Interview

Ruimtedichter Marjolijn van Heemstra looft de onbeduidende planeet

Schrijver, dichter en theatermaker Marjolijn van Heemstra is geobsedeerd door de ruimte. Ze schreef een boek over de ruimte die we op aarde missen, en de ruimte die ons tegelijkertijd overal omringt, In lichtjaren heeft niemand haast – Een zoektocht naar meer ruimte in ons leven. ‘Ik heb alles wel 75 keer gefactcheckt.’

Marjolijn van Heemstra: ‘Mij interesseren die raketten niet zo; het gaat me er meer om hoe we ons verhouden ten opzichte van het onbevattelijke.’ Beeld Frank Ruiter
Marjolijn van Heemstra: ‘Mij interesseren die raketten niet zo; het gaat me er meer om hoe we ons verhouden ten opzichte van het onbevattelijke.’Beeld Frank Ruiter

‘Mijn zoektocht, mijn ruimtereis op aarde, die heb ik niet gemaakt omdat ik dingen wil begrijpen. Het gaat me erom dat ik ergens los van wil komen. Ik wil juist loskomen van het begrijpen. En dan is het heelal een heel goede plek.”

Marjolijn van Heemstra (40) is schrijver, dichter en theatermaker. En ze is geobsedeerd door de ruimte. Haar eerste dichtbundel schreef ze gedeeltelijk als zelfverklaard huisdichter bij de European Space Agency, in 2019 toerde ze door het land met de voorstelling Stadsastronaut. Voor De Correspondent is ze Correspondent Ruimtevaart; de verhalen die ze voor het platform schreef zijn grotendeels opgenomen in de bundel In lichtjaren heeft niemand haast.

“Ik had die fascinatie al toen ik een jaar of vijf, zes was,” vertelt ze bij het koffietentje op het IJplein (de barista spreekt haar aan met haar naam; de hele buurt lijkt Van Heemstra te kennen). “Het gaat zo’n beetje gelijk op met mijn fascinatie voor grote mysteriën. Voor de dingen die ik niet begrijp, van god tot de diepzee...”

Bij uw aanmelding in 2006 als huisdichter bij het European Space Agency in Den Haag, schreef u dat u eigenlijk astronomie had willen studeren, maar dat het godsdienstwetenschappen werd, met een specialisatie in islamitische mystiek, een andere route naar het mysterie dat ons omringt.

“Als dichter durfde ik het wel aan, want dat is mijn expertise, en de ruimte is natuurlijk heel poëtisch. Maar zoals ik nu voor De Correspondent over de ruimte schrijf, dat heb ik heel lang niet gedurfd. En het is nog steeds eng; ik heb alles wel 75 keer gefactcheckt…”

Hoe is de ruimte een rol gaan spelen in uw werk?

“De ruimte komt het meeste in mijn poëzie tot uiting, maar ik fiets het universum vaak ook wel linksom of rechtsom in mijn voorstellingen. In 2013 gebruikte ik in Garry Davis al dia’s van de ruimte en vertelde ik over astronauten die geen grenzen zien. En in 2019 heb ik de voorstelling Stadsastronaut gemaakt, waarin ik met hulp van ruimtevaartspecialisten, futurologen, ­science­fiction en mijn buurman Bob iets over het dagelijkse leven probeer te vertellen. Maar ik heb lang het gevoel gehad dat ik er niet écht iets over kon zeggen. Ik heb niets eens eindexamen wiskunde gedaan, laat staan natuurkunde. Dus ik vond het niet aan mij om er iets over te zeggen.”

“Maar toen ik met Stadsastronaut bezig was, heb ik met mijn met vrienden van Studio Monnik – die zitten daar [ze wijst richting de Tolhuistuin] de Academie voor Stadsastronauten opgericht, waarmee we de waarde van duisternis en van de manieren waarop we de sterrenhemel weer boven onze steden kunnen krijgen willen verkennen. Met de academie zijn nachtwandelingen door de stad gaan maken, en op een gegeven moment dacht ik: de ruimte komt nu zo vaak voorbij, het is tijd om er serieus mee aan de slag te gaan. Toen heb ik De Correspondent gecontacteerd. Ik zei dat ik absoluut geen technische kennis van de ruimtevaart heb, maar dat ik me er al jaren in aan het verdiepen ben. Zo ben ik Correspondent Ruimtevaart geworden.”

Wat was uw belangrijkste ontdekking?

“Ik vond het interessant dat ik door uit te zoomen heel erg kon inzoomen. Afstand schept nabijheid. Dat ervaren ruimtevaarders die de aarde van een enorme afstand zien ook; door die afstand voelen ze zich betrokken bij de aarde als nooit tevoren. Ze zien de aarde als één levend wezen, hangend in de doodstille duisternis. Bij terugkomst gaan ze zich vaak inzetten voor het behoud van onze planeet.”

“Het kosmologisch bewustzijn is me tot steun. Dat besef – zoals theoloog Wil van den Bercken het omschrijft – te leven op een statisch gezien onbeduidende planeet in een onpeilbaar universum. Het is prettig relativerend. Tegelijkertijd: doordat het zo extreem onwaarschijnlijk is dat we bestaan, wordt het voor mij alleen maar waardevoller.”

Bent u eigenlijk ook geïnteresseerd geraakt in ufo’s?

“Ja! Ik was van plan er een stuk over schrijven. Ik heb vorig jaar contact gehad met het UFO Meldpunt Nederland, omdat ik met ze op stap wilde voor een reportage, maar dat ging niet door wegens corona. Ik wilde een groter stuk maken waarom er altijd zo lacherig over wordt gedaan en waarom we ufo’s nooit serieus onderzoeken, terwijl er wereldwijd, door de hele geschiedenis heen, meldingen van worden gemaakt.”

“Ufo’s hoeven niet per definitie buitenaards te zijn, dat is ook het uitgangspunt van het UFO Meldpunt. Het zijn simpelweg objecten die unidentified zijn, die we niet kunnen plaatsen. Ik vind het vreemd dat we zoiets dan meteen van ons afschuiven en belachelijk maken in plaats van er nieuwsgierig naar te worden.”

Had corona verder nog invloed op uw correspondentschap?

“Het klinkt misschien een beetje vreemd, maar het heeft me enorm geholpen. Als je op zoek bent naar kosmologisch bewustzijn, moet je de tijd nemen. Dat was ik al aan het doen, maar door corona stopte de hele wereld met draaien. Die vertraging was cruciaal. Daardoor ben ik gaan schrijven, anders was ik waarschijnlijk nog steeds aan het reizen. Ik zat nog vol plannen, want ik had nog niet alles. Maar met het universum heb je natuurlijk nooit alles.”

Het boek is klaar, blijft u nog wel actief als correspondent?

“Voorlopig wel, hoewel dat ‘ruimtevaart’ me een beetje te benauwd wordt. Mij interesseren die raketten niet zo; het gaat me er meer om hoe we ons verhouden ten opzichte van het onbevattelijke. Maar dat is niet zo’n goeie titel voor een correspondent, ‘Correspondent Onbevattelijkheid’.

Van Heemstra organiseert met Najat Kaddour Nacht-Wacht-wandelingen op Over het IJ Festival, van 9 t/m 17 juli in het Vliegenbos.

null Beeld

Non-fictie

In lichtjaren heeft niemand haast
De Correspondent, €20 (e-book €7, ­audioboek €12,50), 184 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden