PlusInterview

Schrijfster Helen Mcdonald: ‘Ik zie nu nog scherper, zonder witte ruis’

Na het internationale succes van De H is voor havik zijn nu in Schemervluchten de natuuressays van Helen Macdonald gebundeld. Een Wunderkammer om vol verwondering te betreden – én een politiek betoog.

Helen Macdonald: ‘Gierzwaluwen vormen de ideale leefgemeenschap.' Beeld Getty Images/iStockphoto
Helen Macdonald: ‘Gierzwaluwen vormen de ideale leefgemeenschap.'Beeld Getty Images/iStockphoto

Ze is, of all places, ­neergestreken in het Engelse dorpje Hawkedon – Helen Macdonald, de auteur van H is for Hawk, valkenier, dichter, schrijver, illustrator, wetenschapshistoricus en natuuronderzoeker. Liefde op het eerste gezicht was het toen ze de afgelegen cottage zag in dit niet zo bekende deel van East-Anglia. Ze stuitert van te veel ­koffie, heeft omdat het gesprek twee uur eerder was gepland dan zij in haar agenda had staan (‘Er wordt onderzocht of ik adhd heb, dan zou ik in ieder geval een excuus hebben voor mijn chaos’) inderhaast alle troep achter het aanrecht geveegd.

Had ze zich in de eerste periodes van lockdown nog gelukkig geprezen dat ze alleen woont, geen thuiswerkende partner of thuis te scholen kinderen, nu vindt ze zichzelf soms huilend achter haar bureau terug. Temeer daar haar papegaai en ‘zielsverwant’ Birdoodle, die ze in huis nam nadat ze haar havik Mabel had overgedragen aan een broedprogramma, begin dit jaar na 18 jaar samen in haar handen bezweek aan leverfalen.

“Nu slaat het besef toe dat er geen terug naar normaal is binnen afzienbare tijd. Ik heb al bijna een jaar niemand meer omhelsd. En ik heb voor mijn werk altijd veel gereisd. Nu speelt mijn leven zich vooral binnen deze muren af en kijk ik veel actiefilms en eet ik ijs. Ik put wel troost uit de vogels in de tuin. Ik zie nog scherper, merk ik, nu de witte ruis van het dagelijks leven is verstomd. Door me in hen te verplaatsen, kan ik even aan mezelf ontsnappen.”

Haar nieuwe boek Vesper Flights (Schemervluchten) is een weerslag van die reizen, met een diversiteit aan onderwerpen en observaties die toch onderling samenhangen; door de lezer te betreden als een ‘Wunderkammer’ schrijft ze in haar voorwoord, als de natuurcollectie die ze als kind in haar kamer uitstalde – met verwondering als rode draad en wetenschap als de weg naar het wonder.

Van de bruidsvlucht van mieren en het verdwijnen van het fluitertje tot zwanen vangen op de Theems, de overnachting van tienduizenden kraanvogels in het Hongaarse natuur­gebied Hortobágy en de massale trek van zangvogels gezien vanaf het Empire State Building. De essays vormen tezamen een getuigenis van haar liefde voor de ‘schitterende wereld van het niet-menselijke’. Maar ook een pleidooi om te kijken door ogen die niet de jouwe zijn én grondig na te denken over onze desastreuze inter­actie met de natuur.

Het gesprek vindt plaats in precies die week dat de sneeuw razendsnel wegsmelt en de lente doorbreekt – als om haar betoog te illustreren. “De Golfstroom volgt niet zijn historische loop. Een gevolg van de klimaatverandering. Vorige week die ijzige kou en sneeuw – ik heb aanzienlijk minder gerookt die dagen, dat doe ik altijd buiten. Maar het is een angstaanjagend fenomeen. We zijn als de spreekwoordelijke kanarie in de kolenmijn.”

Uw boek gaat over de wonderen van de natuur, maar u draagt ook een meerledige politieke boodschap uit.

“Ja absoluut. Mijn eerste boek speelde zich af in een kleine setting: die vogel en ik, en was doordrenkt van verdriet. Maar de wereld is veranderd. Xenofobie slaat om zich heen, we hebben Boris Johnson en de brexit, de klimaatverandering. Het zijn duistere tijden en het is niet mogelijk over de natuur te schrijven zonder dat te koppelen aan wat ik om me heen zie gebeuren.”

“Het is geen polemiek, in de zin dat ik zeg hoe het moet. Zeg tegen mij dat ik iets moet en dan doe ik het juist niet – dat zal mijn moeder kunnen bevestigen. Maar ik wil dat we kijken naar het grote wonder om ons heen en nadenken over hoe we ons tot de natuur verhouden. Dat is belangrijk voor toekomstige politieke besluitvorming. Ik probeer actie en reflectie aan te moedigen, zonder te willen drammen.”

U paart de duizelingwekkende ervaring van die kraanvogels in Hongarije aan de vluchtelingenproblematiek: 150 kilometer zuidelijker staat een hek om de Syrische vluchtelingen tegen te houden.

“Ik moest met een telescoop focussen op een klein groepje kraanvogels om mezelf weer in de hand te krijgen. Ik had op dat moment zowel geestelijk als lichamelijk een groot gevoel van ongemak. Met zo’n zwerm vogels, – de Denen gebruiken de term sort sol, ‘zwarte zon’ – zien we ze als een geheel; vreemd, onbeheersbaar, chaotisch.”

“Zo kijken we ook naar die vluchtelingen­stromen, als een meute zonder gezicht die ons wat wil afpakken. In plaats van elke vluchteling als individu te zien; zoals de asielzoeker die ik in mijn boek portretteer, die in een koelwagen Engeland binnen is gesmokkeld en in een daklozenopvang verbleef.”

“Ik ben opgegroeid in een journalistengezin, ik ben altijd trots geweest op de journalistiek. Maar de afgelopen tien jaar is in de Britse pers een hetze gaande tegen immigranten, het is vergif. Wanhopige mensen worden niet als menselijke wezens gezien, met families, hoop en een hart. Ik vind dat angstwekkend en deprimerend.”

“Het maakte me nederig dat ik over deze vluchteling mocht schrijven, dat ik iemand zonder stem zo een stem kon geven en door hem de situatie in de detentiecentra en dak­lozenopvang kon laten zien. Hij heeft inmiddels een verblijfsstatus gekregen; maar ik durf er bijna niet aan te denken hoe het er nu met corona in die centra aan toe gaat.”

U beschrijft nog veel meer ervaringen die ons als mens nederig stemmen. Over de gemeenschapszin van gierzwaluwen bijvoorbeeld, de ‘ideale voorbeelddieren’.

“Altijd als ik de eerste gierzwaluwen zie in hun schemervluchten, krijg ik tranen in mijn ogen. Ze vormen de ideale leefgemeenschap en de manier waarop zij zich kunnen oriënteren is werkelijk ongelooflijk.”

Of het feit dat het meeste leven op aarde zo klein is dat wij het niet kunnen zien.

“Het is really, really, really heel belangrijk dat wij ons nu eindelijk eens inprenten dat de aarde er niet alleen voor ons is. Dat er zoveel meer en verbijsterends is, dat de aarde zo rijk is – al is die in de loop van mijn leven de helft van haar fauna kwijtgeraakt.”

“Ik hoop dat mijn boek dat uitdraagt. Ik wil laten zien wat er allemaal nog wél is. Zie mij als de vrijwilliger langs een marathon die uitgeputte renners van water voorziet zodat ze gesterkt weer door kunnen.”

“Want we gaan er nu eigenlijk al vanuit dat alles verdoemd is en zijn geneigd ons daarbij neer te leggen. We zagen nu zelf de tak af waarop we zitten. Maar misschien is het wél mogelijk een meer ethische, wederkerige relatie met de aarde aan te gaan. Hoop is belangrijk. En: fight like hell.”

En dan doelt u niet op onze strijd als individuele consument. U schrijft dat ons wordt geleerd de wereld te veranderen vanuit de supermarkt. Maar u roept op tot een grootschalig maatschappelijk offensief.

“De juiste lampen kopen, geen plastic rietjes gebruiken – natuurlijk dragen al die kleine dingen bij. Maar er wordt ons als individu veel schuld en schaamte aangepraat over onze ecologische voetafdruk. We bevinden ons in het voorstadium van een grote mondiale crisis. Wat we nodig hebben zijn grootschalige, structurele economische veranderingen.”

Ondanks de boodschap houdt u uw verhalen ook heel dicht bij uzelf; zo beschrijft u hoe u opgroeit in een bijzondere gemeenschap op een landgoed in Surrey, een meisje met een groot gevoel van eenzaamheid dat de natuur als toevluchtsoord ziet, zelfs als familie.

“Ik ben prematuur geboren en mijn tweelingbroer heeft zijn geboorte niet overleefd. Mijn hele leven heb ik een groot gevoel van gemis gehad, het gevoel dat ik maar de helft was van wat ik had moeten zijn. Wil je de tatoeage zien die ik vorig jaar heb laten zetten?”

Ze ontbloot haar bovenarm, vanaf haar schouder prijkt een gevleugelde serafijn.

“Ik hoorde pas op mijn achttiende van mijn broertje. Ik wil niet dramatisch doen, maar ik wilde een fysieke manifestatie van mijn existentiële eenzaamheid. Ik schrijf non-fictie met mezelf als uitgangspunt. Dat is niet omdat ik geobsedeerd ben door mezelf. Maar door wetenschap te paren aan het persoonlijke kan ik al die haast onbevattelijke fenomenen in de natuur bevattelijk maken en samenbrengen.”

De H is voor havik

Helen Macdonald (51) brak in 2014 internationaal door met de memoir H is for Hawk (De H is voor havik). Overweldigd door de plotselinge dood van haar vader, fotojournalist en valkenier Alisdair Macdonald, besloot ze een havik te nemen, Mabel, die ze stapje voor stapje tam maakte. In het boek koppelt ze die ervaring aan haar spirituele zoektocht.

Schemervluchten, van Helen Macdonald. Beeld De Bezige Bij
Schemervluchten, van Helen Macdonald.Beeld De Bezige Bij

Non-fictie

Helen Macdonald
Schemervluchten
Vertaald door Nico Groen en Joris Vermeulen
De Bezige Bij, €22,99
320 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden