PlusAchtergrond

Rob Hillenbrink maakt filmpiemels en -borsten – ‘Als je ze ziet, zijn ze nep’

Jacob Derwig met zijn ‘kunstpiemel’ in De Verschrikkelijke Jaren Tachtig. Beeld VPRO/Topkapi Films
Jacob Derwig met zijn ‘kunstpiemel’ in De Verschrikkelijke Jaren Tachtig.Beeld VPRO/Topkapi Films

Jacob Derwig die langs de kant van de weg staat met zijn piemel uit zijn broek. Een zwangere Carice van Houten in bad. Naakt in films en series is meestal niet écht naakt, maar ‘een soort ouderwetse deepfake’.

Gudo Tienhooven en Marlies van Leeuwen

Een meisje dat in de brandnetels is gevallen, Bert (Jacob Derwig) die haar wel zal helpen door ‘even over haar heen te pissen’. Omstanders roepen dat ‘dat echt niet kan’, maar het is al te laat. Bert haalt zijn geslacht uit zijn broek terwijl er een auto langsrijdt – met een geschokt, starend meisje erin.

Het is een scène uit de VPRO-serie De verschrikkelijke jaren tachtig die Arjan Lubach deze week in zijn Avondshow liet zien bij zijn ontvangst van Kim van Kooten, schrijfster van de reeks én vrouw van hoofdrolspeler Derwig. Het is niet zijn echte piemel, benadrukte ze. “Dat kan natuurlijk niet, dat vindt hij onprettig. En er waren allemaal kinderen bij.” Het gaat om een penis die speciaal voor filmsets is gemaakt, legde ze uit, die de kindacteurs van tevoren ook even te zien krijgen zodat ze niet schrikken als het ding ineens vlak voor hun ogen bungelt.

‘Toegepaste kunst’

Achter de schermen gaat een wereld schuil vol rekwisieten waar de kijker geen weet van heeft. Het bedrijf van Rob Hillenbrink – Rob’s Prop Shop – heeft zich er al 35 jaar geleden in gespecialiseerd. Die piemels, daar heeft hij er vijf van liggen in een lade in zijn werkplaats. “Van klein blank tot groot zwart, om de bandbreedte aan te geven,” zegt hij. Het zijn geen afgietsels. “Dat zou niet zo gepast zijn. We boetseren ze, dat kost een paar dagen. Dat doen we ook met vrouwenborsten. Noem het maar toegepaste kunst.”

Zijn werkplaats in Purmerend, meer dan 600 vierkante meter groot, ligt vol rekwisieten. Afgietsels van de gezichten van honderden acteurs, om op basis daarvan weer goed passende andere ‘props’ te kunnen maken. De neus van Willem Holleeder bijvoorbeeld, of heftige verwondingen. Dertig lijken van siliconen, lades vol afgehakte handen, stellingen met pasgeboren baby’s en nep-zwangere buiken. “Die worden het meest verhuurd. Je wil niet weten in hoeveel films, series en commercials zwangere vrouwen of pasgeboren baby’s zitten. Ik denk dat al die baby’s stuk voor stuk een bevalling of 25 achter de rug hebben,” zegt Hillenbrink.

De bekendste nepbuik is misschien wel die van Carice van Houten in De gelukkige huisvrouw. De actrice liet hiervoor eerst een afgietsel maken van haar ribbenkast, zodat de babybuik perfect zou aansluiten. Belangrijk voor een scène in bad waarin haar lijf goed te zien was.

Carice van Houten met nepbuik in de Gelukkige Huisvrouw. Beeld ANP/Pim Ras
Carice van Houten met nepbuik in de Gelukkige Huisvrouw.Beeld ANP/Pim Ras

Alleen de suggestie

De acteergeslachtsdelen worden niet vaak gebruikt, zegt Hillenbrink. “Er zijn zelden van dat soort shots nodig. We maken geen achttienplusfilms. In de meeste gevallen wordt alleen de suggestie gewekt, maar in sommige gevallen vindt een regisseur het echt nodig.” Hij noemt bijvoorbeeld Daniël Arends, die in de komedie Bro’s Before Ho’s rondloopt met z’n broek op zijn knieën, of Michiel Huisman in de boekverfilming van Phileine zegt sorry.

En nee, zegt Hillenbrink, acteurs vragen niet per se om een wat forser model dan ze zelf hebben. “Huisman moest bijvoorbeeld een heel grote hebben in die film. Hij was daar wel blij mee, tot ik zei: wacht maar tot je een vrouw mee naar huis neemt. Dan valt ie tegen,” zegt de rekwisietenman grinnikend.

Een ‘afgehakte’ hand en een Lade met neppiemels in Rob's Prop Shop. Beeld Jean-Pierre Jans
Een ‘afgehakte’ hand en een Lade met neppiemels in Rob's Prop Shop.Beeld Jean-Pierre Jans

Regisseur Joram Lürsen, die onder meer Alles is liefde en Bankier van het verzet maakte, gebruikte ooit de ‘reispiemel’ voor zijn film Publieke Werken uit 2015 met, ook weer, Jacob Derwig. Daarin zit een scène waarin de acteur zichzelf moet besnijden. “Ik repeteerde met de hoofdrolspelers, onder wie Gijs Scholten van Aschat. Hij vroeg: ‘Hoe ga je dat doen?’ Ik was natuurlijk niet van plan Jacobs piemel in beeld te nemen, ik wilde alleen de suggestie wekken, maar Gijs vond dat we het wel écht moesten filmen. Jacob werd een beetje stil, die dacht: no way, ik ga niet met een klem op mijn voorhuid zitten.”

Piemels als ‘kostuums’

Lürsen herinnerde zich toen een documentaire over de Italiaanse filmmaker Pier Paolo Pasolini, die de beruchte film Salò of de 120 dagen van Sodom (1975) had gemaakt, vol expliciet naakt. Pasolini mat zijn acteurs neppenissen aan om de strikte pornografiewetgeving te omzeilen. Door de piemels van de cast af te gieten en er een exemplaar omheen te boetseren, viel het onder ‘kostuums’ en mocht de film gewoon in de bioscopen vertoond worden. “Ik besloot ook zoiets te doen en kwam er toen achter dat Rob al zo’n piemel in omloop had,” zegt Lürsen. Toen het ‘kunstgeslacht’ op de set in Hongarije arriveerde, bleek het echter rood schaamhaar te hebben. “Jacob heeft donker haar. De grimeur is dagen bezig geweest om alle rode haren eruit te trekken en ze te vervangen door donkere. Hij lijkt heel echt. De voorhuid kon je naar achteren trekken, je ziet ook de aderen lopen.”

De fake intieme delen zijn een uitkomst voor acteurs en actrices die anders hun hele hebben en houwen tot in de eeuwigheid op internet zien rondzwerven. “Voor Alleen maar nette mensen maakten we flinke nepborsten voor Imanuelle Grives. Ze vond jaren later nog een seksscène uit die film terug op een Amerikaanse pornosite. Mensen denken dat het echt is,” zegt Hillenbrink. “Eigenlijk kun je ervan uitgaan dat áls je ze ziet in een film, dat ze nep zijn.”

Lürsen herkent dat onder de acteurs met wie hij werkt. Die vinden het fijn om ‘bedekt’ te zijn. “Zo komt er geen schaamte meer bij kijken. Het is een soort ouderwetse deepfake.”

Kast vol hoofden in Rob's Prop Shop. Beeld Jean-Pierre Jans
Kast vol hoofden in Rob's Prop Shop.Beeld Jean-Pierre Jans

Appelwangen van Anniko
De grimeurs in de tv- en filmwereld kunnen niet zonder siliconen. Zo ligt de visagieruimte bij de studio waar De TV Kantine wordt opgenomen vol met allerhande ‘prothesen’, gemaakt door make-upartiest Kevin Van Den Bergh. Een bakje met het rechterwangkuiltje van Ilse DeLange, eentje met de onderlip van Max Verstappen, maar ook de kaken van Sophie Hilbrand, de appelwangen van Anniko van Santen, de neus van Gijp, de oudemannennek van Joop van den Ende en de Joke Bruijs-wangplooi. “Het is heel ambachtelijk werk. Mensen snappen dat je zes weken achter de naaimachine zit voor een bruidsjurk, maar dat zulke dingen boetseren veel tijd kost, hebben ze niet door,” zegt Van Den Bergh, die zich vooral richt op ‘3D-make up’ - van Kabouter Plop-neusjes tot maskers voor undercoveragenten. “Je maakt van niets iets, een soort Frankensteineffect. It’s alive! Heel dankbaar om te doen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden