PlusInterview

Schrijfster Ingrid Kluvers over het geheim dat ze jaren met zich meedroeg: ‘Mijn kinderen hebben er een ongelooflijk zware prijs voor betaald’

Ingrid Kluvers: 'Elke keer als ik toch verliefd werd op een vrouw, ging ik nog harder werken.' Beeld Keke Keukelaar
Ingrid Kluvers: 'Elke keer als ik toch verliefd werd op een vrouw, ging ik nog harder werken.'Beeld Keke Keukelaar

Jarenlang ontkende oud-bladenmaker Ingrid Kluvers haar homoseksualiteit. In haar roman Luikend laat ze zien hoe funest het is om te leven met een geheim, voor jezelf én voor je omgeving. ‘De wereld zit nog steeds hartstikke heteroseksueel in elkaar.’

Marjolijn de Cocq

Vier jaar heeft Ingrid Kluvers (73) gewerkt aan haar roman Luikend. Ze had aanvankelijk een psychologische thriller geschreven, met veel meer afstand. “Die zat, al zeg ik het zelf, heel knap in elkaar. Ik vond ’m enorm spannend.” Gulle lach aan de eettafel in het appartement in woontoren Haut, waar de zon van alle kanten door het glas binnenvalt. “Maar ik had op dat moment nog geen uitgever. Dat was wel een dingetje. Schrijven is een eenzame bezigheid. Je kunt er wel allerlei vrienden mee belasten, meelezers zijn enorm belangrijk, maar je hebt ook iemand nodig die er grof het mes in durft te zetten.”

Die persoon vond ze in freelance redacteur Jelte Nieuwenhuis, en daar kwam het mes. “Hij zei: het is goed geconstrueerd, maar het verhaal eronder is veel belangrijker, ga daar eens mee aan de slag.”

Het verhaal hoe je niet kunt zijn wie je bent, met een autobiografische grondslag. Zoals haar hoofdpersoon Hans – journaliste bij een vooruitstrevend vrouwenblad, met een man, drie kinderen en een eigenhandig verbouwde droomboerderij – gebukt gaat onder een langdurige depressie, ging Kluvers ook door zware jaren. Lang ontkende ze haar homoseksualiteit; alles voor het perfecte plaatje dat ooit was opgelegd door haar jong gestorven moeder.

Nogal een boodschap, ‘doe maar niet die thriller’. Hoe ving u dat op?

“Ik kan wel omgaan met tegenslagen, geloof ik. Dat heb ik in de journalistiek wel geleerd. Alles kan altijd beter. En het is ook bevrijdend om alles weg te flikkeren en opnieuw te beginnen. Ik kon de stukken over mijn moeder die in de thriller zaten wel hergebruiken. Mijn boek is niet een-op-een autobiografisch, daarom heb ik mijn personage ook uitdrukkelijk een andere naam gegeven, maar in grote lijnen is het wel mijn verhaal.”

Maar daarvoor moest u dus wel écht de krochten van uw verleden in.

“Dat vond ik soms bij het schrijven best ingewikkeld. Ook voor mijn kinderen – waar schrijf je wel en niet over? Maar mijn drie kinderen zijn volwassen, we hebben het er veel met elkaar over gehad en ze hadden vertrouwen dat ik dat met zorg zou doen. De kern van het verhaal is dat jezelf ontkennen niet alleen slecht is voor je eigen gemoedsrust maar ook voor die van je omgeving. Je trekt een wissel op anderen door iets te zijn wat je niet bent en daar uiteindelijk hard tegenaan te lopen. Door jarenlang depressief te zijn omdat je in een spagaat zit doordat je je wilt aanpassen aan de norm. Door steeds te proberen de deur dicht te houden en als de dood te zijn dat die openklapt. Als je met een geheim leeft, leef je met enorme angst voor ontmaskering.”

U was midden dertig en uw kinderen waren nog klein toen u in de jaren tachtig toch uit de kast kwam. U beschrijft hoe Hans een affaire krijgt met een gevierde mannelijke collega, die haar als het ware een schop tegen de kont geeft – een glansrol voor Ischa Meijer.

“O, heb je die herkend? Daar ga ik weinig over zeggen. Hij was genadeloos, maar ook een lieverd. Dat laatste zetje van hem is een van die dingen waarvoor je iemand een leven lang dankbaar kunt zijn. Overigens blijft ook een roman die geïnspireerd is op echte mensen, toch gewoon een verzonnen verhaal. En uiteindelijk was het een enorme bevrijding, om tegen alle verdrukking in mijn eigen weg te gaan. Maar mijn kinderen hebben daar een ongelooflijk zware prijs voor betaald. Een heel gezin dat wordt opgeblazen. We woonden riant en toen hadden ze ineens een alleenstaande werkende moeder. Maar ze zeggen: het was niet anders. Het leven heeft hun zo ook vrijheid geboden, vrijheid van denken, en een moeder die tegen de stroom in durfde te zwemmen.”

Wat mij zo trof in Luikend, is dat het geheim heel lang voor uzelf het grootst was. U wilde er niet aan, alleen al de gedachte dat u lesbisch zou zijn.

“Je wíl het niet! Een tijdje geleden werd bekend dat de man van een vriendin van mij homoseksueel is. Zijn kinderen waren woedend. Ik zei: besef hoelang hij dit heeft moeten ontkennen om jullie geen verdriet te doen! De wereld zit nog altijd hartstikke heteroseksueel in elkaar. Ik moet erom lachen dat wordt gedaan of dat niet zo is. Het is zo!”

Je zou denken van niet, met lhbtq hoog op de agenda.

“Heel raar, er is maar één stad in de hele wereld waar ik me vrij heb gevoeld om hand in hand met mijn vrouw te lopen, en dat is Tel Aviv. En dat is daar nu ook afgelopen. In Amsterdam doe ik het niet. Soms zie ik het kids doen en dan denk ik: kijk uit! In de jaren zeventig, tachtig, negentig waren er veel meer plekken waar je terecht kon. Nu heb je Saarein nog en dan heb je het wel gehad. Ik weet niet waar het allemaal gebleven is. En met dat lhbtq wordt het allemaal weer zo in categorieën ingedeeld. Je kunt toch ook jongensachtige meisjes en meisjesachtige jongens hebben? In mijn boek beschrijf ik Hans als jongensachtig meisje. Ze wil geen jongen zijn, maar wil wel wat de jongens kunnen en mogen.”

Toch stapt Hans in de mal van het meisje, zoals u ook deed. Dat zag uw moeder liever.

“Het gaat over willen voldoen aan verwachtingen. Ik zeg altijd: de ergste uitspraken worden vanaf het sterfbed gedaan. Mijn moeder had zo graag willen meemaken dat mijn zussen en ik zouden trouwen, dat ze kleinkinderen zou krijgen. Dat is iets wat je als kind opslaat. Je denkt: dan heb ik haar toch een beetje terug, als ik doe wat haar diepste wens was. De wereld was toen trouwens veel traditioneler en ik had een traditioneel huwelijk.”

U schetst ook een tijdbeeld. De opkomst van de feministische bladen in de jaren zeventig, met Opzij en Viva waarvoor u werkte. Maar de directie van uw uitgeverij bestond uit mannen. En mannen konden zich veel permitteren.

“Nu, met al die rellen over misstanden op redacties, moet ik daar wel aan denken. Dat maakten we aan de lopende band mee in die tijd. Als stagiaire was je al snel hoe dan ook de sjaak. Dan was er altijd wel een starreporter die zich over je ging ontfermen, en dan was je nog vereerd ook. Verschrikkelijk hè? Ik heb veel ‘mentoren’ gehad en soms ging je daarmee naar bed. Ook later heb ik veel over mijn kant moeten laten gaan. Er was meestal een machtsongelijkheid en ik was verantwoordelijk voor drie kinderen, er stond veel op het spel. Ik ben blij dat dat nu meer out in the open is, dat dat wordt doorbroken.”

Vanwege de woningnood in Amsterdam, die er toen ook was, belandden u en uw man in de omgeving van Zwolle. Ik vond het stoer hoe u telkens weer naar de redactie in Amsterdam reed, in die zin was uw huwelijk dan weer niet traditioneel.

“Dat wás ook best stoer. En ook niet in een supersonische auto hè, maar in een hele oude tweetakt Saab en later in een Renault 4. Ik kachelde gewoon heen en weer. Maar ik denk dat ik ook zoveel werkte en aankon omdat ik zo veel moest compenseren. Elke keer als ik toch verliefd werd op een vrouw, ging ik nog harder werken. Ik sublimeerde het en ontkende het tot in den treure. Heel vermoeiend en voor niemand gezond.”

Ingrid Kluvers: Luikend. Uitgeverij Lebowski, €22,99, 352 blz.

Boeken en bladen

Ingrid Kluvers schreef eerder de non-fictieboeken Een en een is tweeling, over het hebben van een tweeling, en Zo kaal zonder jou, over het stervensproces van haar partner. Ze was jarenlang actief als journalist, bladenmaker en was bijna zes jaar hoofdredacteur van meidenweekblad Tina. Voor haar jeugdboek Droomtuin ontving ze de Jonge Jury Debuutprijs 2012, daarna volgden nog twee young-adult-romans. Kluvers is getrouwd met Els Swaab.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden