PlusGedicht

Stadsdichter K. Schippers over Armando: Een begraven gesprek

K. Schippers is de stadsdichter van Amsterdam. Hij reageert met dit gedicht op het overlijden van Armando.

null Beeld Collectie Armandomuseum
Beeld Collectie Armandomuseum

Mijn troepen wisten te ontkomen.

Ik weet nog precies hoe de Duitsers exerceerden. 't Was een intense harde tijd. 't Is niet reëel om te zeggen een jofele tijd, maar het idealisme van: na de oorlog wordt het geweldig, was er toch maar. Ik had op m'n 16de, 17de het gevoel ouwelijker te zijn, je zat in de zwarte handel, in de muziek, op school, de andere jongens die de bink in me zagen.

Ik heb altijd veel getekend, voor schilderijen had ik geen geld. Ik had ook nooit tijd on huiswerk af te maken in de oorlog, ben gestopt en na de oorlog opnieuw begonnen met schoolwerk, overdag - 's avonds en 's nachts speelde ik muziek. Avond aan avond ging ik om drie uur naar bed, maakte vechtpartijen mee, er werd gekeesd, die hele oorlogssfeer is erg belangrijk geweest.

Mijn uniform is bezaaid met hoofden.

Felle industriële kleuren en veel zwart. Waarom? Omdat het intensiteit heeft, stoer is sterk. Dat vind ik goed: sterke dingen. Wat zijn de dingen die ik mooi vind als ik op straat loop? Graafmachines, spoorwegemplacementen, kazernes, startbanen met grote cijfers.

Wat kan dat opleveren
niks
een kunstwerk en verder niks
dat vind ik genoeg.

Mijn boksgedichten, het zijn geen collages, ik heb geen woord geschreven, het is ­helemaal niet van mij, geen commentaar ook. Omdat het voor mij zó de kick had. Sport, gewoon, leven.

ik kom van links hij komt van rechts
ik ga binnendoor ik pak 'm,

Zo onbenullig mogelijk, niet omdat ik het mooi of gek vind - daar kun je met geen happening, geen toneelstuk, geen gedicht tegenop. De spreektaal, dat is toch het mooist met al die versprekingen.

Nam je een bankrekening om zo'n raar bankgebouw binnen te kunnen gaan.

Autobanden laten komen
mensen stedelijk museum laten ophangen
ze hadden 't prachtig gedaan.

Regelmaat emplacementen
grote binnenterreinen van kazernes
dodelijke, kille regelmaat.

Het mooiste is toch wel, als het stoplicht op rood gaat bij een kruispunt en alle auto's staan stil. Dan moet je eigenlijk de tekst hebben die dan gesproken wordt, dat is het mooiste moment. Of twee mensen die elkaar tegenkomen en iets zeggen. Een oud mokkel, dat zit te vertellen hoe ze haar eten heeft klaargemaakt, opeens denk je: ­Jezus, wat goed.

Maatpakken,
allicht.

Uiterlijk alleen een oog,
2 j. nodig gehad om daar uit te raken.

Het landschap dat laat gebeuren.
De natuur is zeer ongeïnteresseerd.

Heel eenvoudig
praat met mensen
en hoor ze uit.
Ze zullen dingen verzwijgen maar de belangrijke dingen
krijg je al snel te horen.

Ik kwam hem een keer tegen in de Rue de Rivoli in Parijs. De volgende dag zag ik 'm weer, zonder dat we iets hadden afgesproken, in een kleine galerie, met werk van Bonnard. 'Vroeger was ik daar nooit heen gegaan. Nu kijk ik hoe hij het doet.'

Rijp van rouw,
schamele aarde,
niet iets beschrijven, het moet dat iets zijn.

Ernst. Aanval zonder hoop op het verleden
tot rust,
geen blijvende rust.

'...krijgt Armando geen boek',
bei dir war is immer so schön.

Op deze plek is een gesprek begraven,
en het ontstoken gebied werd verboden.

Daar heb je hem ook,
een papegaai op rolschaatsen.

De blindheid van de stilte.

Lees ook: Kunstenaar Armando (88) overleden

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden