PlusInterview

Regisseur Jim Taihuttu over De Oost: ‘Natuurlijk ga je niet iets bij elkaar fantaseren’

In een oorlog bestaat dé waarheid niet, weet regisseur Jim Taihuttu (39). Zijn film De Oost heeft een gevoelig onderwerp: Nederlandse militairen worden in 1946 uitgezonden naar het toenmalige Nederlands-Indië.

Martijn Lakemeier (links) als soldaat Johan en Marwan Kenzari als kapitein Raymond Westerling in De Oost. Beeld
Martijn Lakemeier (links) als soldaat Johan en Marwan Kenzari als kapitein Raymond Westerling in De Oost.

Slechts één minuutje materiaal uit De Oost was afgelopen september al genoeg voor ophef. De groots opgezette oorlogsfilm draait om Nederlandse militairen die in 1946 worden uitgezonden naar het toenmalige Nederlands-Indië. De heisa ging vooral over vorm: de soldaten onder bevel van de omstreden kapitein Raymond Westerling (Marwan Kenzari) zijn in de film gekleed in historisch ­incorrecte zwarte uniformen, en Westerling zelf krijgt een Clark Gable-snorretje, dat werd geïnterpreteerd als een ­hitlersnor.

Zo worden ‘onze jongens’ volgens de critici direct vergeleken met SS-soldaten. Het leidde tot verhitte gesprekken en zelfs tot een kort geding, dat dinsdag werd verloren, waarin de Federatie ­Indische Nederlanders eiste dat de makers aan het begin van de film een disclaimer zouden plaatsten die benadrukt dat het verhaal fictie is.

Regisseur Jim Taihuttu mengde zich niet in die ­gesprekken; de film zelf moet zijn antwoord zijn. “Ik heb al vroeg in het maakproces besloten om daar niet te veel mee bezig te zijn,” vertelt hij. “Als je eenmaal weet dat je deze film gaat maken, moet je het gewoon doen. Vanaf dat ­moment ben je die film aan het maken, naar eigen eer en geweten. Natuurlijk ga je niet iets bij elkaar fantaseren, juist omdat het een gevoelig onderwerp is. We hebben heel veel respect voor wat er gebeurd is – aan alle kanten.”

Trechter van de geschiedenis

Hoewel de film het perspectief kiest van één Nederlandse soldaat, de achttienjarige Johan (Martijn Lakemeier), opent het scenario luikjes naar al die andere kanten. Naar de oorlogservaring van allerlei personages in de zijlijnen, die soms het gevoel geven dat ze een eigen film hadden verdiend – van de Nederlandse legerleiding tot Indonesische vrijheidsstrijders en burgers die in de mangel zitten.

“Je wil al die kanten aan bod laten komen, die mensen een stem geven,” zegt Taihuttu. “Dé waarheid bestaat ­natuurlijk niet, iedereen beleeft het op een andere manier. Er zijn jongens die verschrikkelijke dingen hebben ­gedaan, en er zijn jongens die vier jaar hebben gevolleybald op een buitenpost bij een of andere suikerfabriek waar nooit iemand kwam. Uiteindelijk zijn het allemaal jonge mensen die in de trechter van de geschiedenis ­terecht zijn gekomen. En voor je het weet sta je als boerenjongen massagraven dicht te gooien.”

Regisseur Jim Taihuttu: ‘Ik heb geprobeerd het jeugdig te houden, ook in de beeldtaal.’  Beeld ANP
Regisseur Jim Taihuttu: ‘Ik heb geprobeerd het jeugdig te houden, ook in de beeldtaal.’Beeld ANP

Om die vele perspectieven tot leven te brengen, waren de gesprekken die hij voerde met mensen die de oorlog hadden meegemaakt essentieel, vertelt Taihuttu. “Je kan het wel uit een boek of documentaire halen, maar je wil ­gewoon die meters hebben gemaakt, ook om het waardig te zijn een project als dit te doen. We spraken zowel veteranen in Nederland als mensen in de dorpen in het toenmalige Celebes. Dat maakte veel indruk: de verhalen van mensen van achter in de negentig die als tiener bij die verschrikkingen hadden gestaan.”

Die gesprekken brachten hem niet alleen allerlei details die zijn film verrijkten, maar bepaalden uiteindelijk zelfs de grotere structuur ervan. “Een van de Nederlandse veteranen vertelde ons dat zijn persoonlijke oorlog pas begon toen hij thuiskwam. Toen ze met de boot arriveerden, werd er geprotesteerd, mensen gooiden bierflesjes, er waren spandoeken waarop ‘nazi’s’ en ‘moordenaars’ stond. Dat heeft hem enorm overvallen. Ik dacht meteen: jezus, zo moet de film beginnen – met een jonge man die gedesillusioneerd thuiskomt. Blijkbaar is alles niet gegaan zoals had gemoeten, dus wat is er dan gebeurd? Na dat gesprek wist ik: dit verhaal kan zich niet alleen in Indonesië ­afspelen, het gaat ook om wat er daarna is gebeurd.”

Klassieke oorlogsfilms

Geen kijker zal overigens een disclaimer nodig hebben om te beseffen dat De Oost een fictiefilm is. Dat pepert de visuele bombast er vanzelf wel in. Taihuttu liet zich duidelijk inspireren door klassieke oorlogsfilms – maar dan niet de vele Nederlandse films over de Tweede Wereldoorlog.

“Nederlandse oorlogsfilms zien er eigenlijk altijd hetzelfde uit,” zegt hij. “Dezelfde lenzen, dezelfde shots, hetzelfde deftige taaltje. Ik denk niet dat het altijd zo suf hoeft te zijn. Ik heb geprobeerd het jeugdig te houden, ook in de beeldtaal. Je rent met die jongens mee, alsof je erbij bent.”

Tekst gaat verder onder trailer

Taihuttu vond ook inspiratie in een fotoboek met kleurenbeelden van Bali, dat in de jaren vijftig door Douwe ­Egberts werd uitgegeven. “Daar stonden de eerste kleuren­foto’s van Bali en Indonesië in, hele vette beelden. Die ­foto’s werden gemaakt met heel gevoelig materiaal, dus bepaalde kleuren tikken er een beetje doorheen. Dat hebben we als referentie gebruikt voor de gesatureerde kleuren in de film. Ook als tegenstelling tot de scènes in Nederland, die een heel andere look-and-feel hebben – een beetje hoe in mijn hoofd De avonden van Gerard Reve ­eruitziet.”

Dankzij die jeugdige instelling, en door de setting in de jungle, roept De Oost vooral beelden op uit klassieke Amerikaanse Vietnamfilms. “Ik hou van genrefilms,” zegt Taihuttu. “Rabat is een genrefilm; Wolf is een genrefilm. Ik hou van die structuren, ik vind dat vet. Dus het is absoluut een film in de lijn van de klassieke Vietnamfilm – tegen de achtergrond van een oorlog die niet te winnen valt, en waar geen daadwerkelijke reden voor is, wordt een aantal jonge mensen daarheen gestuurd in de prime van hun jeugd. En zoals jonge mensen zijn, zullen jonge mensen zich gedragen.”

De Oost

Eín-de-lijk een film over de oorlog in Indonesië. Een verbeelding van een moment in de Nederlandse geschiedenis waar amper over gesproken werd, een ongemakkelijk verhaal dat stilletjes uit de schoolboeken verdween en pas de afgelopen jaren weer iets meer aandacht krijgt. Door het oog van soldaat Johan (Martijn Lakemeier) toont De Oost de omstreden acties van kapitein Raymond Westerling (Marwan Kenzari). Die trad keihard op tegen vermeende terroristen, tot en met standrechtelijke executies aan toe. Met klassieke Vietnamfilms als voorbeeld krijgen visuele bombast en Johans morele vertwijfeling ruim baan. Dat werkt een flink eind, al blijven sommige bijfiguren steken in clichés en is het letterlijk operateske slot een brug te ver. Daar overstemt de vette vertelling de zorgvuldig opgebouwde nuance.

De Oost is te zien op Amazon Prime Video.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden