PlusAmsterdam Art Week

Rijksakademie Open Studios: boorplatformfilm en onderzoekskunst

Tijdens de Rijksakademie Open Studios laten 44 kunstenaars gedurende 11 dagen zien wat zij de afgelopen 18 maanden in hun ateliers maakten. Vijf van hen lichten hun werk hier toe. ‘Ik heb elke zaterdag lekker zitten knutselen aan een bouwmodel.’

Lotte van Geijn verdiepte zich in de geschiedenis van de Rijksakademie. ‘Ik kwam hier al als tiener.’ Beeld Jakob van Vliet
Lotte van Geijn verdiepte zich in de geschiedenis van de Rijksakademie. ‘Ik kwam hier al als tiener.’Beeld Jakob van Vliet

Lotte van Geijn doet als kunstenaar vooral onderzoek. “Ik vind mezelf niet zo interessant, dus ik ben meer geïn­teresseerd in research van anderen.” Toen ze aan haar werkperiode op de Rijksakademie begon, ging ze zich verdiepen in de geschiedenis van het instituut. Van de plek ook, vooral. Ze schuurde de vloer van haar atelier af en ontdekte allerlei verborgen verflagen.

Van Geijn ging ook met een andere blik kijken naar de voormalige cavalleriekazerne, waar paarden woonden en later medicijnen werden ­geproduceerd en opgeslagen. Omdat ze het vreemd vond dat niemand ooit serieus naar de bomen op het terrein had gekeken, vroeg ze Hans Kaljee, de bomenspecialist van Amsterdam, langs te komen. Zo weet Van Geijn nu alles over de esdoorn op het terrein van de Rijksakademie. Hij staat vlak bij het water, aan de schuine kant van het talud. De boom is 100 jaar oud. Omdat hij vrij moeilijk bereikbaar is, is hij eigenlijk niet te snoeien. Door de schuine ondergrond heeft hij extra hout aangemaakt, waardoor de vorm van de stam steviger is.

Van Geijn onderzocht de geschiedenis van de Rijks­akademie en is nu zelf onderdeel van die geschiedenis. “Ik ben geboren en getogen in Amsterdam, als tiener kwam ik hier al met mijn ouders naar de Rijksakademie Open. Dat ik dit nu van binnenuit mag meemaken, is heel bijzonder. Er is geen enkele druk. Nul. Van buiten lijkt het een prestigieus instituut, maar als je binnen bent valt dat helemaal weg. De open dagen zijn voor mij ook het minst belangrijk van mijn hele verblijf hier. De tijd en ruimte die je krijgt om je onderzoek te doen, is geweldig. Ook tijdens corona ervoer ik het als een heel veilige omgeving.”

Spoor van geweld

De Indonesische kunstenaar Julian Abraham ‘Togar’ kocht aan het begin van de pandemie een drumstel. Zijn atelier werd uiteindelijk een ruimte die het meest lijkt op een muziekstudio. Er staan mengpanelen, allerlei instrumenten en andere muziekapparatuur. De ruimte staat vol met cassetterecorders, walkmans en dozen met cassettes, die hij kocht via Marktplaats. “Wist je dat Ajax ooit werd gesponsord door TDK?”

Het atelier van Julian Abraham ‘Togar’, uit Indonesië, lijkt een soort muziekstudio. Hij heeft tekstwerken gemaakt die refereren aan muziek en geluid. Beeld Jakob van Vliet
Het atelier van Julian Abraham ‘Togar’, uit Indonesië, lijkt een soort muziekstudio. Hij heeft tekstwerken gemaakt die refereren aan muziek en geluid.Beeld Jakob van Vliet

Togars ruimte werd veel gebruikt om te jammen, maar hoe dat precies ging, kan hij niet vertellen. We moeten in elk geval niet direct aan muziek denken, zegt hij. Dat is te beperkt. “Muziek is een abstracte constructie, hoe zou je muziek definiëren? Muziek op zich is ook niet belangrijk, het gaat om het samenkomen, het sociale aspect van iets maken.”

Togar heeft ook een aantal tekstwerken gemaakt die ­refereren aan popmuziek en geluid. Om Music is a normalization of violence te verduidelijken, pakt hij een doek uit een hoek van het atelier. “Die heb ik gebruikt om het geluid van de bassdrum te dempen. Na een tijd kwam er een gat in de stof, eigenlijk een spoor van geweld, want de doek ging kapot door het drummen.”

Hij ontdekte dat de kranen op de Rijksakademie vreemde geluiden maken. Als je er met je vingers op tikt, ontstaat bijvoorbeeld een brommend geluid. Andere kranen ­gingen piepen als je ze zachtjes openzet. Togar maakte er video’s van, waarbij hij het geluid combineert met een machine die hij demonstreert. Tussen twee drumvellen die kunnen kantelen, glijden kogeltjes heen en weer. Zo ontstaat de illusie van een branding.

Botten

Toen Daniel Aguilar Ruvalcaba uit Mexico naar Amsterdam kwam, zat er een plaat met schroeven in zijn hiel. Hij was van een muur gevallen, waarbij hij meerdere botten had gebroken. Het lag voor de hand daar iets mee te doen, vertelt hij in zijn chaotische atelier.

Daniel Aguilar Ruvalcaba komt uit Mexico. Het schildpad­patroon op de muren is onderdeel van een werk dat hij baseerde op de paradox van Achilles en de schildpad.  Beeld Jakob van Vliet
Daniel Aguilar Ruvalcaba komt uit Mexico. Het schildpad­patroon op de muren is onderdeel van een werk dat hij baseerde op de paradox van Achilles en de schildpad.Beeld Jakob van Vliet

Aguilar Ruvalcaba legt snel verbanden tussen de meest uiteenlopende onderwerpen en weet binnen de kortste tijd de juiste dingen te laten zien om zijn punt te maken. Botten, daar was hij al langer mee bezig. Vandaar ook de stoffen dinosaurus die in zijn atelier ligt. Die gaat hij later samenpersen tot de vorm van een bot, waarna het beeld een plek krijgt op een plein in Mexico. In Zuid-Mexico ligt de plek waar de meteoriet neerkwam waardoor de dinosauriërs zijn uitgestorven, dat heeft er alles mee te maken.

De plaat en schroeven liggen op zijn bureau. Die zijn er in het AMC uitgehaald. Zijn project op de Rijksakademie Open Studios heet The Paradox of Achilles and The 500-Year-Old-Turtle That Accidentally Became a Snail. De paradox van Achilles en de schildpad wordt toegeschreven aan de Griekse filosoof Zeno van Elea. Als een schildpad een voorsprong heeft op de snelle Achilles, kan die de achterstand inlopen, maar de schildpad nooit inhalen. Achilles is natuurlijk ook bekend vanwege zijn hiel, zijn zwakke punt. Precies waar Aguilar Ruvalcaba zijn breuk had.

Op de muren van het atelier heeft Aguilar Ruvalcaba het patroon van een schildpaddenschild getekend. Hij plaatst de kijker in de positie van een schildpad die ziet hoe traag de cartooneske wereld aan zich voorbijtrekt.

Nostalgie

Ook Tanja Engelberts zet de tijd stil in haar atelier. Ze ging terug naar een project waar ze een paar jaar geleden aan werkte. Engelberts verdiepte zich in het offshorelandschap op de Noordzee. Midden in haar atelier staat een modelbouw boorplatform: “Dat heb ik een beetje als gein­tje gekocht. Samen met een andere kunstenaar op de Rijks heb ik elke zaterdag lekker zitten knutselen.”

Tanja Egelberts maakte een film over olieplatforms. ‘Platforms die in twintig jaar zijn opgebouwd, worden in vier weken in Vlissingen ontmanteld.’  Beeld Jakob van Vliet
Tanja Egelberts maakte een film over olieplatforms. ‘Platforms die in twintig jaar zijn opgebouwd, worden in vier weken in Vlissingen ontmanteld.’Beeld Jakob van Vliet

Engelberts maakte een film over olieplatforms. Vooral over de manier waarop ze ontmanteld worden, want door de energietransitie zijn ze overbodig geworden. “Platforms die in twintig jaar zijn opgebouwd, worden in vier weken in Vlissingen ontmanteld.”

Ze maakte ook een installatie met tachtig dia’s, met teksten die ze schreef op basis van interviews met mensen die daar werken. In totaal ging ze zeven keer naar diverse booreilanden en boorplatforms. “Ik had veel research gedaan. Als je bijvoorbeeld het verschil niet kent tussen een platform en een booreiland, hebben ze al geen zin meer om met je te praten.”

De eerste keer moest ze ook een offshorecursus doen, met een onderdeel in een zwembad waarbij ze uit een kooi moest ontsnappen. Uiteindelijk is het project ook een beetje nostalgisch. “Mensen hebben dertig jaar op die platforms gewerkt en als ze met pensioen gaan, wordt het hele platform weggehaald. Dan is er niks meer wat aan hun werk herinnert.”

Ook de presentatie van Ian Page zou je nostalgisch kunnen noemen, al zit diens werk wel boordevol ironie. De Amerikaan laat een aantal panelen zien, achtergrond-doeken die hij kocht in Los Angeles, de stad waar hij voorheen woonde. Page droomde ervan om in een filmsetting te gaan wonen, vertelt hij. “Ik had een stukje land en ­bedacht dat het handiger was in een filmset te leven dan een echt huis te bouwen. De regels voor huizen zijn heel strikt, maar een filmset hoeft nergens aan te voldoen.”

Toen hij de achtergronden tegenkwam, klopte alles. “Ik zag een driehoek ontstaan: mijn voornemen om in een filmset te gaan wonen, mijn huidige leven in Europa, en de verwarring die deze dingen met elkaar veroorzaakte. Er was de geïdealiseerde, fictieve wereld, en mijn Ame­rikaanse perspectief op Europa. Het is natuurlijk heel ­ongemakkelijk om het Colosseum in Rome in Amsterdam te laten zien en te weten dat dit gedaan is door een Amerikaan van wie verwacht wordt dat hij alles generaliseert.”

De kaartverkoop voor de Rijksakademie Open Studios, van 17 t/m 27 juni, begint kort voor de aanvangsdatum.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden