Plus Ten slotte

Pianist Daniel Wayenberg (1929-2019) was een speelse virtuoos

De Nederlandse pianist Daniël Wayenberg. Beeld ANP

Een van de beste pianisten van Nederland? Daniel Wayenberg noemde het zelf ‘grote onzin’. Maar hij was het wel degelijk. Met ook nog eens veruit de langste carrière. In maart 2018 speelde hij op zijn 88ste nog in de kleine zaal van het Concertgebouw. Dinsdag overleed hij op 89-jarige leeftijd.

Het talent van de in Parijs geboren, maar in Nederland opgroeiende Wayenberg werd door zijn ouders herkend. Ze hielden hem van school, zodat hij acht uur per dag kon spelen. Met vier jaar kon hij al dingen die hij hoorde naspelen. Al snel bleek dat hij een absoluut gehoor had.

Vanaf zijn zeventiende studeerde hij in Parijs bij de beroemde pedagoge Marguérite Long. Zijn doorbraak kwam toen hij in 1949 op het Marguérite Long-Jacques Thibaud Concours in Parijs de tweede prijs won.

In 1953 speelde hij met de New York Philharmonic in Carnegie Hall. Een jaar later volgde zijn debuut in het Concertgebouw. Die volgorde is tekenend, want Wayenberg speelde vaker in het buitenland dan in Nederland.

Toch was hij ook in Nederland zeer geliefd. Zijn collega Jan Wijn, die in de jaren zestig en zeventig vaak met hem samenspeelde, noemt hem onomwonden een natuurtalent. “Zijn spel was helder, technisch heel gaaf en goed georganiseerd. Ik hield ervan omdat het ontzettend eerlijk en gedreven was. Het geniale van hem was zijn ongelooflijke gehoor en geheugen. Hij kon als je een stukje van een pianoconcert zat te oefenen uit zijn hoofd de orkestpartij erbij spelen.”

Wayenberg onderhield zijn technische bagage door zeven à acht uur per dag te spelen. Indrukwekkende stukken zoals het tweede pianoconcert van Bartók en het Tweede van Prokofjev behoorden tot zijn repertoire. Daarnaast componeerde hij sinds de jaren zeventig ook.

Speelse kant

Improviseren kon hij ook goed. Halverwege de jaren zeventig bedacht zijn impresario dat hij kon optreden met iemand uit de jazzwereld. Dat werd Louis van Dijk. Vanaf de jaren tachtig bloeide zijn carrière in het lichte genre, met name door optredens met de Gevleugelde Vrienden, waartoe Tonny Eyck, Pim Jacobs en Pieter van Vollenhoven behoorden. Het paste bij de speelse kant van zijn persoonlijkheid. Wayenberg was gek op voetbal, biljarten, computerspelletjes en op zijn Märklintreintjes, waarvoor hij in de kelder van zijn huis een emplacement had gebouwd.

Wayenberg maakte vele plaat- en cd-opnamen, die onderscheiden werden met prijzen. Tot zijn bekendste opnamen behoort Rhapsody in Blue van Gershwin.

Sinds 2012 speelde hij samen met Martin Oei, een pianist die 66 jaar jonger was. Volgens Oei stelde Wayenberg zich op als collega, niet als leraar. “Ik leerde veel van hem door samen te spelen en vooral door te luisteren naar zijn klankvorming en zijn techniek. Elke klank die hij wilde hebben, kwam meteen uit de piano.”

Solo speelde Wayenberg ook nog. Zo liet hij in december 2017 horen dat hij nog steeds een virtuoos werk als Islamey van Mily Balakirew aankon. In dat jaar hoorde hij dat hij darmkanker had.

Zijn laatste concerten speelde hij met Oei in Doesburg en Zaltbommel. Gisteren is hij in een ziekenhuis in Parijs overleden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden