PlusGalerie

Schoonheid zonder belerend vingertje van Natascha Libbert

Natascha Libbert - Plastic PalasBeeld Natascha Libbert

Met de Japanse oester ging het in de jaren zestig als twee decennia later met de Amerikaanse rivierkreeft in de Amsterdamse grachten. De exoot bleek niet alleen te gedijen in Zeeland en later ook de Waddenzee, maar er zelfs te domineren. De uitheemse creuse eet het zaad van kokkels, mossels en platte oesters, waardoor biodiversiteit afneemt. Anderzijds zorgt hij voor herstel van de leefomgeving van krabben en vissen. Plaag of ecologische aanwinst, de wetenschappers zijn er nog niet uit. Feit is wel dat de Japanse oester het Nederlandse onderwaterlandschap ingrijpend heeft veranderd.

Het zijn dit soort effecten van globalisering waar Natascha Libbert zich op richt. Ze duikt diep in de materie en doet veel research ter plekke. Die werkwijze zou taaie documentairefotografie kunnen opleveren, met een belerend vingertje bovendien. Niet bij Libbert. Zij weet al haar bevindingen te bundelen in één of een beperkt aantal beelden van ronduit lyrische kwaliteit.

Cluster schelpen

In het geval van de Japanse oester is het een close-up van een vierkante, betonnen paal met een cluster schelpen net boven de waterlijn. De zee is hier turquoise en troebel als mist, waardoor het stilleven iets onwerkelijks krijgt. Alsof een ruimteschip zich door een wolk sterrenstof boort.

Datzelfde turquoise en die neiging tot abstractie karakteriseert het meest iconische beeld van de tentoonstelling in gallery Vriend van Bavink: Lily’s Water. Van een afstandje lijkt het op een schilderij van Cy Twombly, met van die mysterieuze grotgraffiti. Dichterbij blijkt het te gaan om riet en de weerspiegeling ervan, met een plank die zorgt voor een horizontaal accent. De kleur van het water is te herleiden tot een kopermijn in de buurt.

Libberts foto’s zijn van een ongelooflijke schoonheid maar de kunstenaar is niet uit op de esthetisering van milieurampen. Ze vertelt juist het verhaal erachter. Bijvoorbeeld over de intensieve landbouw in Andalusië, waar onderbetaalde arbeidsmigranten met behulp van pesticiden, kunstmest en genetisch gemodificeerd zaad goedkope groente verbouwen in grote kascomplexen. Ook hier zijn exoten geïntroduceerd, en die tasten de lokale olijfbomen aan. Boeren proberen de schade te beperken door de bomen te omwikkelen met zwart landbouwplastic. Maar de natuur laat zich niet zomaar inpakken en takken groeien dwars door de beschermlaag heen, die in rafels om de bomen hangt.

Plastic Pallas noemde Libbert haar foto van zo’n olijfboom. Naar de reus uit de Griekse mythologie die in de strijd met de goden van de Olympus werd verslagen en gedood door Athene. Zij stroopte zijn huid af en maakte er een mantel van. De vraag is alleen welke rol de olijfboom hier heeft: reus of de godin die hem te slim af was?

Japanse Oesters
Natascha Libbert
t/m 7/11
Gallery Vriend van Bavink
Geldersekade 58, Amsterdam

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden