PlusFilm van de week

Regisseur Dufresne: ‘Zwijgen is evengoed een vorm van geweld’

Met zijn enerverende documentaire Un pays qui se tient sage, over hardhandig politieoptreden tijdens de protesten van de gele hesjes, zet de Franse filmmaker David Dufresne vraagtekens bij het geweldsmonopolie van de staat.

Un pays qui se tient sage Beeld
Un pays qui se tient sage

Toen filmmaker David Dufresne (52) in december 2018 een video van hardhandig politieoptreden tijdens protesten van de gele hesjes op zijn Twitteraccount deelde, kon hij niet vermoeden wat voor grote rol die beelden in zijn leven zouden gaan spelen.

Er volgden meer filmpjes, vrijwel dagelijks, en al snel werd het een soort missie. In twee jaar deelde Dufresne onder de noemer ‘Allo Place Beauvau’ bijna duizend filmpjes, foto’s en andere ooggetuigenverslagen, zorgvuldig gecheckt op feiten en context. Met die naam adresseerde hij de berichten direct aan het Franse ministerie van Binnenlandse Zaken.

Zonder er op voorhand op uit te zijn werd hij ‘een soort klokkenluider’, zoals hij het nu zelf omschrijft. Vervolgens schreef Dufresne de roman Dernière sommation over de protesten – zijn literaire debuut. Dat boek leidde op zijn beurt tot de documentaire Un pays qui se tient sage, afgelopen najaar een groot succes in Frankrijk en vanaf deze week in Nederland te zien via streamingsdienst Picl.

“In de roman gaf ik mijn intieme versie, een persoonlijke visie op de gebeurtenissen,” zegt Dufresne vanuit zijn woonplaats Parijs. “Voor de film deed ik ­bewust een stap terug, om juist zo veel mogelijk andere mensen aan het woord te laten.”

Knielende positie

Un pays que se tient sage is in de eerste plaats een eerbetoon aan al die mensen die de politiemisstanden en hardhandige repressie filmden, zegt Dufresne. “Ik wilde die beelden, gemaakt door amateurs en professionals, voor het voetlicht brengen, op het grote doek.”

De titel van de film, te vertalen als ‘een land dat zich braaf gedraagt’, verwijst naar een van de spraakmakendste filmpjes, dat niet werd gefilmd door een demonstrant maar door een groepje politieagenten zelf. “Dat is nou een klas die zich braaf gedraagt,” sneert een van hen, terwijl zijn collega’s achter hem tientallen (veelal gekleurde) middelbare scholieren in een Franse buitenwijk onder schot houden. De tieners werden uren op het schoolplein vastgehouden, geboeid en in knielende positie.

De schokkerige, chaotische en vaak gewelddadige protestbeelden worden in de film afgezet tegen een reeks kalme gesprekken, dialogen tussen allerhande betrokkenen – demonstranten, politieagenten, journalisten, sociologen. De setting is uiterst simpel: steeds twee mensen tegenover elkaar aan een tafel, tegen een zwarte achtergrond of soms met de video’s van de protesten op de achtergrond. Uitgangspunt voor de film en de gesprekken is een citaat van de Duitse socioloog Max Weber: ‘De staat claimt het monopolie op het legitiem gebruik van fysiek geweld.’

“Ik wilde geen klassieke interviews, geen talking heads,” legt Dufresne uit. “Het moesten échte gesprekken zijn. Ik koppelde sprekers aan elkaar tussen wie een tegenstelling bestond, maar niet om conflict of scheldpartijen te creëren, zoals we dat meestal zien in talkshows op tv. De inzet was om écht in debat te gaan, met nieuwsgierigheid – een intellectuele gedachtewisseling.”

Verrassing

Hoewel de film draait om de Franse protesten, zijn de discussies die in de film worden gevoerd ook elders relevant. “Overal ter wereld komt politiegeweld voor. De film gaat daarmee uiteindelijk over meer dan politiegeweld; hij gaat over democratie.”

Voor Dufresne was van belang dat de gesprekken zo ­natuurlijk mogelijk zouden blijven. “We deden geen interviews vooraf en lieten de camera’s soms uren draaien, op zoek naar die kleine momenten van waarheid, intimiteit en diepgang. Daardoor was voor mij ook een verrassing wat het opleverde. Sommige gesprekken waren veel rijker dan ik op voorhand had verwacht; anderen bleven zo ­oppervlakkig dat ze de film niet haalden.”

De documentaire eindigt met een opsomming van de ­diverse hoge ambtenaren, ministers en andere bestuurders die werden benaderd, maar die niet wilden of niet konden meewerken. Dufresne ziet maar twee mogelijke redenen voor die weigering: “Ofwel ze liegen tegen zichzelf dat er geen probleem is, ofwel ze weten dat ze nooit de hele waarheid zullen kunnen vertellen. Dit zwijgen is in mijn ogen evengoed een vorm van geweld; de uitvluchten en leugens van de staat zijn onaanvaardbaar.”

Regisseur David Dufresne. Beeld Noor Datis
Regisseur David Dufresne.Beeld Noor Datis

Ander beeld

“Democratie draait niet om consensus – het hart van democratie is onenigheid,” benadrukt emeritus hoogleraar publieksrecht Monique Chemillier-Gendreau in een van de gesprekken waaruit de documentaire Un pays qui se tient sage bestaat. “Als iedereen het met elkaar eens is, is er iets mis.”

Wie op het hoogtepunt van de protesten van de gele hesjes naar de Franse publieke omroep keek, kreeg het idee dat iedereen het erover eens was: de demonstranten zijn raddraaiers en de politie moet hardhandig ingrijpen. Regisseur David Dufresne toont een ander beeld in zijn scherpzinnige documentaire, waarin hij (amateur)beelden van hardhandig politiegeweld vermengt met dialogen tussen betrokkenen.

Het resultaat is een constant fascinerende botsing tussen theoretische, intellectuele gesprekken en de uiterst chaotische fysieke realiteit van de protestbeelden. Enerverend, intelligent, en activistisch zonder drammerig te worden.

Un pays qui se tient sage is te zien via Picl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden