PlusTen Slotte

Per Olov Enquist (1934-2020): Politiek, liefde en drank kwamen altijd terug

De Zweedse schrijver Per Olov Enquist, de ‘grand old man’ van de Zweedse literatuur, is op 85-jarige leeftijd overleden. 

Per Olov Enquist in 2011 in zijn huis in Stockholm.Beeld AFP

De Zweedse schrijver Per Olov Enquist brak in 1999 in Nederland en de rest van de wereld door met de Het bezoek van de lijfarts. Het is een historische roman over de Duitser Johan Friedrich Struensee, die in 1770 lijfarts wordt van de aan waanvoorstellingen lijdende Deense koning Christian VII, een relatie krijgt met koningin Caroline Mathilde, en door zijn macht zo ongeveer heerser over Denemarken wordt.

Zaterdagavond overleed Per Olov Enquist na lang ziek te zijn geweest op 85-jarige leeftijd. De ‘grand old man’ van de Zweedse literatuur leed aan hartfalen, en was in 2016 getroffen door een beroerte. ‘P.O. Enquist is dood. Bedankt voor fantastische leeservaringen, slimme gedachten en inspirerende bijdragen aan het debat,’ liet de Zweedse minister van Buitenlandse Zaken Ann Linde zondagochtend weten.

Hoogspringer

Per Olov Enquist – de Nederlandse schrijver Anna Enquist gebruikte zijn achternaam als pseudoniem - werd op 23 september 1934 in het Noord-Zweedse Hjoggböle geboren. Na een benauwende, vaderloze jeugd in een zeer strenge geloofsgemeenschap, studeerde hij literatuurwetenschap aan de universiteit van Uppsala, waar hij nog even een studentenkamer deelde met de later ook beroemd geworden schrijver Lars Gustafsson. 

Hij ontwikkelde zich tot een getalenteerde hoogspringer, schreef literatuurrecensies voor verschillende kranten, was columnist, en sportverslaggever.

In die laatste functie versloeg hij de Olympische Spelen van 1972, en schreef hij na thuiskomst het indrukwekkende essay Katedralen i München (De kathedraal in München), over de Palestijnse terreurbeweging Zwarte September die tijdens een gijzeling in het olympisch dorp elf Israëlische atleten en officials vermoordde.

Achteloze stijl

Tegen die tijd was Enquist, die in 1961 debuteerde als schrijver, vooral in eigen land al bekend als schrijver van goed gedocumenteerde, in een bijna achteloze stijl geschreven historische romans, waaronder De vijfde winter van de magnetiseur (1964) en De uittocht der muzikanten (1978). Later zou hij daar De reis van de voorganger (2001, over Lewi Pethrus, de oprichter van de Zweedse Pinkergemeente), en Blanche en Marie (2004, over de liefde tussen de zenuwpatiënte Blanche Wittmann en tweevoudig Nobelprijswinnaar Marie Curie) aan toevoegen.

Maar hij schreef ook eigentijdse romans zoals Het record (1971, over een frauderende atleet, waarin Enquist zijn ervaringen als atleet kon gebruiken) en het semi-autobiografische Het boek der gelijkenissen (2013).

Openhartig

Die laatste roman is een gefictionaliseerde versie van zijn in 2008 verschenen, zeer openhartige autobiografie Een ander leven waarin hij onder meer schrijft over de zoektocht naar zijn vader, die overleed toen hij een half jaar oud was, en zijn strijd tegen alcoholisme (naast politiek en liefde terugkerende thema’s in zijn werk), waardoor hij lang geen normale zin meer op papier kreeg. 

Nadat hij in 1990 definitief van de drank af was geraakt, kon hij ook eindelijk de roman Kapitein Nemo’s bibliotheek (1991) schrijven, waarin hij terugkijkt op zijn verstikkende jeugd. En schreef Per Olov Enquist dus acht jaar later zijn internationale doorbraakroman Het bezoek van de lijfarts, waarvoor hij de prestigieuze Augustusprijs kreeg, de belangrijkste literaire onderscheiding van Zweden. 

Een prijs die hij later, inmiddels ook internationaal gelauwerd, opnieuw ontving, voor misschien wel zijn beste boek: Een ander leven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden