PlusConcertrecensie

Registratie van Rossini’s Petite Messe Solennelle: een huzarenstukje

De Nationale Opera presenteert 'Petite messe solennelle Gioacchino Rossini'. Beeld Screenshot van de livestream
De Nationale Opera presenteert 'Petite messe solennelle Gioacchino Rossini'.Beeld Screenshot van de livestream

Afgelopen december stond bij De Nationale Opera Verdi’s Aida op de agenda. Maar ja, corona. Nietsdoen was voor artistiek directeur Sophie de Lint geen optie. Samen met de Aida-dirigent, de Italiaan Andrea Battistoni, brainstormde ze over wat dan wel zou kunnen.

Ze kwamen uit op Rossini’s Petite Messe Solennelle, waarin het Koor van DNO samen met het ­Nederlands Philharmonisch Orkest en vier jonge, talentvolle solisten tijdens de lockdown weer even heerlijk samen muziek zouden kunnen maken.

De registratie die ervan werd gemaakt en die gratis is te bekijken op de website van de opera, was een huzarenstukje. Vanwege de aangekondigde opgeschroefde maatregelen was slechts een enkele avond beschikbaar om een opname te maken.

Kijken wordt van harte aanbevolen. Prachtige muziek, prachtige uitvoering. Aan de gespeelde versie uit 1868 is goedbeschouwd niets petite: er speelt een groot orkest en er zingt een groot koor. De oerversie uit 1863 voor twaalf zangers, twee piano’s en een harmonium (of accordeon) was wel petite. Dat Rossini zelfs het gebruik van een accordeon overwoog was grappig, maar voor een katholieke mis misschien te frivool. Hij zag er toch maar van af.

Toch is ironie bij de componist, die na 39 onvoorstelbaar bruisende opera’s geen substantiële muziek meer had geschreven, ook in deze Petite Messe Solennelle niet ver weg, getuige de woorden aan de Lieve Heer die hij in het manuscript noteerde: ‘Is het nou musique sacrée (heilige muziek), of juist sacrée musique (vervloekte muziek) die ik heb geschreven? Ik was geboren voor opera buffo, zoals u goed weet. Weinig kennis, een beetje hart, dat is alles. Wees toch goedertieren en gun mij een plekje in het paradijs.’

Maar luister naar de muziek en besef dat er aan de klinkende noten hoegenaamd niets ironisch is. Hoogstens kleurt het idioom zo hier en daar meer naar opera dan naar religieuze muziek, maar worden die noten daar minder serieus van?

De mis wordt sober en stemmig in beeld gebracht. Het koor staat op de bühne, het orkest zit in een verhoogde orkestbak. Battistoni dirigeert met ernst en concentratie. Al na de openingsmaten geef je je gewonnen. En je glimlacht bij de fuga voor orgel solo, gespeeld op een fraai klinkend portatief, met orkest en koor in het donker en een dirigent die met gebogen hoofd staat te luisteren, zachtjes meewiegend op de flow van de muziek, totdat hij de inzet mag geven voor het Sanctus.

Koor en solisten zingen uitstekend. De sopraanaria, O salutaris hostia, die Rossini speciaal voor de orkestversie schreef, is gezongen door Ying Fang een hoogtepunt. Ook de bijdragen van alt Katia Ledoux, tenor Levy Sekgapane en bas Frederik Bergman mogen er zijn.

De terugkeer naar de realiteit is te abrupt, als na de laatste uitroeptekens van het orkest plotseling de aftiteling verschijnt. Even een moment van postmuzikale interactie tussen dirigent en musici was leuk geweest.

Petite Messe Solennelle

Door De Nationale Opera
Met Nederlands Philharmonisch Orkest en Koor van DNO o.l.v. Andrea Battistoni
Gehoord 24/1, online
Nog te horen operaballet.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden