PlusDe Klapstoel

Rapper en zanger Ray Fuego: ‘Drugs zijn in Amsterdam overal, ze vallen nog net niet uit de lucht’

Op de Klapstoel: artiest Ray Fuego (Rayvel Pieternella, 1996). Hij is een van de oprichters van het hiphopcollectief Smib, en is ook als solorapper actief. Volgende week zaterdag treedt hij op in de Melkweg. Een interview aan de hand van steekwoorden, over zijn Curaçaose roots, opgroeien in de Bijlmer en zijn liefde voor rock.

Peter van Brummelen
Ray Fuego: ‘Het is goed om soms heel onzeker te zijn.’ Beeld Harmen de Jong, met dank aan Kaap Amsterdam
Ray Fuego: ‘Het is goed om soms heel onzeker te zijn.’Beeld Harmen de Jong, met dank aan Kaap Amsterdam

Bijlmer

“Afgezien van een heel korte periode in Oost heb ik mijn hele jeugd in de Bijlmer gewoond, vooral in de G-buurt. Ik woonde met mijn moeder, een oudere zus en een jonger zusje en broertje. Ik was thuis een beetje de rebel. Mijn oudere zus had ook wel die kant, maar bij haar werd het de kop ingedrukt omdat ze de oudste was. Mijn moeder dacht vanuit angst en trauma. Ze had een zware jeugd en wilde voor ons vooral zekerheid. Ik wilde juist mijn ziel voeden. Mijn hart lag niet bij school en ik had al snel door dat een 9-tot-5-baan niets voor mij zou zijn. Ik was ook wel een heethoofd, vandaar dat ik me Fuego ging noemen, Spaans voor vuur. Het ging thuis allemaal gepaard met veel onbegrip en conflicten, maar het was goed voor de dynamiek.”

Smib

“Liever dan een hiphopcollectief noem ik ons een kunstplatform. We maken muziek, maar zijn ook bezig met mode, literatuur en video. De harde kern bestaat uit vijf à zes artiesten, aan de achterkant van de machine zijn er nog mannen die vooral management doen. Tezamen zijn we één brein, het is bijna religieus. De laatste tijd hebben we als artiesten een individuele ontwikkeling doorgemaakt, we moeten elkaar weer iets vaker zien. Teamspirit is heel belangrijk.”

Zoon

“Nayada heet hij en hij is drie jaar. In zijn koppigheid lijkt hij best op mij, maar het is een lieve jongen. Hij is de wereld aan het ontdekken en ik probeer hem daarin zo veel mogelijk vrij te laten. Ik ga hem niet voortdurend zeggen wat fout en goed is. Ik wil hem het onbegrip besparen waar ik zelf als jongen tegenaan liep. Mijn leven draait om muziek, maar dat wil ik hem zeker niet door de strot duwen. Hij moet vooral niet denken dat ik wil dat hij muzikant wordt omdat ik dat ben. Over Nayada en muziek valt voorlopig niet meer te melden dan dat hij muziek niet afschuwelijk vindt. Auto’s, alles met motoren, dat vindt hij echt interessant.”

Stem

“Ik vraag als rapper en zanger nogal wat van mijn stem. Het is lang een nachtmerrie geweest dat ik mijn stem om zeep zou helpen door hem verkeerd te gebruiken, dat ik een poliep of zo zou krijgen. Dus ik ben op zangles gegaan. Ook grunten en schreeuwen kun je met beleid doen. Maar mijn zanglerares liet me ook traditioneel zingen, nummers van Marvin Gaye bijvoorbeeld. Dat is een geweldige zanger natuurlijk, prachtig, maar met zulk repertoire ben ik als vocalist heel ver buiten mijn comfortzone. Doodeng om te doen. Maar het is goed om soms heel onzeker te zijn.”

Tattoos

“Geen idee hoeveel ik er heb, ik ben gestopt met tellen. Mijn eerste? Het woord superstar, haha. De laatste was geloof ik een spin op mijn knie. Op mijn voorhoofd heb ik een ankh, dat is een oud Egyptisch symbool van levenskracht. Het rare is dat mijn moeder het pas zag toen ik haar erop wees. Ze zei alleen maar: ‘je bent niet goed bij je hoofd’, en dat was het.”

Ploegendienst

“Vorm ik met mijn drie oudste vrienden, topgozers. Vroeger had je in Amerika rapgroepen als Run DMC en de Beastie Boys, die hiphop kruisten met zware rock. Had veel te maken met hun producer Rick Rubin, die een echte metalhead was. In Nederland is die combinatie veel ongebruikelijker, maar ik heb altijd van allebei gehouden. Rock-’n-roll was het geluid van mijn onbegrepen tienerjaren. Ik had vrienden die zulke muziek ook mooi vonden, maar niemand dook er zo diep in als ik. Bij Smib houden sommige jongens ook wel van rock, maar dan vooral van indie, het alternatieve werk. Ik zit in de zware rock: punk, metal, hardcore. Black Flag, dat is mijn muziek, en Black Sabbath, The Dead Boys, Death, die hoek.”

Bestgeklede man van 2020

“Ja, volgens Esquire was ik de best geklede man van 2020. Maar dat was ik ook in de jaren daarvoor, hoor. En dat zal ik ook altijd blijven, to infinity and beyond, haha. Ik vind het belangrijk om er goed uit te zien, maar wie wil dat nou niet? Zelfs mijn pyjama moet van een goede stof zijn en er goed uitzien. Ik heb veel kleding, een hele slaapkamer vol. Eigenlijk is die kamer gewoon een kledingkast met een bed erin. Pakken hangen er ook. Maar omdat ik de laatste tijd wat breder ben geworden, kan ik op dat gebied wel weer wat gebruiken. Dat wordt mijn nieuwe queeste: een paar heel goede pakken, vintage Yamamoto bijvoorbeeld. Ik krijg veel aangeboden van merken. Als ik er zelf niets mee kan, kan ik er soms mijn oma of vader blij mee maken.”

IJburg

“Een jaar geleden gingen de moeder van mijn zoon en ik uit elkaar – we zijn gelukkig nog heel goede vrienden – en moest ik op zoek naar nieuwe woonruimte. Via een makelaar kwam ik terecht op IJburg. Ik vind het heel chill hier. De stad is niet héél ver weg, maar wel ver genoeg om rust in mijn leven te creëren. Hiervoor woonde ik in De Pijp. Als een vriend belde: ‘Zullen we effe wat gaan drinken?’, dan was de kroeg zo ongeveer naast de deur. Als ik nu thuis ben, ben ik ook echt thuis. De mensen op IJburg zijn ook relaxed. Ze weten wel wie ik ben, maar laten me met rust. In de stad is het toch vaak: ‘Hé Ray Fuego, mag ik met je op de foto?’”

Melkweg

“Mijn optreden is de kickoff van een tour. Het worden heel andere optredens dan ik tot nu toe heb gedaan, veel theatraler. Muzikaal wordt het een mix van oude en nieuwe dingen. Wat ik spannend vind is dat ik nu eindelijk ook dingen kan doen van mijn album Hemelschip, dat twee jaar geleden verscheen. Er staan heel persoonlijk dingen op, maar door de lockdown kon ik er toen niet mee optreden. Ik ben benieuwd hoe mensen er nu op reageren, kennen ze de teksten? De Melkweg is een prachtige zaal, maar ik wil ook groter. Afas Live, het is mijn droom die nog eens te vullen. Ik geef mezelf vier jaar.”

Curaçao

“Mijn beide ouders komen ervandaan. In 2021 ben ik er voor het laatst geweest. Ik was mijn moeder verloren en had het moeilijk, was zoekende. Ik ging naar waar zij vandaan kwam en ben er een maand gebleven. Om dingen op een rijtje te zetten; wat wilde ik met mijn leven en de muziek? Maar ik heb er ook getraind en in de zon gezeten. Opladen, dat was het. Ik ben niet per se een familieman, maar ik vond het heerlijk om op Curaçao bij familie te zijn, ik wil ze ook vaker zien nu. Mensen zien me vaak voor Surinaams aan. Ze zien me voor van alles aan eigenlijk, ze denken zelfs wel eens dat ik Nigeriaans ben. Maar ik ben toch echt een Antilliaan. Een island boy, Caribisch.”

Woo Hah!

“Ik heb er drie keer gestaan, ook nog op dat oude terrein. Te gek festival, maar Rolling Loud, wat ervoor in de plaats komt, wordt vast ook fantastisch. De shows die ik deed op Woo Hah! waren mijn allerbeste. Geen idee voor hoeveel mensen ik optrad, ik heb ze niet geteld, maar het waren er heel veel. De grond trilde toen ik bezig was. Festivalpubliek is het beste dat er is. De sfeer op een festival is sowieso bijzonder, zo in de open lucht, maar het publiek gaat ook ieder optreden weer helemaal uit zijn dak. Of ze denken: we hebben er veel geld voor betaald, we halen er ook alles uit nu.”

Paranoïde

“Mijn nieuwe album heet Open, bloot ’n paranoïde. Ik heb best wel eens last van paranoia. Toen ik besloot het te willen gaan maken in de muziek, had ik nooit nagedacht over wat bekendheid met je doet. Als ik op straat loop is er niet veel aan de hand, maar als ik in een club ben of zo, let iedereen op me. En je kunt dat niet uitzetten, hè. Aldoor maar al die ogen op me gericht, ik heb het daar moeilijk mee. Wat dan soms nog extra wordt gevoed door alcohol en andere versnaperingen.”

Drugs

“Het belangrijkste is dat je op dat gebied balans houdt. En dat lukt de laatste tijd. Ik heb wat dat betreft goede mensen om me heen. Geen types die voortdurend met een geheven vingertje klaar staan, maar die me wel aan de grond houden als dat nodig is. Het is goed om over drugs open te zijn. Er kleven gevaren aan, maar ze kunnen je ook helpen.”

“Ik kan paranoïde raken van drugs, maar ze maken ook dat ik me openstel voor anderen. En ze stimuleren de creativiteit. Op Open, bloot ’n paranoïde komt een fragment voor uit Fear and loathing in Las Vegas, een van mijn lievelingsfilms. Ken je hem, met Johnny Depp superhigh in Las Vegas? Ik ga altijd al helemaal op in films, maar bij Fear and Loathing in Las Vegas voel ik me echt één met Depp. Ik ervaar Amsterdam als een kruising tussen Las Vegas en Gotham City. Drugs zijn in Amsterdam overal, ze vallen hier nog net niet uit de lucht.”

2023

“Ik ben al een tijdje met een boek bezig: poëzie, anekdotes. Ik hoop het dit jaar af te ronden. Met Smib hebben we het Smibanese Woordenboek gemaakt, een overzicht van straattaal in Nederland. Drie delen zijn ervan verschenen. Ik hoop dat dezelfde uitgeverij, Pluim, ook mijn boek wil uitgeven. Ik wil ook nieuwe muziek uitbrengen in 2023. En ik wil meer gaan reizen.”

Ray Fuego, 14/1 in de Melkweg, 19.00 uur.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden