PlusAchtergrond

Roemrucht ‘Zwart vierkant’ is middelpunt van langverwachte expositie in de Hermitage Amsterdam

Kazimir Malevitsj, Zwart vierkant (1930-32). Beeld Hermitage Amsterdam
Kazimir Malevitsj, Zwart vierkant (1930-32).Beeld Hermitage Amsterdam

Van Zwart vierkant van Malevitsj tot abstracte sovjetkunst op keizerlijk porselein: de Hermitage Amsterdam komt in de langverwachte expositie Russische avant-garde – Revolutie in de kunst met 500 zeer uiteenlopende bruiklenen uit het moedermuseum in Sint-Petersburg.

Marjolijn De Cocq

En dan sta je er ineens voor, in Sint-Petersburg, voor dat Zwart vierkant. Roemrucht, dit ‘merkteken’ van Kazimir Malevitsj, dat hij zelf eerst Vierhoek noemde, en later Kwadraat. Een provocatie was het, zoals het doek in 1915 voor het eerst werd tentoongesteld: niet plat aan de muur maar in de bovenhoek van de zaal – de traditionele plek van de huisicoon in Russische woningen.

‘Een denkbeeldige slagroomtaart in het gezicht van het intellectuele establishment’: zo beschrijft auteur Sjeng Scheijen van het boek De avant-gardisten die eerste expositie van Zwart vierkant. Maar voor Malevitsj (1879-1935) zelf vooral een openbaring. De apotheose van zijn zoektocht naar een doorbraak uit de tweedimensionale wereld van de schilderkunst en de driedimensionale wereld van onze zintuiglijke waarneming.

Een schilderij als een poort naar een andere dimensie, die van echte onstoffelijkheid. Hij zou er zelf uitgebreide verhandelingen over schrijven en velen na hem. Het suprematisme, noemde Malevitsj als pionier van de Russische avant-gardisten zijn nieuwe stroming waarbij hij het figuratieve afzwoer. Maar zijn kunst was meer dan een filosofisch concept, benadrukt Scheijen, en ook op fysieke manier radicaal.

Niet dat het Zwart vierkant dat wordt tentoongesteld in het Gebouw van de Generale stad aan het Paleisplein – onderdeel van de Hermitage in Sint-Petersburg – dat éérste Zwart vierkant van die beruchte tentoonstelling van 1915 is. Het is de laatste van drie kopieën, die Malevitsj alle antedateerde op 1913 omdat hij zo kon claimen méér pionier te zijn geweest dan zijn kunstenaar-rivaal Vladimir Tatlin, die in 1914 zijn eerste baanbrekende reliëfs maakte. Maar toch: dan sta je ineens voor Zwart vierkant.

Wassily Kandinsky, Schets voor compositie V (1911).  Beeld Museum de Hermitage
Wassily Kandinsky, Schets voor compositie V (1911).Beeld Museum de Hermitage

Het lijkt rigide, zeker met de twee kleurige abstracten van tijdgenoot Vasili Kandinsky er schuin tegenover. Maar van zo dichtbij is het bijna ontroerend. Malevitsj de compromisloze, de onverzoenlijke, de autoritaire heeft dit geschilderd. Toch ís het helemaal niet zo hard en strak en afgemeten. Linksonder zit een kreukelig hoekje, er zijn lijntjes uitgelopen in het vezelig doek. Het is dan en daar in Sint-Petersburg nog gevat in een dubbel houten frame met behoorlijk lullige plastic clipjes.

Vernieuwing van idioom

Maar nu is dat Zwart vierkant, net als overigens die Kandinsky’s, anderhalf jaar lang te zien in Nederland. Voor de tentoonstelling Russische avant-garde – Revolutie in de kunst, de langverwachte opvolger van 1917. Romanov en Revolutie, het einde van de monarchie (2017) worden hele museumzalen van de Hermitage in Sint-Petersburg leeg getrokken. Ruim vijfhonderd zeer uiteenlopende bruiklenen heeft de Amsterdamse pendant ter beschikking gekregen.

Malevitsj, Kandinsky en tal van andere avant-gardisten maakten naam met hun vernieuwingen in de schilderkunst, maar ze ontwierpen ook interieurs en theaterdecors, gebruiksvoorwerpen en boeken. Scheijen, die ook gastconservator is: “Er was een grote groep kunstenaars die probeerden buiten de conventies te treden. Het was niet alleen een vernieuwing van idioom aan de muur, maar een mentaliteit die creativiteit permanent en prominent aanwezig wilde maken in de openbare ruime.”

Het avant-gardisme kon je zien als een lifestyle. “Het was de slag van het platte vlak naar de drie dimensies, een artistieke, sociale en filosofische beweging. Creatief, bohemien, speels, warm, non-conformistisch,” zegt Scheijen – zich wel bewust van de ironie dat de kunstzinnige uitingen die de avant-gardisten juist de wereld in wilden brengen nu weer zijn beland in de ‘heilige wereld van het museum’.

Nieuwe, betere wereld

Tegelijkertijd met deze revolutie in de kunst was de Russische Revolutie gaande. In 1917 kwam een bloedig einde aan het tsaristische tijdperk. Aanvankelijk sloten de culturele en politieke revolutionairen een verbintenis: samen op weg naar een nieuwe wereld. Radicale kunstenaars als Malevitsj, Kandinsky, Tatlin, Marc Chagall en Aleksandr Rodtsjenko werden als ambtenaren aangesteld op hoge cultuurposten.

Scheijen: “De bolsjewieken waren in eerste instantie tegen de avant-gardisten gekant. De leiders hadden voor de revolutie ook vooral in het buitenland gewoond en wilden eigenlijk niets te maken hebben met wat zij idioten vonden.”

Kunstenaarsgroep Oenovis, net voor vertrek naar Moskou, 1920. Middenin Malevitsj, die een schotel vasthoudt. Links iets lager naast hem kunstenaar El Lissitzky, met muts en baardje. Op zijn manchet is een zwart vierkant te zien. Beeld Hermitage Amsterdam
Kunstenaarsgroep Oenovis, net voor vertrek naar Moskou, 1920. Middenin Malevitsj, die een schotel vasthoudt. Links iets lager naast hem kunstenaar El Lissitzky, met muts en baardje. Op zijn manchet is een zwart vierkant te zien.Beeld Hermitage Amsterdam

Maar toen Lenin een grote opdracht gaf tot vernieuwing van de openbare ruimte, iets waar veel gearriveerde kunstenaars niets in zagen, ontstond de unieke situatie dat kunstenaars die eerst randfiguren waren ineens een machtsfactor werden. “Zo weten ze zich collectief naar binnen te werken. Bij de viering van de eerste verjaardag van de revolutie mochten ze op massale schaal met écht radicale kunst de steden decoreren. Enorme installaties, Christo was er niets bij.”

De omarming duurde maar kort. “Er kwamen protesten, de revolutie zou belachelijk zijn gemaakt door deze ‘malloten,’ en vanaf dat moment kwam er een campagne tegen de avant-gardisten.” Terwijl internationaal hun bekendheid en reputatie steeg, en kunststromingen als De Stijl in Nederland en Bauhaus in Duitsland beïnvloedde, werd hun positie nationaal steeds hachelijker.

Na de dood van Lenin in 1924 begon de marginalisering; de bolsjewistische leiders wilden de cultuurwereld homogeniseren en populariseren – voor excentriciteit en onafhankelijkheid was geen plaats meer. En vanaf 1927, toen Stalin als alleenheerser aan de macht kwam, werd cultuur louter nog een propagandamiddel. In 1932 werden onafhankelijke kunstgroeperingen verboden.

Alom tegenwoordig

Malevitsj had belangrijke instellingen geleid, was voorbeeld en leermeester geweest van velen, maar in 1930 was hij na een bezoek aan Duitsland in de gevangenis beland op verdenking van spionage. Daarna was hij nooit meer dezelfde. Toch had hij in zijn nadagen de schilderkwast weer opgepakt en abstracte maar toch al meer figuratieve series van het boerenleven gemaakt, geïnspireerd op het platteland van zijn jeugd.

Kazimir Malevitsj, Dynamische compositie (1923). Beeld Museum de Hermitage
Kazimir Malevitsj, Dynamische compositie (1923).Beeld Museum de Hermitage

Ook daarvan is een aantal in Amsterdam te zien, afkomstig uit het depot van het Russisch Museum in Sint-Petersburg, waar wetenschappelijk medewerker Olga Moesakova rek na rek vol Malevitsjen kan opentrekken. Op haar mondkapje is een afbeelding genaaid van Zwart vierkant – alom tegenwoordig. Bij het zitje in Moesakova’s afgeladen domein hangt het zelfportret dat hij in 1933 schilderde in een op de renaissancekunst geënte stijl – Malevitsj à la Cosimo de Medici. Maar toch: rechtsonder gesigneerd met een zwart vierkant.

Het was het logo van de Oenovisbeweging in Vitebsk waar hij ‘Bekrachtigers van de Nieuwe Kunst’ had opgeleid. Het is ter nagedachtenis aangebracht op de muur van het voormalige Museum voor Artistieke Cultuur (later Staatsinstituut voor artistieke cultuur Ginchoek) bij de Sint Izaäk Kathedraal in Sint-Petersburg waaraan hij ooit trots leiding had gegeven maar ook in een politieke machtsstrijd het onderspit had gedolven.

Op de dag van zijn rouwdienst in mei 1938 – hij overleed, steeds verder weggekwijnd, aan de gevolgen van kanker – lag hij er opgebaard in zijn atelier, een Zwart vierkant boven zijn hoofd. De rouwwagen had een groot zwart vierkant op de grille. Op zijn graf werd een kubus opgericht met een zwart vierkant – provisorisch, en allang verdwenen.

Maar nu is Zwart vierkant (het was in 2013-2014 al te zien in het Stedelijk) het middelpunt van de nieuwe expositie in de Hermitage Amsterdam. Verdwenen zijn die lullige plastic clipjes, dankzij de Stichting Vrienden van de Hermitage is er een nieuwe lijst. Een foto van Malevitsj, de maker is onbekend, flankeert zijn ‘slagroomtaart’, die alle Sovjetdictators heeft overleefd. In zijn ogen laait het vuur.

Sergej Tsjechonin en Michail Pesjtsjerov, Bord ‘Kubist met hamer’ (1919). Beeld Hermitage Amsterdam
Sergej Tsjechonin en Michail Pesjtsjerov, Bord ‘Kubist met hamer’ (1919).Beeld Hermitage Amsterdam

Keizerlijk porselein kreeg embleem met hamer, sikkel en tandwiel

Schilderkunst, performance, poëzie, installatie, kleding, architectuur – geen maatschappelijke of kunstzinnige categorie was ‘veilig’ voor de creativiteit van de avant-gardisten. Maar in de tentoonstelling in de Hermitage Amsterdam ligt de nadruk op de meest onverwachte artistieke discipline waarin ze actief waren: de vormgeving van porselein – dat lang te boek stond als ‘keizerlijk.’ De Keizerlijke porseleinfabriek van Sint-Petersburg, opgericht onder de tsaren, werd in 1917 staatsfabriek en kreeg opdracht nieuw, revolutionair porselein te maken. De avant-gardisten onder leiding van vormgever Sergei Tsjechonin sprongen in dat gat, het tsaristisch embleem werd vervangen door dat van een hamer, sikkel en tandwiel. Ze ontwerpen nieuwe vormen en beschilderen oude voorraden borden en schalen met hun revolutionaire beeldtaal van geometrische figuren en primaire kleuren. De tentoonstelling toont ontwerpschetsen en originelen. Scheijen: “Dit revolutionaire porselein kon, tot de avant-gardisten zelf steeds meer in het nauw kwamen, nog relatief lang doorgaan, omdat het in het buitenland een heel groot succes was. Het werd getoond op de Biënnale in Venetië en de Wereldtentoonstellingen. Én het werd verkocht, dus het leverde geld op.”

Bij de tentoonstelling verschijnt het boek Russische avant-garde | Revolutie in de kunst van Sjeng Scheijen e.a.; WBooks, €39,95, 192 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden