PlusAchtergrond

Pop, maar dan om naar te kijken: Black Album / White Cube in de Kunsthal

Beeldende kunst en popmuziek hebben elkaar op meer plaatsen beïnvloed dan de VS en Groot-Brittannië, is te zien op de tentoonstelling Black Album / White Cube. Er hangt ook verrassend werk uit Duitsland en Nederland in de Kunsthal Rotterdam.

Net een platenzaak, maar er valt niets af te rekenen.Beeld Henning Rogge/Deichtorhallen Hamburg

Het Parool mocht ooit Beatlesproducer George Martin interviewen. Geheel tegen zijn gewoonte in nam de betreffende redacteur een ­elpee mee om te laten signeren: het White Album van The Beatles, met lekker veel ruimte voor een handtekening. George Martin benutte het witte vlak nauwelijks. In een keurig handschrift schreef hij in de rechterbenedenhoek héél klein zijn naam.

De gesigneerde plaat zou een mooie aanvulling kunnen zijn op Rutherford Changs kunstwerk We buy White Albums, dat nu als installatie is te zien in de Kunsthal in Rotterdam. Het werk is precies wat de titel zegt: Chang koopt al jaren exemplaren op van het in 1968 verschenen Beatlesalbum met de witte hoes. In het bijzonder gaat het hem daarbij om exemplaren uit de eerste oplage van twee miljoen individueel genummerde exemplaren. Van het dubbelalbum zijn 24 miljoen exemplaren verkocht, wat het tot de succesvolste productie maakt van The Beatles.

Tegen de 3000 stuks bezit Rutherford Chang inmiddels. Als in een platenzaak staan ze in de Kunsthal in bakken, keurig gerangschikt op nummer. Ook net als in een platenzaak mag je daar als bezoeker gewoon in snuffelen. En dat is geweldig leuk, want zo uniform als al die platen er van afstand uitzien, zo verschillend zijn ze van dichtbij. De ooit zo maagdelijk witte platenhoes is door veel vorige eigenaars gepersonaliseerd. Soms ging dat per ongeluk (veel wijn- en koffievlekken), maar vaak ook gebeurde dat met opzet; er is veel geschreven en getekend op de hoezen.

Duits accent

De tentoonstelling Black Album / White Cube gaat over de wisselwerking tussen popmuziek en beeldende kunst. Alle getoonde kunst, waaronder schilderijen, foto’s en video’s, is geïnspireerd door popmuziek. Sterker, zonder die popmuziek had ze niet kunnen bestaan. En hoewel de installatie van Rutherford Chang een centrale plaats inneemt, is dit niet de zoveelste tentoonstelling die de popmuziek van de jaren zestig en zeventig verheerlijkt. Het gaat hier ook om kunst die werd beïnvloed door genres als punk, indie en techno.

Bijna alle kunstwerken zijn van na 1989, het jaar waarin de Duitse journalist Max Dax, de voornaamste curator van de tentoonstelling, begon met het interviewen van popmuzikanten en kunstenaars. Veel van wat nu is te zien in Rotterdam werd vorig jaar eerder getoond op de tentoonstelling Hyper! in de Deichtorhallen in Hamburg. Black Album / White Cube is dan ook een tentoonstelling met een behoorlijk Duits accent. Dat is allerminst een bezwaar, want in Duitsland gebeurt veel, in de beeldende kunst én in de muziek.

Denk aan Duitse popmuziek en je hoort Kraftwerk. En ja hoor, het hangt er, het schilderij dat Emil Schult maakte voor de hoes van het baanbrekende album Autobahn uit 1974. Veel meer aandacht krijgt de hedendaagse elektronische muziek uit Duitsland.

Van de Berlijnse technotempel Berghain staat in de Kunsthal een maquette opgesteld, gemaakt van kurk. Dat werkt bij Nederlandse liefhebbers van het tv-programma Kreatief met Kurk uit de jaren negentig snel op de lachspieren, maar kunstenaar Philip Topolovac verwijst met zijn materiaalkeuze naar een oude traditie. Als welgestelde Europeanen in de achttiende en negentiende eeuw terugkeerden van hun grand tour door Italië en Griekenland, brachten ze als souvenir vaak in kurk uitgevoerde modellen van bijvoorbeeld het Pantheon of het Colos­seum mee. I’ve never been to Berghain heet het kunstwerk van Topolovac, als verwijzing naar de oude gewoonte. Er vlakbij hangen foto’s van de notoir strenge portiers van de club. Sven Marquardt, hoofdportier van Berghain, portretteerde zijn collega’s als waren ze popsterren.

Iets verderop hangen foto’s van Wolfgang Tillmans, die in de jaren negentig internationale popsterren juist zo gewoon en casual mogelijk portretteerde. In dat soort verbanden en tegenstellingen is Black Album / White Cube goed. Het zwarte album uit de titel verwijst naar de fameuze elpee die Prince kort voor de release terugtrok. Van de slechts honderd verspreide promotie-exemplaren wordt er in de Kunsthal één als poprelikwie getoond in een kapel in de vorm van een witte kubus. Vanzelfsprekend staat dit eerbetoon aan het Black Album in de nabijheid van die bakken vol White Albums.

Beeld Henning Rogge/Deichtorhallen Hamburg

Hardcore als inspiratiebron

De Kunsthalversie van de oorspronkelijk Duitse tentoonstelling biedt ook Nederlands werk dat ontstond onder invloed van popmuziek. Van het duo Ari Versluis & Ellie Uyttenbroek, fotograaf en styliste uit Rotterdam. Uit hun serie Exactitudes hangen er foto’s van gabbers en ‘rave­teven’. Denk niet dat die wereld heel ver is verwijderd van die van de beeldende kunst.

Voor de Duitse kunstschilder Albert Oehlen, een van de duurste hedendaagse kunstenaars, is dancemuziek in de hardcore­variant een belangrijke bron van inspiratie. Van de drie schilderijen op groot formaat die in de Kunsthal van Oehlen worden getoond, verwijzen twee naar de gabbermuziek van de Rotterdamse groep de Euromasters, bekend van de hardcoreklassiekers Alles Naar De Klote en, jawel, Amsterdam Waar Lech Dat Dan?

Black Album / White Cube, Kunsthal, Rotterdam, t/m 10/1/2021. Tickets alleen online.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden