PlusInterview

Saxofoniste Candy Dulfer komt met nieuw album: ‘Ik heb nooit echt iets geleerd, ik speel op mijn gehoor’

Candy Dulfer: ‘Ik speel elke dag mijn hart uit mijn lijf, dat doet niet iedereen.’ Beeld Hilde Harshagen | Met dank aan Four Elements Hotel, Amsterdam
Candy Dulfer: ‘Ik speel elke dag mijn hart uit mijn lijf, dat doet niet iedereen.’Beeld Hilde Harshagen | Met dank aan Four Elements Hotel, Amsterdam

Op haar vijfde had Candy Dulfer (53) voor het eerst een saxofoon in haar handen, op haar zeventiende stond ze in het voorprogramma van Madonna, een jaar later speelde ze met Prince. Nu is er een nieuw album: We Never Stop.

Alexander van Eenennaam >

Als Candy Dulfer een jongetje was geweest, had ze Sonny geheten, naar jazzsaxofonist Sonny Rollins. Hans en Inge Dulfer noemden hun dochter Candy, waarbij ze afweken van hun oorspronkelijke idee. “Dat was Lily. Mijn ouders veranderden van gedachten omdat ze leuk contact hadden met een Amerikaanse drummer die Candy Finch heette. En dan te bedenken dat ik bijna twintig jaar later mijn grootste hit zou hebben met Lily Was Here.”

Er is een nieuw album, We Never Stop. En half december gaat een documentaire in première waarvoor ze vier jaar werd gevolgd door de camera’s. Op vrijdagavond presenteert ze Candy’s Choice op radiozender Sublime en ze organiseert Candy’s Choice-concerten in Club Dauphine.

Biljarttafel

Haar loopbaan beslaat inmiddels veertig jaar. Dertien was ze, toen ze voor het eerst optrad met haar eigen bandje. Dat ze als kind saxofoon ging spelen, lag in de lijn der verwachtingen. Vader Hans was immers een succesvolle tenorsaxofonist. “De saxofoons lagen bij ons uitgestald op de biljarttafel van opa, waar ik als peuter net bij kon.”

Hoe jong was u toen u voor het eerst een saxofoon probeerde te bespelen?

“Vijf. Best laat, want ik was toen al verliefd op optreden. Met mijn tamboerijn klom ik op het podium met mijn vader en de rest van de band. Ik weet nog dat ik bij die biljarttafel stond en ik mijn vader vroeg of ik het mocht proberen. Hij reikte me een sopraansax aan, klein en licht. Hij vond het geweldig dat ik hem al meteen goed vasthield, terwijl ik natuurlijk niet anders wist, nadat ik hem al zo vaak met een sax had gezien.”

Was u als kind meteen al goed?

“Technisch niet, dat ben ik nog steeds niet.”

De bekendste saxofoniste ter wereld vindt zichzelf niet goed genoeg?

“Ik ben zelf mijn grootste criticus. Ik heb nooit echt iets geleerd, ik speel op mijn gehoor. Ik begin mezelf wel steeds beter te vinden, omdat ik nu inzie dat het gaat om het complete plaatje. Ik speel elke dag mijn hart uit mijn lijf, dat doet niet iedereen. En ik durfde altijd al te improviseren, dat hoefde niemand me te leren met een vader als Hans Dulfer, die niet anders deed.”

Hij had u toch les kunnen geven?

“Hij probeerde me ook wel wat bij te brengen, maar ik was supereigenwijs. Uiteindelijk stuurde hij me naar de harmonie, daar had hij het ook geleerd. Ik kreeg een jaar les van een heel lieve mevrouw, leerde mezelf een verkeerde blaastechniek aan en op het moment dat het conservatorium een optie werd, speelde ik al met Dave Stewart en was ik er al in gerold.”

Zeventien was Candy toen Mojodirecteur Leon Ramakers haar vroeg om in De Kuip in het voorprogramma van Madonna te komen spelen. Achteraf een zegen dat hij haar moeder aan de lijn kreeg. “Ik zelf had meteen nee gezegd. Mijn vader had me geleerd dat je nooit in een voorprogramma moest gaan staan. Je krijgt beperkte tijd, mag maar een stukje van het podium, het geluid is nooit goed. Maar mijn moeder zei: ja hoor, natúúrlijk komt Candy. Achteraf was het goed, zeker omdat Leon mij een jaar later introduceerde bij Prince. Maar bij Madonna is alles begonnen. Die jonge meiden in het publiek zagen een Nederlands meisje met een saxofoon en vonden dat wel tof.”

Erdoorheen bluffen

Dat Candy Dulfer met Dave Stewart (The Eurythmics) twee jaar later de soundtrackhit Lily Was Here opnam, was te danken aan haar toenmalige vriend, acteur Thom Hoffman. Hij speelde in De Kassière, waarvoor Stewart de soundtrack verzorgde. Hoffman had een cassettebandje van haar muziek aan Stewart gegeven. “Ik speelde als tiener al jaren met Funky Stuff, mijn eigen band. Toch was ik bang dat ik bij zo’n Dave Stewart niet zou kunnen voldoen aan de verwachtingen. Het gekke was dat ik me er op het moment suprême wel doorheen blufte. Dat had ik dan weer van mijn vader.”

De grootste invloed op haar carrière had Prince. Tussen 1988 en 2007 werkte Candy Dulfer geregeld met hem samen, in 2004 ging ze mee op zijn Musicology-tour. De samenwerking eindigde in 2007 abrupt toen zij vlak voor een reeks concerten in Londen boos op hem werd; hij bleef zich in haar ogen ten onrechte afreageren op een bandlid. De dag erna belde hij op met de mededeling dat ze niet meer nodig was. Het was het laatste contact dat ze zouden hebben tot zijn dood in 2016.

Hoe hoorde u van zijn dood?

“Ik trad die avond op met mijn band in een Duitse club, Colos-Saal in Aschaffenburg. Kort voor ons optreden kregen we de bevestiging van Kirk Johnson, drummer en Prince’ persoonlijke assistent, die hem zelf had aangetroffen. We waren allemaal aan het janken. We besloten Purple Rain te spelen als eerbetoon. Ik moest ook die zaal toespreken, ik weet niet meer hoe ik dat gedaan heb. Het was zo heftig, ik zag de ontzetting.”

Veertig jaar op hoog niveau saxofoon spelen, wat merkt u daar fysiek van?

“Nou, mijn rug is verrot, dat komt deels door het spelen. Een tenorsax zoals mijn vader bespeelt, kun je gewoon voor je houden, die komt als het ware naar je toe. Naar een altsax buig je zelf toe. Soms denk ik dat ik heel rechtop loop en zie ik mezelf in een winkelruit toch weer met dat nekje naar voren. Aan de andere kant is dat ook wel weer aandoenlijk, ik ben helemaal vergroeid met mijn instrument.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden