Filmrecensie

Songfestivalfilm is pijnlijk ongrappige draak

Het zit de Songfestivalfan niet mee dit jaar. Een afgelast festival in Rotterdam en nu blijkt de langverwachte Netflix-film Eurovision Songcontest: The Story of Fire Saga een pijnlijk ongrappige draak.

Will Ferrell als Lars Erickssong en Rachel McAdams als Sigrit Ericksdottir.Beeld Elizabeth Viggiano/NETFLIX

Aan het onderzoek vooraf heeft het niet gelegen. Acteur en scenarist Will Ferrell en tegenspeelster Rachel McAdams waren in 2018 in Lissabon om achter de schermen de wetten en eigenaardigheden van het Songfestival met eigen ogen te zien. Ze kregen er de officiële zegen voor hun film van levend festivalnaslagwerk Jon Ola Sand.

Ook de cast kreeg een flinke injectie met regenbooggekleurde Eurovisielevenselixer. BBC-ster Graham Norton kreeg een grote rol toebedeeld als commentator van de twee Eurovisie-uitzendingen waar de film om draait. En voor een grote meezingscène werd de recente Songfestivalgeschiedenis royaal binnenstebuiten gekeerd. Winnaars Netta (2018), Loreen (2012), Alexander Rybak (2009), Jamala (2016) en Conchita Würst (2014) galmen onder meer Waterloo en – waarom? – Believe van Cher mee. Duncan Laurence is absent (sloeg hij een uitnodiging wijselijk af?), maar zijn Zweedse en Franse concurrentie uit 2019 John Lundvik en Bilal Hassani doen wel mee.

Met hun over the top singalong is meteen het enige echt leuke moment uit Eurovision Songcontest: The Story of Fire Saga genoemd. Verder is de film vooral een ode aan de pijnlijk ongrappige humor van Ferrell, die merkbaar de knipoog van het Songfestival totaal niet heeft begrepen.

Wel heeft hij een vreselijk over-geacteerd liefdesverhaaltje bij elkaar gepend en tegen het edelkitsch-decor van het Songfestival geplaatst. Daarbij is hij geheel vergeten dat de humor van het festival zit in de absurde cocktail van nationale trots, wansmaak en de onmogelijkheid muziek in een wedstrijd te vangen. En dus niet in de trucjes van een acteur die zichzelf in zijn script veel te veel ruimte heeft gegeven.

Lachertje

Ferrell speelt IJslander Lars Erickssong (Niet Ericksson, maar Erickssong dus. Argh.). Hij worstelt met zijn eenzame positie als enige Eurovisiefan in een afgelegen vissersdorpje. De enige die hem begrijpt is jeugdvriendin Sigrit, met wie hij het hopeloze muziekduo Fire Saga vormt. Door een samenloop van omstandigheden overleeft het tweetal de nationale voorronden en komt in de eindstrijd in Edinburgh terecht.

Uiteraard zijn de twee het lachertje tussen de andere camp-inzendingen zoals de zingende zombies uit Wit-Rusland en de strippende astronauten uit Griekenland. Die overdrijving is raak getroffen. Net als bij de Russische inzending, een in-de-kast-macho die omringd door halfnaakte mannelijke dansers toch zingt op zoek te zijn naar zijn ‘koningin’.

Ondertussen zucht Lars onder de afwijzing door zijn stugge vader (Pierce Brosnan met een Scandinavisch accent) en zijn nooit uitgesproken liefde voor Sigrit. De uitkomst ziet iedereen uiteraard van mijlenver aankomen. Maar dat is het punt niet. Het punt is dat er in het geheel geen punt is in deze Eurovisiedraak, waarin zelfs Graham Norton niet één keer geestig is.

The Story of Fire Saga is een combinatie van de meest belegen delen van Austin Powers, de smakeloosheid van een doorsnee Eurovisie-inzending uit het Oostblok en de puntentelling in een halverwege al besliste Songfestivalfinale. Heel, heel even grappig, maar daarna vooral een ellenlange zit.

Eurovision Songcontest: The Story of Fire Saga gaat vrijdag in première op Netflix.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden