PlusTheaterrecensie

Recensie: Happy in Holland toont het leven aan de achterkant van het doorgeefluik bij de afhaalchinees

De theatervoorstelling Happy in Holland ontleedt het stereotype beeld dat de gemiddelde witte Nederlander heeft van een Chinees restaurant, door er naar te kijken vanaf de andere kant van het bekende doorgeefluik.

Elise van Dam
Mei Ling Wan-Im (l.) en  en Charlotte Ha in Happy in Holland Beeld Bas de Brouwer
Mei Ling Wan-Im (l.) en en Charlotte Ha in Happy in HollandBeeld Bas de Brouwer

In 2020 werd de Chinees-Indische restaurantcultuur uitgeroepen tot Nederlands immaterieel erfgoed. Lange tijd was de afhaalchinees een begrip in de Nederlandse eetcultuur. Veel eten voor weinig geld, kitscherige interieurs vol gouden lampionnen, aquariums en landschapsschilderijen. De lunchvoorstelling Happy in Holland vertrekt vanuit dat vastgebakken beeld, die karikatuur, en neemt er de regie over terug.

In een woud van verlichte etalageborden vertelt Happy (Charlotte Ha) haar verhaal. Een verhaal over stereotypering, schaamte, schipperen tussen twee culturen en de betekenis van het woord thuis. Happy groeit op in en rond het Chinees restaurant van haar moeder (Mei Ling Wan-Im). ‘Een paleis’, is haar indruk als klein kind. Maar naarmate Happy ouder wordt, en vanaf haar twaalfde meehelpt met bedienen, bestellingen inpakken en wc’s schoonmaken, groeit het besef dat als dit al een paleis is, het een paleis is ‘waar wij de bedienden zijn’.

Stereotypes

Geschreven door Sun Li en Tjyying Liu en in regie van Char Li Chung, alle drie zelf ook restaurantkinderen, is Happy in Holland een voorstelling die vanuit een persoonlijke inslag het eigenaarschap opeist over de heersende stereotypes. Dat gebeurt in korte scènes waarvan de overgangen gepaard gaan met het doordringende geluid van een keukenbel of rinkelende telefoon die de volgende bestelling aankondigt. De meer uitgespeelde scènes, zoals die tussen Happy’s moeder en een door Ha gespeelde vaste klant, komen wat stroef over. Beter is de voorstelling als die, zoals gelukkig grotendeels het geval is, een vertellende vorm aanneemt.

Daarin komen twee lijnen naar voren. Het verval van die Chinees-Indische restaurantcultuur en de vakantie van Happy’s moeder naar Hongkong. Een vakantie die steeds een beetje wordt verlengd. Eerst met een dag, dan met een week. Die zich uitstrekkende afwezigheid is voor Happy een aanleiding om te reflecteren op de relatie met haar moeder. Een relatie die lang gekenmerkt wordt door schaamte en lichte rancune. Want haar moeder was niet zoals de moeders van haar klasgenootjes. Niet een moeder om mee te pronken, maar ‘eentje om weg te stoppen’.

Mao

Maar de voorstelling laat niet alleen Happy aan het woord, en dat is een goede keuze. Een paar van de sterkste scènes behoren aan de moeder, fijn droogjes gespeeld door Mei Ling Wan-Im. Zoals wanneer zij, in het Kantonees, vertelt over de jaren onder het juk van Mao. Het zijn dat soort scènes die onderschrijven hoe belangrijk het is niet alleen om een verhaal te hebben, maar vooral ook om dat verhaal zelf te mogen vertellen.

Theater

Happy in Holland (ROSE stories / Theater Bellevue / Via Rudolphi Producties)
Gezien: 21/1 Theater Bellevue
Aldaar: t/m 5/2 en 11 t/m 13/5, 30/3 t/m 1/4 Frascati

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden