PlusAchter het boek

Redacteur Janneke Louman: 'Heel veel is heel slecht geschreven'

Achter elke schrijver gaat een redacteur schuil. Zij bepalen wat op de stapels in de boekhandel komt te liggen, en uiteindelijk op uw nachtkastje. De aftrap van een vijfdelige serie: Janneke Louman van Nieuw Amsterdam. Over de slushpile.

'Ik ben een getrainde eerste lezer'Beeld Inta Nahapetjan

Janneke Louman (38) is adjunct-uitgever van Nieuw Amsterdam. Ze is verantwoordelijk voor Nederlandse fictie en poëzie. "Maar," haast ze zich erbij te zeggen, "ik begeleid gelukkig ook gewoon auteurs, want dat is eigenlijk het allerleukste."

Een redacteur is, in de woorden van Janneke Louman, een getrainde eerste lezer. "Daar begint het mee. Het herkennen van een goed manuscript, of wat een goed manuscript kan worden. Dat je er iets doorheen ziet schemeren wat je er samen met de schrijver uit kan halen."

Via via
Louman houdt zich ook bezig met het acquireren van nieuwe auteurs. Nieuw bloed. Broodnodig voor een uitgeverij. Over het binnenhalen van nieuwe schrijvers gaan we het hebben. En dan vanaf het nulpunt. De slushpile. Een begrip in de boekenwereld. De slushpile is de stapel ongevraagd opgestuurde manuscripten.

"Wij krijgen ongeveer twee manuscripten per dag opgestuurd, en in al die tijd dat ik hier zit, ongeveer vijf jaar, heb ik uit die stapel één roman uitgegeven. Er komen ook manuscripten binnen met een briefje: ik ken uw auteur die en die, en die vertelde me dat ik mijn boek naar u moest sturen. Dat via via benaderen komt heel vaak voor en is een belangrijke manier van acquireren. Maar de slushpile bestaat echt uit manuscripten van totale vreemden."

Dromen
Eén in vijf jaar, dat valt niet mee. Louman kijkt een beetje ongemakkelijk. "Ja, heftig, hè? Heel veel is gewoon, en dat is onaardig om te zeggen, maar heel veel is gewoon heel erg slecht geschreven. Dat is tragisch. Omdat je in al die manuscripten ook de dromen van die mensen ziet. De ambitie. Je staat er vaak niet bij stil hoeveel werk in dat schrijven is gaan zitten. Al die uren op de zolderkamer... Er staat vaak ook nog bij hoe lang eraan gewerkt is."

Volgens Louman klopt het dan wel zo ongeveer dat er, zoals wordt gezegd, zo'n miljoen Nederlanders een boek willen schrijven. "Je kunt er lacherig over doen, maar dat doe ik niet. Ik neem al die manuscripten heel serieus. Niet omdat ik bang ben dat ik iets mis, maar omdat ik hoop dat er iets tussen zit wat me verrast. Waar ik mee aan de slag wil. Ik lees ze daarom ook allemaal. Ik neem de dromen van die schrijvers heel serieus."

"Men denkt vaak dat we al die manuscripten gewoon weggooien, maar dat is echt niet zo. Al krijgen de meeste mensen wel de gewone afwijzingsbrief, anders is het geen doen. Soms doe ik er een persoonlijk briefje bij om die persoon een hart onder de riem te steken. Bij een aantal manuscripten die we retour zenden, doen we een wat uitgebreider briefje met redenen van afwijzing en tips. Dat zijn manuscripten die opvielen, en waar wellicht nog iets in zit."

Schatgraven
Een 'totale vreemde' was Auke van Stralen. Hij stuurde ongevraagd het manuscript van zijn roman Tankstelle in. Louman begint te lachen als ze het over Van Stralen heeft.

"Hij is zo atypisch! Hij werkte toen bij een afvalverwerkingsbedrijf, en dat verwacht je gewoon niet. Een ontzettend leuke man. Strak in het pak toen hij hier kwam. Haha, nee, hij schepte niet het afval in de oven. Hij is een managerstype, had 250 man onder zich. Ik was zo nieuwsgierig hoe hij eruit zou zien. Ik heb hem gegoogeld, maar kon niets vinden, geen foto, niets."

Schatgraven, dat is het wroeten in de slushpile. "Ja, in het geval van Tankstelle is het echt zo dat je een schat vindt. Opvallend goed geschreven, met vaart, een originele setting - een Duits tankstation in de jaren negentig - en een sterk plot: een naïeve jongen belandt in de wereld van schimmige drugstransporten. En dat werkt dan door: de uitgeverij is enthousiast, de boekhandel ook, en de recensenten ook. Dat is dan wel heel mooi om mee te maken."



Janneke Louman begeleidt onder anderen Thomas Verbogt. Zijn laatste roman, Als de winter voorbij is, stond op de shortlist van de Libris Literatuur Prijs 2016.Beeld -

Tip

Louman heeft een tip voor al die schrijvers die hun manuscript naar een uitgeverij opsturen in de hoop ontdekt te worden.
"Besteed aandacht aan de brief die je bij je manuscript doet. Maar hou het zakelijk. Maak die brief vooral niet te lang, ik krijg wel een lappen tekst van vier A4-tjes. Dat is niet positief. En vermijd emoties, het gaat om het manuscript."

"En het zou fijn zijn als we lezen waarom hij of zij Nieuw Amsterdam heeft uitgekozen. Hoe hij of zij in het fonds past. Dat zou meteen opvallen, maar het gebeurt heel weinig. Het is toch een soort sollicitatie. Als je tien dezelfde liefdesbrieven uitstuurt, kun je niet verwachten dat je liefde beantwoord wordt."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden