PlusAlbumrecensie

Pretenders - Hate for sale: stuwende verontwaardiging

Het nieuwe album van de Pretenders, Hate for sale, passen naadloos in het Pretendersoeuvre van punk, pop en een snufje reggae.

Hoewel de laatste twee Pretenders­albums werden gemaakt in een bezetting waarin zangeres Chrissie Hynde het enige overgebleven originele bandlid was, zit op Hate for Sale medeoprichter Martin Chambers weer achter de drums.

Dat wil niet zeggen dat de elfde Pretendersplaat minder een door Hynde gerunde expeditie is dan zijn voorgangers. De zangeres heeft in gitarist James Holbourne, sinds 2008 bij de band, een nieuwe schrijfpartner gevonden. Die samenwerking resulteert in tien liedjes die naadloos in het Pretendersoeuvre van punk, pop en een snufje reggae passen.

Zonder de indruk te (willen) wekken een nieuwe Back on the Chain Gang of Brass in Pocket te hebben verwekt, klinkt de band uiterst vitaal op opgewekte punkrockers I Didn’t Know When to Stop en Maybe Love is NYC.

Ook de titelsong, die tegelijk de albumouverture is, vindt zijn wortels in de punk. Boven een ronkende gitaarriff en een nerveuze mondharmonica zingt Hynde lekker woedend over de klootzakken van deze wereld. He won’t get hung or go to jail/ He’s got a curly tongue and a curly tail/ But mostly he has hate for sale.

De zangeres mag dan bijna 70 zijn, de oprechte verontwaardiging die veel van haar eerdere werk naar grote hoogte stuwde is ze niet verloren. Alleen dat al is lovenswaardig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden