PlusInterview

Schrijfster Nikki Dekker: ‘Pas als we ons verdiepen in andere wezens, weten we wie we zelf zijn’

Nikki Dekker (33) schreef haar debuutroman Diepdiepblauw. Over ‘mensendingen’ zoals miscommunicatie en over dieren die ons leren over onszelf. ‘Mensen vinden vissen kil, omdat ze onaaibaar zijn.’

Maaike Lange
Nikki Dekker: 'De octopus is waanzinnig. Onvoorstelbaar dat er mensen zijn die ze opeten.'  Beeld Keke Keukelaar
Nikki Dekker: 'De octopus is waanzinnig. Onvoorstelbaar dat er mensen zijn die ze opeten.'Beeld Keke Keukelaar

Nikki Dekker zit in een hotelkamer in Madrid. Ze heeft een jaar in Spanje gestudeerd en voelt zich er op haar plek. Het ruikt er naar thuis, zegt ze, meer zelfs dan in het dorp Leusden waar ze is geboren en opgegroeid. In Madrid doet ze mee aan een project waarbij fragmenten uit romans van kleine landen tegelijkertijd in tien talen worden vertaald, zoals in het Tsjechisch, Pools en dus in het Nederlands. Dekkers net verschenen debuutroman Diepdiepblauw doet ook mee.

In korte fragmenten spiegelt de biseksuele hoofdpersoon – vrouw, hoogopgeleid, begin dertig, naam onbekend – haar leven niet alleen aan dat van haar vrienden en partners, maar ook aan vissen en andere onderwaterschepsels. “Vissen zijn intrigerend,” zegt Dekker. “Pas als we ons verdiepen en verhouden tot andere wezens, zoals vissen, leren we meer over wie wij zijn.”

U leeft al zes jaar van schrijfwerk. Sinds wanneer voelt u zich schrijver?

“In 2016 stopte ik met mijn dagelijkse werk als webredacteur van de VPRO en ben ik meer gaan schrijven en radiodocumentaires gaan maken. Je bent een schrijver als je schrijft. In het literaire tijdschrift Tirade publiceerde ik al toen ik 23 was. Tegelijkertijd heb ik van kinds af aan zo’n respect voor boeken, dat het lang duurde voor ik geloofde dat ik zelf een boek zou kunnen schrijven. Ik dacht: kleine stukken kan ik publiceren, maar een boek... Daar wilde ik mee wachten tot ik zekerder was.”

De hoofdpersoon is dol op het onderwaterleven. Wat vindt ze daar?

“De helft van het boek gaat over mensendingen, zoals opgroeien, relaties, miscommunicatie tussen mensen en de vraag ‘wie ben ik?’ Maar die vraag kan ik niet strikt op menselijk niveau zien. We zitten midden in een klimaatvernietiging en in een uitstervingsgolf. Daarom moet en wil ik mezelf verhouden tot alle andere wezens. Als je andere dieren ziet als verwanten, en ook als je hun mogelijkheden en beperkingen leert kennen, weet je ook iets over je eigen leven, je eigen soort. Dan vind je deels een antwoord op ‘wie ben ik?’ De wetenschap weet bovendien steeds meer over de intelligentie en gedragingen van vissen. De poetslipvis, een klein tropisch visje, kan zichzelf in een spiegel herkennen. En waar we lang dachten dat palingen alleen maar hun instinct volgen, lijkt het erop dat ze weloverwogen beslissingen nemen, en zelf kiezen wanneer ze naar hun paaigrond in de Sargassozee gaan.”

De zeedieren leren de hoofdpersoon, en ook de lezer, opvallend veel over genderdiversiteit.

“Meer dan vijfhonderd vissoorten kunnen tijdens hun leven van geslacht veranderen. Een anemoonvisvrouwtje kan op het moment dat een mannetje van de groep is opgegeten, en er een mannetje nodig is om te paren, in een mannetje veranderen. Een mannetjesdolfijn kust en aait een ander mannetje en de twee blijven elkaar hun hele leven trouw, en paren daarnaast met vrouwtjes voor het nageslacht. En iedereen kent het zeepaardje wel, waar het mannetje voor het kroost zorgt. Al deze kennis verrijkt, verwondert en geeft zoveel plezier.”

Stellen deze voorbeelden u ook gerust, geven ze u troost?

“De ik-persoon is, net als ikzelf, op zoek naar een wereld waarin ze past. Waar hoort ze thuis? De vragen over gender en seksuele voorkeuren, zoals: val ik op mannen, val ik op vrouwen, of op geen van beiden, allemaal vragen van de ik-persoon in het boek, en van mij, worden minder relevant als je naar vissen kijkt. Vissen laten ons zien hoezeer wij nog altijd denken in hokjes. Ik heb voor de roman ook een genre gekozen dat niet afgebakend is, voorbij een hokje. Ik heb iets gekozen ergens tussen fictie en non-fictie.”

U bent fanatiek gaan zwemmen, ook in zee.

“In Utrecht werd er les gegeven om buiten in de plas te gaan zwemmen. Dat leek me een leuk experiment voor het boek. Even hetzelfde doen als vissen doen. Tijdens het zwemmen word je teruggeworpen op jezelf. Als alles goed gaat, voel je je gedragen door het water. Maar als je bang wordt, moet je erdoorheen. Als je midden op een plas bent of dieper in zee, moet je doorzwemmen, je kunt niet stoppen. Ik heb een goed gevoel voor water en golven. Ik ben alleen bang als ik zwem in de herfst of in de winter, dan is er gevaar voor onderkoeling.”

En heeft u nog weleens vis gegeten?

“Al tien jaar niet meer. Sommige mensen eten geen vlees maar wel vis. Waar zit ’m dat in? Vissen zijn voor sommige mensen geen echte dieren, mensen vinden vissen kil, omdat ze onaaibaar zijn. Ze zien vissen als een soort tussencategorie. Als ik zeg dat ik van vissen houd, denkt iedereen aan hengelen, het vangen van vissen. Het lijkt voor mij op hoe mensen tegen biseksuelen aankijken. Het is net zo ongrijpbaar. Er is geen biseksuele subcultuur, geen biseksuele bar. Als je als vrouw een vriend hebt, ben je hetero en als je een vriendin hebt ben je lesbisch. Mijn verteller in het boek zoekt naar die tussencategorie, daar zit haar interesse.”

Wat vindt u de interessantste vis?

“De octopus is waanzinnig. Maar de octopus is geen vis, het is een weekdier. Hij heeft drie harten en alle armen van een octopus hebben een eigen zenuwstelsel, ze kunnen elk voor zich denken. Als je een octopus in een laboratorium zet, gaat hij niet keurig de intelligentietestjes doen zoals andere dieren om te eten, hij lijkt eerder de boel te saboteren, of iets anders te willen onderzoeken. Hij spuit op een medewerker die hij niet mag of gaat met de lamp boven het aquarium spelen. Ze laten zich niet door ons vastleggen. Onvoorstelbaar dat er mensen zijn die ze opeten.”

null Beeld

Nikki Dekker: Diepdiepblauw. Uitgeverij De Bezige Bij, € 22,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden