PlusAchtergrond

Ronde vormen, puntige daken: architecten van de Amsterdamse School haalden veel inspiratie uit Nederlands-Indië

Wooncomplex ‘De Dageraad’, ontworpen door Michel de Klerk en Piet Kramer, bevat verwijzingen naar de traditionele huizen van de Minangkabau op West-Sumatra. Beeld Marcel Westhoff
Wooncomplex ‘De Dageraad’, ontworpen door Michel de Klerk en Piet Kramer, bevat verwijzingen naar de traditionele huizen van de Minangkabau op West-Sumatra.Beeld Marcel Westhoff

Museum Het Schip heeft een tentoonstelling over de relatie tussen Indonesië en de Amsterdamse School. Architecten en kunstenaars vonden er ambachten die in Nederland onbekend waren.

Kees Keijer

Geinige puntdaken, op de brughuisjes van de P.L. Kramerbrug aan de Amsteldijk. Typisch Amsterdamse School ook. Vanuit het water rijst een decoratief patroon van bakstenen op, dat op het dak wordt bekroond door een uitstulping met een scherpe punt.

De vorm is, zo blijkt, een duidelijke verwijzing naar de stoepa, een boeddhistisch koepelvormig bouwwerk met een kegelvormige spits. Door heel Oost- en Zuidoost-Azië bestaan er stoepavormige heiligplaatsen waar boeddhisten mediteren.

Dat de architecten en beeldhouwers van de Amsterdamse School zulke vormen in hun eigen werk verwerkten was geen toeval, laat een tentoonstelling in Museum Het Schip zien. Het is duidelijk dat de Amsterdamse Schoolontwerpen vol zitten met expressieve en fantasievolle vormen. Dat deze vormentaal schatplichtig is aan cultuuruitingen in Indonesië is minder bekend. Er zijn wel artikelen in vaktijdschriften over verschenen, maar een omvangrijke publicatie of tentoonstelling over dit onderwerp ontbrak tot nu toe.

Parabool

Javaanse tempels en Indonesische volksarchitectuur en ambachten maakten aan het begin van de twintigste eeuw een diepe indruk op kunstenaars en architecten van de Amsterdamse School. En dat zie je in allerlei gebouwen terug. Een mooi voorbeeld is de paraboolvorm. Deze is te vinden in Het Schip en andere gebouwen van De Klerk in de Spaarndammerbuurt.

De paraboolvorm is een verwijzing naar de stoepa. Nederlandse kunstenaars en architecten kenden de stoepa meestal van de Borobudur, het boeddhistische tempelcomplex vlakbij Yogyakarta op Java. Eind negentiende eeuw werd de Borobudur herontdekt door Nederlandse oriëntalisten en archeologen. In 1912 kwam een grootscheepse restauratie van het complex gereed, wat nog meer aandacht voor de Borobudur genereerde.

Band met de natuur kwijt

De belangstelling voor Indonesische culturen werd gevoed door een sentiment dat onder Nederlandse kunstenaars, architecten en intellectuelen leefde. Er was een wijdverspreid idee dat de westerse beschaving door de industrialisatie steeds verder was afgestompt. Men was de band met de natuur en de eenvoudige maar waardevolle dingen van het leven verloren, zo werd gedacht. De verwoestingen van de Eerste Wereldoorlog versterkten het idee dat de Europese cultuur zichzelf opnieuw moest uitvinden.

Kunstenaars en architecten gingen overal ter wereld op zoek naar inspiratiebronnen waarin het ambacht nog gerespecteerd werd. Door de Nederlandse koloniale overheersing in het toenmalige Nederlands-Indië was de band met deze archipel vanzelfsprekend sterk. Vormgevers van de Amsterdamse School kwamen in contact met de kunst, cultuur en tradities van Indonesië.

Draakslang

Vooral in Bali vonden zij een paradijselijke omgeving die nog ‘puur’ en ‘onaangetast’ was door de moderne industrie. Toch zorgden juist industriële innovaties voor meer contact tussen werelddelen. Door stoomschepen werd het voor Nederlanders steeds makkelijker om de verre reis naar Nederlands-Indië te maken. Een verbinding van zendstation Radio Kootwijk maakte communicatie met Nederlands-Indië mogelijk. Een radiomeubel ontworpen door Ko Pollé is dus niet toevallig helemaal handgemaakt, inclusief beeldjes van Hildo Krop.

Meestal kwam men in Nederland in contact met Indonesische voorwerpen via etnografische musea en wereldtentoonstellingen, waarin objecten uit de koloniën werden getoond. Soms reisden kunstenaars en architecten naar Nederlands-Indië, zoals architect Eduard Cuypers in 1909. De Amsterdamse Schoolarchitecten Michel de Klerk, Piet Kramer en Jo van der Mey werden bij Cuypers opgeleid en kregen van hem veel kennis over Indonesische bouwkunst mee.

In Het Schip heeft architect De Klerk bijvoorbeeld een naga verwerkt, een mythische draakslang die in oosterse culturen wordt geassocieerd met de onderwereld en met vruchtbaarheid. Twee schoorstenen van Het Schip lijken op opstaande naga’s, waarbij het kronkelende lijf van de draakslang wordt gevormd door een dakrand met zwarte pannen.

Batik

De puntige daken van traditionele huizen van de Minangkabau op West-Sumatra komen terug in diverse gebouwen van de Amsterdamse School. Wooncomplex De Dageraad in de P.L. Takstraat van Michel de Klerk en Piet Kramer heeft een vergelijkbaar dak. Ook in een tafelklok en andere voorwerpen zien we de karakteristieke vorm terug.

Nederlandse kunstenaars gingen Indonesische technieken gebruiken en gaven daar hun eigen draai aan. Vooral het batikken ontpopte zich tot een ware manie onder kunstenaars en vormgevers. Architect Han van Loghem ontwierp zelfs een gebatikte kuipstoel en tafel.

Ook in Nederlands-Indië werd gebouwd volgens de principes van de Amsterdamse School. De tropische omgeving vereiste een andere bouwstijl, maar toch werden er gebouwen en monumenten ontworpen met expressieve en ritmische vormen die kenmerkend zijn voor de Amsterdamse School. Zo ontwierp de van oorsprong Amsterdamse architect Cosman Citroen stadswijken, openbare gebouwen en bruggen.

Vervlogen idealen

In Jakarta (destijds Batavia) kwam zelfs een monument voor de omstreden gouverneur-generaal J.B. van Heutsz, ontworpen door architect Willem Dudok en beeldhouwer Hendrik van den Eijnde. Al voor de onthulling in 1932 werd er geprotesteerd tegen het monument ter meerdere eer en glorie van een koloniale ijzervreter.

Kort na het uitroepen van de Indonesische onafhankelijkheid in 1945 werd het monument beklad met leuzen. Een paar jaar later werd het gesloopt. Een fragment van een figuur van de sokkel bevindt zich in de collectie van het Rijksmuseum in Amsterdam. De beschadigde kop ligt nu in Museum Het Schip, als stille getuige van vervlogen idealen van de Amsterdamse School, ingehaald door de harde realiteit.

Indonesië en de Amsterdamse School: t/m 27 augustus 2023 in Museum Het Schip.

Een woning van de Minangkabau op Sumatra. Beeld Universitaire Bibliotheken Leiden
Een woning van de Minangkabau op Sumatra.Beeld Universitaire Bibliotheken Leiden
Klok met batikmotieven op hout door Louis Bogtman, circa 1925. Beeld Melle van Maanen / Collectie Museum Het Schip
Klok met batikmotieven op hout door Louis Bogtman, circa 1925.Beeld Melle van Maanen / Collectie Museum Het Schip
Beeldhouwwerk van de Java-China-Japan Lijn op Het Scheepvaarthuis door Hendrik van den Eijnde en Hildo Krop, 1913-1916. Beeld Marcel Westhoff
Beeldhouwwerk van de Java-China-Japan Lijn op Het Scheepvaarthuis door Hendrik van den Eijnde en Hildo Krop, 1913-1916.Beeld Marcel Westhoff

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden