Kees van Beijnum is naar eigen zeggen een ‘keurige, nette man’ geworden.

Plus Interview

Schrijver Kees van Beijnum: ‘Het lag voor de hand drugsverslaafde te worden’

Kees van Beijnum is naar eigen zeggen een ‘keurige, nette man’ geworden. Beeld Bart Domhof

Voor zijn nieuwe roman 23 seconden ging Kees van Beijnum (65) terug naar de plekken van zijn jeugd: de Wallen. Daar keert ook zijn hoofdpersoon Anne, 20 jaar na de moord op haar moeder, terug.

Hij zit in een hoekje van café De Zeevaart op de hoek van de Korte Niezel en de Oudezijds Achterburgwal, midden op de Wallen. Kopje thee voor zich, met het zakje nog in het water. Als het een filmscène was, zou nu de titel op het scherm verschijnen: De terugkeer van Kees van Beijnum.

“Mijn hoofdpersonage, de schrijver Anne Lieftinck, keert na twintig jaar terug naar de Wallen, waar ze haar jeugd doorbracht met haar moeder, die prostituee was. Haar moeder is in hun huis vermoord en Anne heeft besloten een boek te schrijven over wat er precies is gebeurd toen.”

Intrigerend

Dat is de kern van Van Beijnums nieuwe, goed geschreven en intrigerende roman 23 seconden. Hij keerde dus zelf ook terug naar de Wallen, waar hij al over schreef in zijn doorbraak­roman Dichter op de Zeedijk uit 1995.

“Ik ben, in tegenstelling tot Anne, altijd graag teruggegaan naar deze plek. Ik heb ook geen traumatische jeugd gehad. Zal ik dat nog eens in het kort vertellen? Mijn moeder had een hotel in de Warmoesstraat, op nummer 15, café-hotel Centrum. Mijn oma had hier om de hoek café Emmelot, en daar schuin tegenover aan de gracht café-hotel The Crown. Mijn moeder was helemaal niet van plan in dat milieu verzeild te raken, die had met mijn vader heel andere plannen. Maar mijn vader kwam heel jong, al op zijn 34ste, te overlijden. Toen was mijn moeder plotseling weduwe, met twee jonge kinderen. Ze raakte behoorlijk in een crisis en toen heeft mijn oma geregeld dat ze café-hotel Centrum konden betrekken. Vanaf toen speelde mijn jeugd zich verder af in de Warmoesstraat. Mijn moeder heeft best een risico genomen, dacht ik later, net als die moeder in de ­roman.”

Ook Anne wil in 23 seconden verder, weg van een bestaan waarin ze al vroeg aan een raar soort leven werd blootgesteld. Op die jeugdige leeftijd ging ze zich afvragen hoe ze zich moest verhouden tot die rare wereld van hoeren, pooiers, vechtersbazen, hoerenlopers en alles wat er verder op de Wallen rondliep.

“Dat heb ik op haar geprojecteerd. Ik werd al vroeg blootgesteld aan de grote dingen van het leven, zoals verraad, liefde, geluk, eenzaamheid. Ik kreeg die in een hevige, geconcentreerde dosis toegediend, waardoor ik vrij vroeg in mijn puberteit het gevoel kreeg dat ik voor een grote keuze stond: ga ik hierin mee, in deze wereld en in deze moraal, of is er een leven dat zich ergens anders afspeelt?”

Van Beijnum vreesde weleens dat zijn pad op de Wallen lag, en dat dat pad hem daar niet buiten zou voeren. “Achteraf gezien denk ik dat het meer voor de hand had gelegen als ik drugsdealer of drugsverslaafde was geworden. In die jaren waren drugs heel dominant in deze buurt. Ik denk dat ik voelde dat ik daar toch van moest wegblijven. Ik ben een heel keurige, nette man geworden. Tot op de dag van vandaag, haha.”

Kantelpunt

Hij kan zich een gebeurtenis herinneren die een kantelpunt in zijn leven vormde. “Toen ik een jaar of 18 was, kende ik een heleboel jongens uit deze buurt. Maar ik ging ook met een andere groep jongens om, want mijn moeder had een huis buiten Amsterdam gekocht, in Landsmeer. Met die jongens was ik op een avond naar Het Okshoofd geweest, een bekende nachtkroeg. Ik stond om vijf uur buiten en zag een van mijn vrienden uit Amsterdam staan – met een lange, ­leren jas aan, stoned. ‘Hé Kees, leuk om je te zien, man. We gaan met z’n allen nu in een busje naar het strand, de zon zien opkomen en feest maken, ga je mee?’ Er waren leuke meisjes bij.”

“Ik stond te dubben: zal ik meegaan of niet? Toen zei hij: ‘We hebben ook horse bij ons’. Heroïne. Ik voelde meteen: in deze auto moet ik niet stappen. Ik ben met mijn vrienden teruggegaan naar Landsmeer. Dat is een van de belangrijke, goede beslissingen in mijn leven geweest. Het had gevaarlijk kunnen worden. Ik had in die tijd al een vriend die verslaafd was geraakt, en het was me niet gelukt hem eruit te trekken.”

Hoer als moeder

Hij kijkt uit het raam. Het idee voor dit boek werd geboren in zijn jeugd, toen hij een vriendje had dat vaak op de Wallen was te vinden. “Waarom was me niet helemaal duidelijk, want hij woonde niet hier. Op een dag nam hij me mee naar een huis in een steegje bij mij om de hoek, met beneden een rood verlicht raam. We gingen naar één hoog, daar zat zijn moeder. Ik kende die vrouw, want die zat altijd achter dat raam. Toen wist ik het. Ik vroeg me toen al af hoe dat voor hem moest zijn, met een moeder die de hoer speelt. Kennelijk is die vraag altijd blijven hangen.”

Een vraag die terugkeerde op het moment dat Van Beijnum iets anders wilde schrijven, een spannende roman, en dat hij de vorm van een thriller wilde gebruiken en zich ook min of meer aan de spelregels van het genre wilde houden (vanwege spoilergevaar verder niets over de inhoud).

“Maar niet met politielinten en een detective of zo. Het is toch vooral een psychologische roman. Over het falen van het geheugen. Wie reconstrueert het werkelijke verhaal? Dat verhaal valt samen met het thema identiteit. Wie ben je, waar kom je vandaan? Wat is mijn pad? Precies wat ik me destijds op achttienjarige leeftijd ook afvroeg.”

Kees van Beijnum: 23 seconden. De Bezige Bij, 390 blz, €22,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden