PlusInterview

Schrijver Renée Kapitein: ‘Coming-of-ageverhalen gaan anno 2020 niet op’

Waarom we huizen bouwen.

In april debuteerde Renée Kapitein (33) met Waarom we huizen bouwen, een coming-of-ageroman over verbouwingen en caravans. ‘Als je dertig wordt, vindt iedereen dat je je leven op orde moet hebben.’ 

‘Ik heb het altijd fascinerend gevonden dat mensen zelf huizen bouwen,” zegt Renée Kapitein. Ze zit aan een picknicktafel waarvan sommige planken vervaarlijk ­wiebelen als je erop plaatsneemt. Achter haar dobbert haar – niet zelfgebouwde – woonboot. “Dat lijkt me gewoon zo’n enorm en ­onoverzichtelijk project. Hoe krijg je dat in godsnaam voor elkaar als je geen bouwvakker of architect bent?”

In haar debuutroman Waarom we huizen bouwen geeft Kapitein een fictief antwoord op die vraag. Ze vertelt het verhaal van Anna, een dertiger die in Amsterdam woont zonder enige vorm van vastigheid. Anna slaapt in woningen die ze tijdelijk onderhuurt of op de bank bij kennissen. Ook haar laatste halfjaarcontract bij een hippe verzekeraar loopt binnenkort weer af. Intussen hebben al haar oude vrienden een goede baan en beginnen ze steeds vaker over kinderen. Wanneer Anna op een onalledaagse avond Bor ontmoet, ontstaat er meteen een intieme relatie tussen de twee. Ze besluit bij hem ‘in de rij’ te gaan staan voor een eigen stuk grond. ­Samen beginnen ze vervolgens aan de bouw van Bors droomhuis.

Waar komt het idee voor uw roman vandaan?

“Ik ben zelf, net als Anna, vaak verhuisd. Toen ik samen met mijn vriend voor de zoveelste keer op zoek moest naar een nieuwe woning, stuitten we per toeval op een groep mensen die op Zeeburgereiland aan het kamperen waren. Zij bleken daar in de rij te staan voor een stuk grond of een ligplaats voor een woonboot. Ik heb onmiddellijk mijn ouders gebeld en die kwamen toen een camper brengen zodat wij achteraan konden aansluiten.”

“In die rij golden wel wat regels. Zo mocht je maximaal een halfuur per dag weg van je caravan of tent, anders was je je plek kwijt. De ene keer heerste er dus een gezellige campingsfeer en de andere keer moesten we stemmen of iemand die een uur weggeweest was, mocht blijven of niet. Het was zo vreemd allemaal, maar de hele tijd dat we daar waren, dacht ik: hier zit een verhaal in.”

Anna lijkt er maar niet in te slagen volwassen te worden. Wat betekent het volgens u om volwassen te zijn?

“Tja. Voor mij betekent het dat je accepteert dat het leven niet te voorspellen is, en dat je een manier vindt om daarmee om te gaan. Ik heb het gevoel dat de samenleving verwacht dat je als volwassene alles in je leven helemaal onder controle hebt. Zeker als je de dertig eenmaal aantikt, vindt iedereen dat je het ondertussen wel een beetje op orde mag hebben.”

“De klassieke coming-of-ageverhalen gaan ook vaak over mensen die een jaar of achttien zijn en aan het einde van een avontuur hun ontwikkeling hebben voltooid. Dat is in het echt, vooral voor jonge mensen in de stad anno 2020, vaak niet het geval. Die doen er langer over om zekerheid in hun leven te vinden. Dat wilde ik in mijn boek naar voren brengen.”

Dit is uw eerste roman. Hoe verliep het schrijfproces?

“Ik ben opgeleid voor het schrijven van toneel en ben het dus gewend om korte, snelle scènes te maken. Het was in het begin daarom best moeizaam om stukken uitgebreider uit te werken. Ik wilde de hele tijd door naar de volgende stap.”

“Hoewel het verhaal al sinds de campingrij in mijn gedachten zat, wist ik nog niet hoe het een geheel zou moeten vormen. Ik had allemaal losse beelden in mijn hoofd die ik graag in het boek wilde hebben, maar waarvan ik niet precies wist hoe. Zo zag ik Anna in haar caravan voor me, kon ik de regimeachtige trekjes van de rij terughalen en hoorde ik het geklapper van een plastic zeil tegen de constructie van een huis in constructie. Af en toe probeerde ik op enorme vellen papier uit te tekenen hoe de verhaallijn zou moeten lopen om het allemaal kloppend te maken. Op die momenten voelde een boek schrijven wel een beetje zoals het bouwen van een huis volgens mij moet voelen: als een project dat je pas weer kunt overzien als het bijna af is.”

Renée Kapitein: Waarom we huizen bouwen. Ambo|Anthos, 264 blz. €20,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden