PlusInterview

Sophie Tak schreef ‘een explosief boek’: ‘Ik hou van bombastische dingen’

In Phineas’ feest, de debuutroman van Sophie Tak, komen vijf gezinsleden aan het woord. Twintig jaar na het uiteenvallen van hun gezin, laten de mentale problemen van zoon en broer Johannes nog altijd hun sporen na.

Sophie Tak: ‘De personages zaten lang in mijn hoofd.’ Beeld Ruud Pos

Johannes is geestesziek en verstoort met zijn explosieve gedrag de levens van zijn vader, moeder en zijn twee zussen. Ieder van hen gaat heel anders met de situatie om, en het gezin wordt compleet ontwricht.

De roman Phineas’ feest is opgedeeld in vijf delen. Steeds is er een ander gezinslid aan het woord. Zo wordt duidelijk dat twintig jaar na de uiteenvalling van het gezin de gevolgen van de gebeurtenissen nog goed merkbaar zijn in het doen en laten van alle karakters. Vader Hilmar heeft zich teruggetrokken in de natuur, moeder Tanneke komt haar bed niet meer uit, Johannes’ grote zus Adelien focust zich op haar baan in de wetenschap en de jongste zus Lea houdt zich bezig met haar steeds groter wordende gezin. Op het kraamfeest van Lea’s zoon Phineas komen de vijf weer bij elkaar.

Waarom besloot u over zo’n sterk disfunctionerend gezin te schrijven?

“Veel mensen kennen wel iemand zoals Johannes; iemand die moeite heeft met het leven zoals de meeste mensen dat leiden. Ik heb zelf altijd wel een voorkeur gehad voor mensen die twijfelen; mensen die hun best doen, maar het niet voor elkaar krijgen. Ik geef ook les op het volwassenonderwijs, daar zitten leerlingen die al een paar keer gestrand zijn, en ik voel me daar heel prettig bij. Het karakter van Johannes was ook het eerste personage dat in mijn hoofd kwam. Ik wist dat ik daar iets mee wilde, maar er was altijd wel een reden om niet aan het schrijven te beginnen.”

Wat is de aanleiding geweest om het boek uiteindelijk wel te gaan schrijven?

“Eigenlijk heb ik het altijd gewild. De personages uit Phineas’ feest zaten lang in mijn hoofd, maar ik deed er nog niets mee. Tot ik zeven jaar geleden op een avond mijn zoon aan het voeden was en met de baby geen kant op kon. Toen was het plotseling alsof alle puzzelstukjes samenvielen en begon het enorm te stromen. Ineens had ik het plot helemaal klaar. Ik ben gewoon gaan schrijven en uiteindelijk heb ik er vijf jaar over gedaan.”

De personages in Phineas’ feest zijn om de beurt aan het woord, dat vereist van u als auteur dat u in het hoofd moet kruipen van de, behoorlijk intense, karakters. Hoe heeft u dat aangepakt?

“Ik heb het boek personage voor personage geschreven. Iedere keer als ik overstapte op het volgende karakter was dat in het begin lastig, want ik vond het belangrijk dat ze allemaal een heel eigen stemgeluid kregen.

“Volgens mij is het verhaal van het hele gezin. Binnen een gezin ben je afhankelijk van elkaar en beïnvloed je elkaars ontwikkeling, ook als je elkaar hebt losgelaten, en om dat te laten zien wilde ik vanuit verschillende perspectieven schrijven. Ondanks dat het misschien zwaar is om te lezen, vond ik de uitbarstingen van Johannes overigens het makkelijkst om te schrijven.”

“Iemand kan een ander kwetsen zonder dat diegene zich daar bewust van is, ook dat is met verschillende perspectieven in een verhaal goed aan te duiden.”

Als lezer kun je je afvragen in hoeverre de personages, en vooral Johannes, betrouwbare vertellers zijn. Hoe heeft u een duidelijke verhaallijn tot stand gebracht door middel van vijf figuren die ieder hun eigen waarheid vertellen?

“Ik denk dat het daar juist om gaat. Ze hebben hun gezamenlijke geschiedenis allemaal anders beleefd. Vooral Johannes heeft vaak niet door wat er gebeurt, interpreteert situaties verkeerd. Vanuit andere personages heb ik brokjes informatie gegeven om de lezer weer op het juiste spoor te zetten. Maar dat is ook voor de goede verstaander, sommige lezers missen dat. Ik vind het interessant dat je veel zelf moet invullen, waardoor het voor iedereen een ander boek wordt. Daardoor wordt het boek groter dan zichzelf.”

Phineas’ feest bevat intense karakters en veel bijzondere gebeurtenissen. Het boek eindigt met een knal. Waarom koos u voor zo’n heftig slot aan het einde van een toch al heftig boek?

“Volgens mij ben ik iemand die van bombastische dingen houdt. Een klein en subtiel einde heb ik ook overwogen, maar dat werkte niet. Het is een explosief boek en moest ook zo eindigen. Misschien was het daardoor voor mij ook makkelijker om het verhaal los te laten na zeven jaar, een vervolg is met zo’n einde wat mij betreft ook niet meer mogelijk.”

“Met dit boek hoop ik een stukje mededogen mee te geven voor mensen bij wie het allemaal niet zo lukt, en ik heb al reacties ontvangen van mensen die in het hoofdstuk van Johannes niet door durfden te lezen, omdat ze het hem zo gunden dat het goed zou komen.”

336 blz, €21,99.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden