Plus PS

Saai om een museumsuppoost te zijn? Welnee, zeggen deze vier

Indommelen op een krukje of eindeloos rondjes lopen in een lege museumzaal, schoolkinderen terechtwijzen: dat is wat suppoosten doen. Denken we. Een achterhaald beeld, zeggen deze bewakers. 'Leuk en spannend, dat is het.'

Jorne Weemhoff in het Tropenmuseum Beeld Friso Keuris

Jorne Weemhoff (46) is sinds zeventien jaar gastheer/publieksmedewerker in het Tropenmuseum.
"Via een stage voor mijn docentenopleiding geschiedenis kwam ik terecht bij het Tropenmuseum. Dat beviel me zo goed dat ik solliciteerde op een vaste baan als suppoost."

"Ik houd ervan om in dit mooie gebouw - een van de mooiste van Amsterdam - rond te lopen en ik vind de collectie prachtig. Daarbij heb ik erg leuke collega's, ga ik graag met de bezoekers om en sluit het museum ook nog eens goed aan bij mijn opleiding en interesses."

"Het is zeker niet zo dat ik de hele dag op zaal loop. De werkzaamheden wisselen elkaar af; de ene keer zit ik bij de kassa, een andere keer ben ik coördinator."

"Het belangrijkste is dat je zichtbaar bent voor bezoekers en je open opstelt. Enerzijds let ik op dat bezoekers niet aan kwetsbare voorwerpen zitten, of eten en drinken meenemen naar de tentoonstelling, anderzijds kunnen zij bij mij terecht met vragen of opmerkingen."

"Bij een nieuwe tentoonstelling krijgen we eerst een rondleiding van de conservator, zodat we weten wat er te zien is en bezoekers goed kunnen helpen."

"Bij toeristen ga ik soms nog een stapje verder. Na afloop van hun museumbezoek maken ze vaak nog een praatje en willen ze meer weten over Amsterdam. Dan raad ik hun bijvoorbeeld een leuk restaurant of interessant museum aan en leg ze uit hoe ze daar moeten komen. Het hoort niet direct bij mijn werk, maar ik doe het graag."

"Regelmatig komen hier ook inburgeraars, die elkaar dingen laten zien uit hun land van herkomst. Ze herkennen objecten uit de tentoonstelling en worden daar soms emotioneel van."

"Bij ons staat het tentoongesteld als museumstuk, bij hen roept het dierbare herinneringen op."

"Zelf kom ik het liefst op de eerste etage, waar alles te vinden is over Zuidoost-Azië, Indonesië en Nieuw-Guinea. Daar zijn prachtige objecten."

"Heel bijzonder blijft ook het openen van het museum. Het is dan nog helemaal leeg en stil, haast surrealistisch. Zoiets maakt bijna niemand mee. Ik probeer me er elke keer weer van bewust te zijn en het te blijven waarderen."

'Ik probeer me er elke keer weer van bewust te zijn en het te blijven waarderen' Beeld Friso Keuris

Roos Aalders (65) is al dertig jaar suppoost in het Amsterdam Museum.
"Vroeger hield ik niet zo van kunst, maar door mijn werk als suppoost is dat veranderd. Als je elke dag langs al die mooie schilderijen loopt, ga je ervan houden."

"Ik kom vooral graag in zaal 15. Daar hangen twee prachtige schilderijen met bloemen. Al die verschillende bloemen, zoals rozen waaronder een pioenroos, lelies en anjers! Dat maakt me vrolijk."

"Als ik tenminste de tijd heb om ernaar te kijken, want het is vaak erg druk in het museum. Ik moet in de gaten houden of alles goed verloopt. Mensen mogen bijvoorbeeld bij sommige tentoonstellingen geen foto's van de werken maken."

"Als ik ze toch met hun mobieltje of fototoestel zie, vraag ze vriendelijk om niet te fotograferen. Soms ben ik net te laat. Dan hoor ik 'klik' en is het al gebeurd. Niks aan te doen. Streng ben ik nooit. Ik blijf altijd aardig en beleefd tegen mensen."

"Ze vragen me ook regelmatig naar de uitgang, want dit oude gebouw is echt een doolhof. Oudere mensen begeleid ik en help ik in de lift als ze moeilijk lopen. Een echtpaar was een keer zo dankbaar dat ik een doos bonbons kreeg."

"Saai is mijn werk nooit. Ik heb verschillende diensten: op zaal lopen, in de meldkamer op de monitoren kijken of alles goed verloopt, sluitdienst om het museum zorgvuldig af te sluiten."

"Erg leuk en spannend is het om bij de dienstingang te zitten. Daar begeleid ik bijvoorbeeld de nieuwe stukken voor een tentoonstelling na binnenkomst en maak ik de opbouw ervan van nabij mee."

"Het contact met mensen vind ik het mooist. Ik herinner me een jongetje van een jaar of zeven dat naast mij moest gaan staan van de leraar. 'Wat heb jij voor stouts gedaan?' vroeg ik hem. Hij mocht niet te hard praten en rennen, vertelde hij. Ik zei dat hij dat ook beter niet had kunnen doen en dat hij 'het spijt me' tegen de leraar moest zeggen."

"Later kwam de meester hem ophalen en zei hij met een klein stemmetje: 'Het spijt me.' Dat vond ik zo lief."

"In mei ga ik met pensioen; dan zal ik zulke ervaringen én mijn collega's erg missen. Natuurlijk zal ik nog regelmatig terugkomen in het museum."

Roos Aalders in het Amsterdam Museum Beeld Friso Keuris

Martijn Janssen (42) is sinds drie jaar floormanager publieksservice bij t.
"Het eerste halfjaar dat ik hier werkte en 's morgens vroeg door het nog helemaal lege museum liep, moest ik mezelf soms in mijn arm knijpen: werk ik hier écht? En nog steeds vind ik het heel bijzonder."

"Ik kwam altijd al graag in het Stedelijk Museum. Ik liep dan meteen door naar De zomer van Eugène Brands, mijn favoriete werk, waar ik dan heel lang gefascineerd naar zat te kijken. Nu kan ik er élke dag in het voorbijgaan van genieten."

"Als medewerker publieksservice zorg ik er met mijn team voor dat bezoekers gastvrij worden ontvangen en dat ze zich op hun gemak voelen. Ze kunnen met vragen bij mij terecht, bijvoorbeeld over de audiotour of waar een bepaald schilderij hangt."

"Toeristen willen vaak weten waar de Nachtwacht is of 'waar de rest van de Van Goghs hangen?' 'Het Van Gogh Museum is hier om de hoek,' antwoord ik dan.

"Terwijl ik rondloop, houd ik in de gaten of alles goed verloopt. In het hoogseizoen kan het erg druk zijn. Dan wil het nog weleens gebeuren dat mensen onder invloed van geestverruimende middelen binnenkomen, met alle gevolgen van dien. In zo'n geval schakel ik de beveiliging in. Die begeleidt ze vervolgens naar de EHBO-ruimte, waar ze even kunnen bijkomen."

"Maar ook als een lamp kapot is of een deur niet goed sluit, zorg ik dat het wordt opgelost. Het leukste vind ik het contact met de bezoeker. Zoals een moeder die met haar zoontje van elf vanuit Deventer hiernaartoe kwam, omdat hij per se een keer het Stedelijk wilde zien. Mensen die niet lang meer te leven hebben en een bepaald werk heel graag nog één keer willen bekijken."

"Ik ben ook eens vroeg op de dag met een man meegelopen die het Buffet van Rietveld uit 1951 wilde namaken. Met een zaklampje scheen ik hem bij, zodat hij een tekening van de details kon maken. Al die inspirerende ontmoetingen met mensen die ook van kunst genieten, maken mijn werk erg leuk en veelzijdig. Een gevleugelde uitspraak bij publieksservice is: 'Never a dull moment!'"

Martijn Janssen in het Stedelijk Museum Beeld Friso Keuris

Brigitte Hewitt (53) is sinds vier jaar medewerker service en veiligheid, en werkt ook bij de frontoffice (winkel, garderobe, informatiedesk) van het Rijksmuseum.
"Door mijn werk heb ik de afgelopen jaren veel geleerd over kunst. Bezoekers komen vaak met vragen bij mij en dan wil ik een antwoord klaar hebben."

"Soms zijn ze op zoek naar bepaalde schilderijen. Ik vertel ze dan ook waar eventueel ander werk hangt van dezelfde schilder."

Deze kennis en ervaring over kunst heb ik opgedaan in de vroege ochtenddiensten. Dan beginnen mijn collega's en ik om half zeven, als er nog niemand in het museum is."

"We lopen ter controle alle zalen door om te kijken of alles in orde is, of de lampen het nog doen en of er geen beschadigingen in de schilderijen zitten.

"Als dat gedaan is, heb ik soms tijd over om zelf de bordjes bij de schilderijen goed te lezen, waardoor ik precies weet wat het verhaal erachter is."

"Allereerst ben ik er natuurlijk voor de veiligheid. Bij de toonzalen en de Eregalerij kan het erg druk zijn. Dan is het belangrijk om goed op te letten, omdat bezoekers dan soms lijken te vergeten dat ze in een museum zijn.

"Ze mogen bijvoorbeeld niet te dicht bij het schilderij komen of met rugzakken rondlopen. Dan bestaat het risico dat ze iets omstoten. Daar attendeer ik ze dan vriendelijk op."

"Het museum is zo groot dat het ook regelmatig voorkomt dat mensen iemand kwijt zijn. Zo trof ik een keer een oudere man die verdrietig op de trap zat. Hij kon zijn vrouw nergens meer vinden. We zijn haar volgens zijn beschrijving met alle collega's gaan zoeken. Uiteindelijk konden we de twee herenigen. Dat zijn kleine, maar heel mooie gebeurtenissen."

"Ik geniet ervan om met mensen om te gaan; of het nu scholieren, toeristen of gepensioneerden zijn. Het werk bevalt me zo goed dat dat thuis doorklinkt en mijn zoon nu ook hier werkt!"

Brigitte Hewitt in het Rijksmuseum Beeld Friso Keuris
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden