Plus

Rembrandts Oopjen was een P.C. Hooftstraatvrouw avant la lettre

De portretten op de expositie High Society in het Rijksmuseum geven een heerlijk kijkje in vier eeuwen mode. Zo was de pipse koopmansdochter Oopjen Coppit een P.C. Hooftstraatvrouw avant la lettre.

Casati liep regelmatig met twee luipaarden door Venetië.Beeld Rijksmuseum

Denk de ouderwetse, bleke gelaatstrekken weg, en je ziet Oopjen Coppit zo bij Louis Vuitton en Chanel naar binnen lopen. Ze was namelijk zeer modieus, weet Bianca du Mortier, conservator kostuum van het Rijksmuseum.

Op het portret dat Rembrandt in 1634 van Oopjen schilderde, draagt ze uitzonderlijk luxueuze kleding: een jurk van genopte zwarte zijde, versierd met passement en een spierwitte platte kraag van Vlaams kloskant. Het kroezende haar, de veren waaier en de zwarte sluier waren destijds zoiets als Balenciaga's speed trainer van nu.

Ibizabruin
Het schoonheidsvlekje, de zogeheten mouche, op Oopjens linkerslaap diende om haar lichte huid beter te doen uitkomen. "Dat gaf status, net als nu Ibizabruin. Kinderen van rijke kooplieden in de 17de eeuw wilden graag laten zien dat ze gearriveerd waren, net als veel publiek nu in de P.C. Hooftstraat."

Oopjen, die wel de Mona Lisa van de Lage Landen wordt genoemd, was de eerste vrouw die zich met een mouche liet portretteren. Zeer chic, aldus Jonathan Bikker, conservator onderzoek, die twee jaar werkte aan de tentoonstelling High Society, tot en met 3 juni in het Rijksmuseum.

"In de loop der jaren werd de mouche gemeengoed, je ziet op schilderijen van Vermeer ook dienstmeisjes met zo'n zwart vlekje, en in de 18de eeuw ging men los met de mouche om littekens van syfilis te camoufleren."

Ter ere van de restauratie van Rembrandts Oopjen Coppit en Marten Soolmans wist Bikker 39 levensgrote portretten naar Amsterdam te halen. Van machtige vorsten, excentrieke aristocraten en puissant rijke burgers in de fraaiste kostuums, waarmee de tentoonstelling een heerlijk overzicht geeft van vier eeuwen mode.

Zwarte schoensmeer
Neem de excentrieke markiezin Luisa Casati met geblankette huid, zwart omrande ogen en rood geverfd haar, geportretteerd door Giovanni Boldini in 1908 met hazewindhond. Maar Casati liep ook regelmatig met twee luipaarden door Venetië, of in een jurk vol gloeilampen met een draagbare generator. In haar laatste levensjaren was ze straatarm, leefde op gin, maar ze verwaarloosde haar trademark ogen niet. Voor kohl was geen geld meer, maar zwarte schoensmeer werkte ook prima.

Afgelopen jaren was Casati nog de inspiratiebron voor Dries Van Notens collectie najaar-winter 2016 en de prachtige inkttekeningen van de Britse Gill Button.
Het verhaal gaat dat Boldini Casati voor het eerst ontmoette in een restaurant, zegt Bikker. "Casati's parelsnoer van 7 meter brak, dus iedereen dook onder de tafels, alwaar Boldini oog in oog kwam met Casati en zich doodschrok van haar grote tanden en ogen."

Kees van Dongens portret van Anna, gravin van Noailles, schrijfster en toonaangevende figuur in de Parijse high society, is eveneens beeldschoon. In 1931 werd ze als eerste vrouw onderscheiden met de Légion d'honneur. Het portret werd aanstootgevend gevonden vanwege het riante decolleté waar een stukje tepel uit piept, plus de frivole manier waarop de gravin haar onderscheiding droeg: aan een choker.

Grote rozetten
William Larkins portret uit 1613 van Richard Sackville, derde graaf van Dorset toont ook 'een ventje met een dure garderobe', aldus Bikker. Volgens een Engelse volksoverlevering droeg de duivel grote rozetten om zijn gespleten hoeven te verbergen. Dat vond William wel geinig voor op zijn schoenen.

Hij is niet de enige flamboyante man in het gezelschap. Neem lakenhandelaar Willem van Heythuysen (1625 door Frans Hals) die rode zijden 'onderbroeken' droeg. Du Mortier: "Mannen droegen in het begin van de 17de eeuw een effen overbroek, de sneetjes die daarin waren gemaakt boden zicht op hun contrasterende 'onderbroek'. Een slip zoals wij die kennen hadden ze niet: in plaats daarvan vouwden ze een lang hemd tussen hun benen, in principe was dan het hele spul bedekt."

Op het imposante portret van Keizer Karel V van een eeuw eerder (1532, door Jakob Seisenegger), springt zijn braguette, oftewel schaambuidel, in het oog. Oorzaak is een technisch probleem, legt Du Mortier uit. "Tot die tijd droegen mannen twee losse hozen, broekspijpen. Maar toen de wambuis korter werd en het kruis dus niet meer bedekt, wist men niet goed hoe die hozen aan elkaar te maken. Dat werd gedaan middels een soort klep."

En die klep kreeg in de 16de eeuw steeds grotere afmetingen, waardoor er ook versnaperingen zoals een mandarijntje in werden gestopt. Ja heus.

Diefstal van linnengoed
Veel informatie over kleding van lang geleden vindt de conservator op Delpher.nl, een site van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag, waarop alle kranten en tijdschriften zijn te lezen die vanaf 1550 in Nederland werden uitgegeven.

Het zijn vaak de zeer gedetailleerde berichten over diefstal van linnengoed vanaf de waslijn die een schat aan informatie prijsgeven. "Interessant ook om te zien wát mensen wasten en in welk jaargetijde. Arme mensen hadden vaak maar één hemd en droegen dat non-stop, wassen gebeurde eenmaal per jaar, in de zomer, want dan was het snel weer droog."

Hoe vaak Oopjen haar zwarte genopte zijden jurk waste? "Die kon niet worden gewassen. Zo'n jurk hing je te luchten. Reukmiddel op je lichaam en klaar."

High Society, Rijksmuseum, t/m 3/6

Fiona Hering werkt voor Vogue Nederland.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden