PlusInterview

Schrijver Claire Lombardo: ‘Het voelde of ik elk moment kon worden ontmaskerd’

Claire Lombardo schreef met De mooiste tijd van ons leven een epische familieroman met een zwart randje. Want het is niet alles goud wat er blinkt bij dat ogenschijnlijke modelgezin in die witte buitenwijk.

Beeld Getty Images

Achthonderddertien pagina’s telde haar manuscript aanvankelijk en het was ­ongelooflijk messy, zegt Claire Lombardo (30) over wat haar ­debuutroman – en nog altijd een stevige pil – De mooiste tijd van ons leven zou worden. Toen ze eraan begon was het nog helemaal niet met het oogmerk uitgegeven te worden. Hoe het leven een keer kan nemen, bewijst haar aanwezigheid op de Buchmesse van Frankfurt, waar het interview plaats heeft.

Lombardo, van Italiaans-Ierse afkomst, werkte als familie- en kindertherapeut en deed een vervolgstudie maatschappelijk werk toen ze het idee kreeg voor een episch familieverhaal à la haar lievelingsboek, de drie generaties overstijgende roman Middlesex van de Grieks-Amerikaanse Jeffrey Eugenides.

Haar broer en drie zussen vonden het idee maar niks. “Ik ­bezwoer ze dat het niet autobiografisch zou worden, maar ze waren toch een beetje beducht.”

Haar vader grapte: “Alleen als ik vetorecht krijg.”

En toen overleed haar vader plotseling. Ze was 24, nakomertje in het grote gezin waar ze, met de oudere kinderen het huis uit, praktisch als enig kind was opgegroeid.

De dood van haar vader zette haar leven op z’n kop. “Er kwamen van die typische existentiële vragen bij me op: doe ik wel met mijn leven wat ik wíl doen? Ik heb mijn studiejaar nog afgemaakt, maar daarna heb ik mijn moeder gebeld om te zeggen dat ik ermee ging stoppen om me echt op dat boek te kunnen storten. Want het schrijven, merkte ik, schonk me vreugde in een tijd dat er niet veel vreugde was. Ik wilde de sprong wagen.”

Ze nam al haar spaargeld op en meldde zich aan voor een beurs voor verschillende schrijversopleidingen. “Iedereen raadde het me af: ‘De boekenwereld is zo grillig’, ‘De kans dat je boek wordt uitgegeven zo klein – laat staan de kans dat je ervan kan leven’. Alleen mijn moeder was optimistisch en opgewonden.”

Grootste geschenk

In afwachting van de uitslag verhuisde Lombardo ­terug naar haar ouderlijk huis in Chicago waar ze werkte als oppas en uitzendkracht. “Ik voelde me ontzettend ellendig, maar ’s avonds schreef ik als een gek. En toen kwam het nieuws dat ik was aangenomen – nota bene bij de Iowa Writers’ Workshop van de Universiteit van Iowa, het hoogste waarop ik had ingezet. Ik had twaalf universiteiten aangeschreven en op het laatst dacht ik: God zegen de greep, ik stuur ook een aanvraag naar Iowa. Het was de eerste keer dat ik genoeg geld had om van te kunnen leven en alleen maar te hoeven schrijven. Dat is het grootste geschenk dat je als schrijver kunt krijgen.”

Lombardo doceert er nu zelf, in het voetspoor van leermeester Ethan Canin die haar hielp haar wijdlopige, nog plotloze en woest door de tijd springende manuscript van structuur te voorzien. 

Middlesex van Eugenides, over een Griekse immigrantenfamilie in Detroit, heeft met de hoofdpersoon en verteller die in de jaren zestig als tweeslachtige wordt geboren een fantastisch uitgangspunt. Zoiets opzienbarends heeft mijn boek niet, het is ook meerstemmig geschreven. Maar ik wilde wel zoals Middlesex een boek schrijven waarvan de personages echt lijken te bestaan en deel lijken te gaan uitmaken van je eigen leven. Schrijven over Marilyn en David ­Sorenson, over de ontwikkeling van hun relatie en hun gezin en de verhalen van hun vier dochters, was voor mij na de dood van mijn vader haast therapeutisch, het was een manier om hem en de liefde tussen mijn ouders levend te houden.”

Claire Lombardo

U heeft het boek ook opgedragen aan uw ­ouders Tony en Sally Lombardo. De liefde tussen Marilyn en David is zo groot dat hun dochters zich minder gezien voelen. Speelde dat bij u thuis ook?

“Marilyn en David zijn tot op zekere hoogte op mijn ouders gebaseerd. Hun relatie was enorm hecht en hun wederzijdse affectie voelbaar; ze hadden samen vijf kinderen grootgebracht, goede en slechte tijden doorgemaakt, ze vonden het fijn samen te zijn. Ik wist niet dat dat ook heel anders kan zijn. Maar ik zie nu wel dat het voor ons als kinderen bepalend is geweest, we leggen de lat daardoor hoog.”

“In het boek vraagt dochter Liza, die zwanger raakt in een wankele relatie, zich af hoe haar ouders het allemaal zo goed voor elkaar hebben gekregen. Haar oudere zus Violet streeft een soortgelijk gezinsleven na als dat van haar ouders, maar krijgt dat niet voor elkaar. De oudste zus, Wendy, lijkt alles voor de wind te gaan tot het kaartenhuis instort. De jongste, Grace, durft de leegte van haar leven niet op te biechten. Niets is een op een met de levens van mijn zussen en broer en mij, maar dat grote voorbeeld van mijn ouders is wel vormend geweest en tegelijk iets waar we allemaal mee moesten leren omgaan.”

Wat vonden ze uiteindelijk van uw boek?

“Mijn broer is erg blij dat er geen broer in zit. Hij is heel erg gereserveerd. Maar ik wilde David ook per se neerzetten in een huishouden met alleen maar vrouwen en de dynamiek tussen die zussen laten zien – want zussen kunnen op een unieke manier wreed zijn tegen elkaar, echt psychologische oorlogsvoering. Een van mijn zussen heeft overigens meegelezen toen ik aan het schrijven was. Dat was voor mij een goede test, een bevestiging dat ik het verhaal genoeg had ontkoppeld van ons gezin.”

“Ik raad iedereen onder de zeventig trouwens af zijn of haar memoires te schrijven. Daar heb je een groot ego voor ­nodig en met zo’n grote familie als de mijne zou je vooral discussie krijgen van wie welk verhaal is en of je dat al dan niet mag gebruiken. Daar wilde ik niet aan beginnen, het ging mij om de algemene thematiek.”

Er is in Amerika nogal heftig gereageerd op het feit dat Marilyn en David tot op hoge leeftijd seks met elkaar hebben. Toch een taboe?

“Misschien betrekken mensen het op zichzelf en zijn ze er jaloers op dat Marilyn en David nog een goed seksleven hebben en zich tot elkaar aangetrokken voelen. Maar zo veel seks zit er nou ook weer niet in. En de seks die ik beschrijf, is nou ook weer niet zo heftig, het is heel huiselijk en vertrouwd.”

Misschien zit het in de scène dat de kinderen, als ze nog thuis wonen, hun ouders op de bank betrappen. Dat is toch een beetje een nachtmerriescenario: je ouders die aan seks doen.

“Ha! Ja, dat is zo natuurlijk. Eerst was het ook nog de openingsscène van het boek, maar ik heb de volgorde omgegooid. Ik wilde liever beginnen met een scène waar ­iedereen in aanleg al inzit – ook kleinzoon ­Jonah, die als baby is afgestaan en pas in hun leven komt als hij vijftien is. Jonah heeft geleidelijk aan een steeds prominentere rol in het boek gekregen. Het is zijn entree in hun leven die de hele familie opschudt, hij is de katalysator.”

Uw boek verschijnt nu internationaal. Wanneer besefte u dat u echt iets in handen had?

“Eind 2016. Ethan Canin gaf me bij wijze van kerstcadeau een stukje paars piepschuim. Ik snapte er helemaal niets van, wat moest ik ermee? Hij bleek zelf van die piepschuimen platen te gebruiken om er zijn schrijfprojecten op uit te zetten. Het was zijn manier om te zeggen dat het me zou gaan lukken. Ik ben daarna een agent gaan zoeken, want ik wilde dat ook iemand met een kijk op de markt het manuscript zou lezen. Ellen Levine van Trident, die wekelijks honderden manuscripten krijgt toegestuurd, zag er wat in al was mijn pitch ronduit beroerd. Het voelde of ik elk moment kon worden ontmaskerd.”

Hoe kwam dat? U had toch maar mooi die beurs gekregen.

“Misschien doordat veel van mijn klasgenoten in Iowa door de jaren heen zo veel meer gelezen en geschreven hadden dan ik met mijn ­rare carrière. Dat maakte me onzeker, ik voelde me een bedrieger, al kijk ik daar nu heel anders tegenaan. Ik zeg nu zelf tegen mijn studenten dat ze vooral ook iets anders moeten gaan doen, dat ze zich buiten die veilige academische wereld moeten begeven. Want ze kunnen dan misschien wel prachtig proza schrijven, maar een goed verhaal heeft ook hart en ziel nodig.”

“Ik ben gestopt met mijn opleiding en heb allerlei baantjes moeten aannemen. Ik wist wat het was om je zorgen te maken over de huur – al had ik dan geen Proust gelezen. Ik had ook met daklozen gewerkt. Ik moest intakegesprekken houden voor een juridisch netwerk, doodeng vond ik dat eerst, maar zo heb ik geleerd met mensen te praten over heel gevoelige privé-omstandigheden. Want mensen die aan de zelfkant van het bestaan leven, hebben niet de luxe van discretie, die moeten alles op tafel gooien om hulp te kunnen krijgen. Door hun verhalen ben ik veel gaan nadenken over de verschillende soorten trauma die mensen en hun leven oplopen en ben ik veel invoelender geworden.”

Uw personages worden inderdaad allemaal op enigerlei wijze geraakt door het leven. Maar u bent ook beschuldigd van het uitventen van ‘white privilege’ – want uw boek gaat over een wit gezin in de witte buitenwijken.

“Mensen zeiden zelfs: hoe is het mogelijk dat dit anno 2019 nog kan worden uitgegeven! Maar het is nou eenmaal het verhaal van een, inderdaad witte, familie met weinig randfiguren. Het heeft niets te maken met onwetendheid mijnerzijds. Maar mijn standpunt is: als je weet wat je wilt schrijven en je doet dat met overgave en met empathie, gaat het er niet om of het ook ‘provoceert’ of ‘nieuw’ is. Je eigen emotionele beweegredenen zijn de sleutel.”

“De Sorensons zíjn geprivilegieerd, ze slagen erin de middenklasse te ontstijgen, maar het is hen niet komen aanwaaien.En die atmosfeer van suburbaan Amerika vind ik nou eenmaal fascinerend. Er is me gevraagd of ik in mijn volgende boek meer diversiteit zal nastreven. Maar ik heb geen thema’s of een politieke agenda. Ik laat me inspireren door de personages en hoe die zich ontwikkelen.”

Die personages kunnen zelfs niet-menselijk zijn. In het boek is een belangrijke rol weggelegd voor een boom.

“Het is een ginkgo biloba, een Japanse notenboom, een boom met veel symboliek. Hij staat voor eenheid, hoop, tijdloosheid, een lang leven. En die boom, in de tuin van het huis van Davids vader waar het gezin later gaat wonen, is als het ware toeschouwer, getuige in het middelpunt van hun leven. Maar het is ook een boom die van binnenuit wegrot, zoals het ook de familie in zekere zin vergaat. Ik heb gespeeld met die interactie tussen boom en mensenlevens om te laten zien dat het perfecte plaatje vaak bezijden de waarheid is. Ook de ogenschijnlijk perfecte relatie van Marilyn en David is niet perfect, niemand is perfect. Maar dat mag ook, het is oké. Mensen laten zich door de titel – De mooiste tijd van ons leven – soms op het verkeerde been zetten. Hij is eigenlijk vooral bedoeld als zwarte humor.”

Claire ­Lombardo - De mooiste tijd van ons leven. Vertaald door Anen Jongeling en Carla Hazewindus. Signatuur, €24,99, 640 blz.Beeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden