PlusInterview

Peter Terrin: ‘Niemand raakt de ander écht’

Vandaag verschijnt de nieuwe roman van Peter Terrin, Al het blauw. Over de negentienjarige Simon en de twintig jaar oudere barvrouw Carla Binotto. Over liefde, vriendschap en het zoeken naar je eigen identiteit.

Zelfportret van schrijver Peter Terrin. Beeld Peter Terrin
Zelfportret van schrijver Peter Terrin.Beeld Peter Terrin

Hij schrijft in de tegenwoordige tijd in Al het blauw, consequent – óók als het over het verleden gaat. “Dat vond mijn redacteur nog even twijfelachtig, maar ik wilde het zo laten. Taalkundig is het een andere kwestie, maar voor mij kunnen herinneringen even tegenwoordig zijn als het nu. Wat je in je herinneringen beleeft is heel echt.”

Vlaming Peter Terrin, veelgeprezen auteur van verhalen en romans die in 2012 doorbrak het met de AKO Literatuurprijs bekroonde Post Mortem, schrijft zijn nieuwe roman ook in wat hij ‘kleine uitbarstingen’ noemt. Hij wisselt in losse passages tussen zijn personages en vertelt zo het verhaal over liefde en vriendschap in de jaren tachtig vanuit verschillend perspectief. 

“Elke passage vormde een soort bubbel, een klein en af iets. Het stond er ook tamelijk snel. Ik besefte dat ik door de vorm de inhoud kon illustreren: niemand raakt de ander echt, alle personages zijn gevangen in hun eigen losse paragraaf. Dat toont de tragiek, dat ze elkaar net anders zien, andere verwachtingen hebben. Dat heb ik niet van voren weten te bedenken, maar het is een fijne vorm.”

Al het blauw speelt in een opzettelijk niet nader aangeduide Belgische provinciestad – Terrin komt graag snel tot de essentie van een verhaal en dan is het niet belangrijk hoe de stad heet of welk land het is. De 19-jarige Simon wordt er verliefd op de 20 jaar oudere Carla Binotto. 

Zij is barvrouw in Azurra, het café van het plaatselijke zwembad waar het licht op het water reflecteert door de glazen wand. Gevangen in een huwelijk waar geweld aan te pas komt, verlangt Carla naar Italiaanse wateren. Simon is gestopt met zijn studie en kampt met de verwachtingen van zijn ouders. “Die passionele liefde in dat onwezenlijke blauw van het nachtelijk verlichte zwembad is hun ontsnapping.”

U schetst de jaren tachtig, in zeer verfijnde beelden. Waarom hebt u gekozen voor die ­setting?

“Ik was net zo oud als Simon toen, ik hoefde geen enkele inspanning te doen die tijd op te roepen. Het voelde voor mij of het gisteren was. Ik heb gekozen voor die periode omdat die ook een inhoudelijk element heeft; het was een tijd van veel onzekerheid, veel werkloosheid en ­privatiseringen. En dat komt net samen met Simon en de leeftijd dat er veel in je leven verandert, dat je veel voor de eerste keer doet, ziet, beslist.”

“Het voelde natuurlijk aan om 1988 als uitgangspunt te nemen. Het was een sombere tijd, op de een of andere manier altijd regenachtig. Maar dat heeft ook zijn charme. Ik vond het een passend decor omdát het zo beeldend is en ik schrijf vanuit beelden. Het eerste beeld dat ik schets, van iemand die op een verlaten ­industrieterrein ligt, was voor mij echt het uitgangspunt: wie ligt daar? Ik zie dat beeld voor me en moet dat boek schrijven omdat ik wil weten wie daar ligt en waarom.”

Muziek speelt ook een belangrijke rol, de langspeelplaten, de cassettebandjes die je weer moest aandraaien als ze losgeraakt waren. U2, Talk Talk, The Cure.

“Die muziek kwam als vanzelfsprekend, die had in die tijd zoveel impact. Er was niks! Ja, er was de radio maar zelfs daar was het niet veel soeps. Het was wachten op nieuwe lp’s die uitkwamen, en dan ging iemand naar de stad om die lp te kopen en daar namen wij cassettebandjes van om eindeloos te beluisteren. Dat zit in mijn dna gegrift. Overigens: er is ook een Spotifylijst bij het boek.”

Simon voelt zich zeer beklemd in zijn dorp; met zijn vriend naar Azurra en drinken, misschien nog door naar een ander café, dat is het wel.

“Zijn moeder is dol op hem, ze ziet hem graag. Als hij besluit met zijn studie te stoppen ziet zij de opportuniteit hem dicht bij haar te houden. Die beklemming speelt door een groot deel van het boek omdat iedereen iets op Simon projecteert en dingen van hem verwacht; juist omdat hij altijd wat afstandelijk blijft. En soms ook benieuwd is naar hoe hij wordt gezien en of hij naar dat beeld zal kunnen leven. Uiteindelijk moet hij zelf zien te bepalen wat hij met dat leven zal doen, wie hij in dat leven zal zijn.”

“Ik was in die tijd 19. Het is een persoonlijk boek omdat de thematiek, het vormen van een eigen identiteit, heel belangrijk is. Die is eigenlijk in ieder boek van mij wel aanwezig: hoe weet je wie je bent, wat je wil navolgen, nastreven. Hoe groot is de rol van het toeval hierin?”

“Maar ik ben intussen ook een man van 52, wat wijzer, en dat maakt dat ik me beter in andere personages kan inleven. Ik heb geprobeerd Carla zo levensecht en complex mogelijk neer te zetten. Dat is de uitdaging van de schrijver. En zelfs haar man John, die mijlenver van me afstaat, heb ik met nuance beschreven; ik heb toch naar hem geluisterd, toch ook zijn broosheid kunnen tonen.”

Peter Terrin, Al het blauw; De Bezige Bij, €21,99, 287 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden