PlusInterview

Schrijver Pierre Jarawan: ‘Eigenlijk heeft Libanon geen geschiedenis’

Dinsdag verschijnt Lied voor de vermisten, de tweede roman van de Duits-Libanese schrijver Pierre Jarawan. En Libanon heeft huiveringwekkend veel vermiste mensen.

Pierre Jarawan.Beeld Marvin Ruppert

Het is februari 2017 als Pierre Jarawan (1985) Facebook opent en een foto ziet van een taart, geplaatst door zijn uitgever. Op de taart staat de voorkant van zijn debuutroman, in een taal die hij niet kent. Verbaasd informeert hij naar de toedracht. Zijn uitgever legt uit dat De zoon van de verhalenverteller door een panel deskundigen van het Nederlandse tv-programma De Wereld Draait Door is gekozen als boek van de maand, een aanprijzing die geldt als het literaire equivalent van de jackpot winnen. 

“Dat was onwerkelijk,” vertelt hij. “Mijn debuut was in Duitsland al uitgegroeid tot bestseller, maar werkelijk niets wees erop dat hetzelfde zou gebeuren in Nederland. Ik zou graag zeggen dat ik het te danken heb aan mijn unieke talenten, maar volgens mij laat het vooral zien hoe afhankelijk je als schrijver bent van geluk.”

Toen Jarawan drie was verhuisde hij met zijn Libanese vader en Duitse moeder naar Duitsland. Iedere zomer bezochten ze Libanon, eenmaal terug in Europa vertelde zijn vader voor het slapengaan over het land van herkomst. “Hij kon zo over een geur uitweiden dat ik Libanon echt rook. Dat wilde ik ook kunnen.”

Jarawan begon te dromen van het schrijverschap. Toen hij zestien was maakte hij zijn ­eerste boek (‘heel slecht’), roman twee volgde twee jaar later (‘nog steeds heel slecht, ik ben blij dat niemand ze ooit zal lezen’). Pas na ruim een decennium, waarin Jarawan enige bekendheid verwierf als slamdichter, waagde hij een derde poging.

Tweede generatie

“Ik had inmiddels een verhaal te vertellen,” zegt hij daarover. “Over de worsteling van de tweede generatie migranten. Zij hebben vaak het gevoel dat ze worden verscheurd tussen twee landen. In het land waar ze opgroeien krijgen ze te maken met racisme en xenofobie, het land van hun ouders kennen ze vooral uit verhalen, die net zo goed geromantiseerde fabels zouden kunnen zijn. Ze vragen zich continu af: wat is thuis? Waar hoor ik?”

Hij spreekt nadrukkelijk niet over ‘wij’, maar over ‘zij’. “Ja, omdat veel problemen mij bespaard zijn gebleven. Ik ben enorm geprivilegieerd. Mijn moeder is Duits, je ziet niet aan mijn gezicht dat ik Libanese wortels heb. Het is anders voor mensen met bijvoorbeeld twee Turkse ouders.”

Aan zijn eerste gepubliceerde roman, De zoon van de verhalenverteller, over een Duitse migrantenzoon die op zoek gaat naar zijn vermiste Libanese vader, ging jaren research vooraf. Het resulteerde in een ambitieuze poging de verwarrende geschiedenis van Libanon inzichtelijk te maken. “Tijdens de burgeroorlog, die duurde van 1975 tot 1990 en 120.000 mensen het leven kostte, bevochten achttien religieuze milities elkaar. Met als gevolg dat er achttien verklaringen zijn. Iedereen wijst naar een ­ander.”

Het vredige land dat Jarawan leerde kennen op vakanties en uit de verhalen van zijn vader, bleek niet te bestaan. “Over het hoe, wat en waarom van die afschuwelijke periode bestaat geen consensus. Eigenlijk heeft Libanon helemaal geen geschiedenis, maar een verzameling navertellingen die haaks staan op elkaar.”

Burgeroorlog

Het land staat wederom centraal in zijn vandaag verschenen tweede roman, getiteld Lied voor de vermisten, want dat zijn er in Libanon huiveringwekkend veel. “In de burgeroorlog zijn 17.000 mensen verdwenen. En dat op een bevolking van nog geen 7 miljoen. Hun families strijden nog elke dag voor antwoorden, maar de rest van het land zwijgt. Het is een taboe. De macht ligt vaak bij mensen die vrienden of familie zijn van de daders.”

Lied voor de vermisten speelt zich af in 2011, als de Arabische Lente ook Libanon bereikt. Het noopt hoofdpersoon Amin, een dertiger die na de dood van zijn ouders het land uit vluchtte maar nadien terugkeerde, een poging te doen zijn vaak gruwelijke herinneringen op een rijtje te zetten.

“Ik wilde een roman schrijven waarin de politieke realiteit nog nadrukkelijker doorklinkt. Op mijn debuut ben ik trots, het heeft ervoor gezorgd dat ik kan leven van mijn werk, maar ik denk dat ik sindsdien volwassener ben gaan vertellen. Eerst gebruikte ik hele pagina’s om een detail te beschrijven, terwijl ik er nu maar een alinea voor nodig heb. Ik heb geleerd niet alles voor de lezer in te vullen. De vorige keer schrapte ik amper, nu zijn er 350 pagina’s uitgebeiteld – een volwaardig boek.”

De toch al tumultueuze geschiedenis van ­Libanon heeft er inmiddels een paar hoofdstukken bij gekregen. De economie staat op instorten, door corruptie die al decennia voortduurt. Afgelopen oktobter ontstond onrust, toen de regering een belasting aankondigde op telefoongesprekken via WhatsApp of Facetime. “Diezelfde overheid stelt ondertussen niet genoeg geld beschikbaar om de vele bosbranden te blussen.”

Toch ziet Jarawan ook een lichtpunt: “Dit is de eerste keer dat Libanezen van verschillende religies schouder aan schouder de straat op gaan. Vroeger was dat ondenkbaar. Laten we hopen dat die saamhorigheid blijvend is.”

Fictie Pierre Jarawan Lied voor de vermisten Vertaald door Lilian Caris, ­HarperCollins, €22,99, 416 blz.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden