, en met zijn hoofdpersonage, SS’er Willem Verhulst, die in hetzelfde huis woonde als de schrijver.

Stefan Hertmans: ‘Ik moest proberen te achterhalen wat er is gebeurd in die kamers.’ Beeld Marc Brester

De zwarte voordeur, afgebladderd en vaal, heeft sinds Stefan Hertmans hem veertig jaar geleden die kleur gaf, geen lik verf meer gezien. Van zijn voormalige woonhuis in Gent zijn de ramen dichtgeplakt, als ware het pand verzegeld. “Hier woonde ik van 1979 tot 1999,” wijst de Belgische schrijver. “Het was een somber en kil huis, waar weinig zonlicht binnenviel. Nochtans heb ik er een fantastische tijd gehad.”

Dat uitgerekend zijn vroegere woning het huis was geweest van de Vlaamse SS-officier Willem Verhulst, ontdekte Hertmans pas toen hij Zoon van een ‘foute’ Vlaming las van Adriaan Verhulst. Na de vroege dood van zijn Joodse vrouw Elsa trouwde Willem Verhulst met de Nederlandse Mientje, die hij meenam naar het huis aan het Drongenhof; ze kregen een zoon, Adriaan, en twee dochters. Verhulst groeide uit tot een belangrijke nazicollaborateur, die lijsten samenstelde van landgenoten die moesten worden opgepakt en afgevoerd.

Met Oorlog en terpentijn en De bekeerlinge vormt zijn nieuwe boek De opgang een drieluik van documentaire romans, waarin Hertmans de onderzoeker is van zijn eigen verleden en vaderlandse geschiedenis. Rode draad in De opgang is de bezichtiging van het pand voordat de auteur het koopt – een ‘opgang’ in het Vlaams –, waarbij ze van de kelder naar de zolder lopen. Voor de goede verstaander een verwijzing naar Dantes Goddelijke komedie en een knipoog naar de film Der Untergang over Hitler.

Schoft, idioot, drama

Hertmans raakte steeds meer geïntrigeerd door ‘schrijftafelgangster’ Verhulst, die vanachter een bureau mensen naar de concentratiekampen stuurde. Maar vooral werd Hertmans geraakt door Mientje.

“Wat was er met deze Mientje gebeurd, die haar man zag veranderen in een nazi, terwijl ze zelf, tot in de jaren zestig, in Gent op de speelgoedafdeling van de Grand Bazar moeders stond af te raden voor hun zoons soldaatjes en speelgoedwapens te kopen. Waarom heeft zij zich nooit écht van hem afgekeerd? Ze was te gelovig, denk ik, en te loyaal. Daarnaast hield ze haar gezin bij elkaar voor haar kinderen, omdat ze een traditionele vrouw was, in een vreemd land bovendien. Volgens haar dochters voelde ze zich schuldig omdat ze zich aan het sterfbed van Elsa door Willem had laten verleiden.”

“Mientje was een tragische figuur, maar ik wilde haar ook in haar groots­heid laten zien. In de tijd dat Willem in het gevang zat en zij kamers moest verhuren om rond te komen, stond ze fier als een vuurtoren. Met haar huurders discussieerde ze over filosofie en politiek.”

“En dan was er nog het bizarre gegeven dat Willem na zijn dood boven zijn Joodse vrouw Elsa begraven wilde worden. Wat ben je dan? Een schoft? Een idioot? Ik zag het drama, en het begin van een roman. Een verhaal over liefde, huwelijk en politiek. Ik moest de spoken van dit huis tot leven wekken en proberen te achterhalen wat er is gebeurd in die kamers.”

Een precieze verklaring voor zijn daden geeft Hertmans niet; wel laat hij zien hoe allerlei factoren de jonge Willem steeds verder in de armen van de zwarthemden dreef. Het verlies van zijn moeder, het verlies van een oog, indruk willen maken. Maar vooral: de diepe kloof tussen het Vlaamse en Franstalige deel van België. Vlaamse nationalisten beschouwden steun aan het nazisme, dat een einde zou maken aan de Waalse superioriteit, als een vaderlandslievende daad. De haat jegens de Walen zat diep; tijdens de Eerste Wereldoorlog waren het vooral de Franstalige officieren die de dienst uitmaakten en de Vlaamse soldaten offerden als kanonnenvoer.

Vergrootglas

Wie De opgang leest, begint meer te begrijpen van het vroegere én huidige België: van de gespletenheid van het land en van het succes van het Vlaams Blok. De Vlaamse nationalisten streden voor de ‘bevrijding’ van Vlaanderen – zo werd dat genoemd, zegt Hertmans. “Deze roman legt een vergrootglas op de emoties van mannen als Verhulst, van wie er velen waren. Zij voelden zich miskend, een slachtoffer. De onderbuik van de Vlaamse samenleving is daar nooit overheen gekomen. Anderzijds blijven veel Franstaligen de Vlamingen doodverven als fascisten. Het zijn twee onverminderd sterke krachten, die elkaar nog altijd in stand houden.”

De opgang is taaier dan de vorige twee romans, erkent hij. “Dit was mijn moeilijkste boek. Tijdens het schrijven voelde ik vooral afkeer: ik wil dit niet, ik kán dit niet. Je voelt als lezer, denk ik, dat Verhulst ook voor mij een raadsel blijft.”

Stefan Hertmans: De opgang (De Bezige Bij), € 25

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden