Plus Achtergrond

Ook de componist kan vaak amper rond komen

De aan een conservatorium opgeleide musicus heeft dan wel van zijn passie zijn beroep gemaakt, er een beetje behoorlijk van leven is vrijwel onmogelijk. Er is de afgelopen tijd geregeld over bericht. Maar de componist, de bedenker van de noten die de musici spelen, is niet beter af.

Zonder de componist zou er geen muziek bestaan. Slechts 7 procent van de compo­nisten kan echter van van zijn werk leven. 8 procent verdient helemaal niets. Beeld Getty Images

Hoboïste Dorine Schoon maakte zich er al langer druk over dat hooggekwalificeerde musici veel te vaak lunchconcerten geven zonder daarvoor ook maar één cent betaald te krijgen. Of dat ze voor een appel en een ei in orkesten remplaceren. Of in ensembles spelen die het hoofd amper boven water kunnen houden. In de jazz- en de geïmproviseerde muziek is het van hetzelfde laken een pak. De afgelopen maanden is er uitvoerig over gepubliceerd.

Maar één beroepsgroep is in die berichtgeving onderbelicht gebleven. En dat is nou net de beroepsgroep waarmee het in de muziek allemaal begint: de componist, de bedenker van de noten die door de musicus worden gespeeld. Zonder de componist zou er geen muziek bestaan.

Werkende partner

Afgezien van de succesvolsten onder hen, die in Nederland op de vingers van één hand zijn te tellen, is het voor de componisten nauwelijks mogelijk van hun beroep te leven. Op basis van een onderzoek uit 2017 bleek dat slechts 7 procent van de componisten die zijn aangesloten bij de beroepsvereniging Nieuw Geneco een inkomen heeft dat uitsluitend bestaat uit betaald compositorisch werk.

Ondanks uitvoeringen op gerenommeerde concertpodia en de verschillende nevenbanen kan ruim 40 procent alleen rondkomen als er thuis ook nog een werkende partner is. 8 procent componeert zelfs volledig onbetaald. “Stoppen met componeren is voor hen geen optie,” zegt Esther Gottschalk, directeur van Nieuw Geneco, dat inmiddels driehonderd leden heeft. “Hun eerste prikkel is namelijk niet er geld mee te verdienen. Ze willen componeren!”

Waar het scheef gaat lopen, is bij de vaststelling dat een orkest, een solist, de dirigent, de musicus in vaste dient, de manager, de uitgever, de kopiist, de verhuurder van partijen tot en met de koffieschenker wél geld verdienen aan de muziek die door de componist is bedacht. Gottschalk: “In de keten genereren de componisten veel werk voor veel mensen, maar zelf moeten ze op een houtje bijten. Dat is bizar.”

In de Uitgangspuntenbrief van D66-minister Ingrid van Engelshoven met daarin de grote lijnen voor het cultuurbeleid in de periode 2021-2024, is niet voorzien in een oplossing voor de componist. De hele notie van fair practice/fair share/fair pay, die sinds de noodkreet van Dorine Schoon urgentie heeft gekregen, blijft in die brief onderbelicht. 

In het Kamer­debat dat daarover laatst werd gevoerd noemde Corinne Ellemeet van GroenLinks een bedrag van 25 miljoen euro dat ‘minimaal nodig is voor een fair practice’. Belangenvereniging Kunsten ’92 noemt een bedrag van 27 miljoen.

Lodewijk Asscher (PvdA) diende later een motie in met de oproep te laten uitzoeken ‘hoeveel geld nodig is om de makers fatsoenlijk te behandelen’. “Er moet geld zijn om aan de code van fair practice te voldoen. Er is 11 miljard overschot. Doe daar wat mee.” Hij stelde voor via ‘Netflix en andere kabelbedrijven’ geld naar de makers te laten terugvloeien.

“Goed idee,” zegt Gottschalk, “maar of zo’n digitax haalbare kaart is, weet ik niet. Het punt blijft dat de individuele componist het niet kan oplossen en dat je het probleem dus érgens moet neerleggen.”

Méér Nederlandse muziek

De fatsoenlijke betaling van componisten is maar een deel van het probleem. Nieuw Geneco heeft geconstateerd dat rijksgefinancierde orkesten elk jaar slechts 5 procent aan auteursrechtelijk beschermde stukken van Nederlandse componisten uitvoeren. Daarvan is meer dan de helft trouwens al overleden. Kortom, de levende componist kan wel wat meer steun gebruiken. Gottschalk pleit dus voor ‘méér Nederlandse muziek van nu bij de Nederlandse orkesten’ en meer levende muziek op live podia en radio en televisie, want ook die percentages ‘zijn schrikbarend laag’.

Dan is er nog het feit dat auteursrechttarieven omwille van de toegankelijkheid voor koren, ensembles, (harmonie)orkesten, fanfares, brassbands en verenigingen kunstmatig laag worden gehouden, waardoor de componist inkomsten misloopt. 

Als jouw werk veel wordt gespeeld, kan dat aardig oplopen. Daardoor heeft een succesvolle componist als Jacob ter Veldhuis nu uit zijn Nederlandse uitvoeringen naar eigen zeggen maar liefst 80 procent minder inkomsten. “Logisch dat er sociaal-culturele tarieven worden gerekend, maar daar mag de individuele componist niet de dupe van worden,” zegt Ter Veldhuis, die bijval krijgt van harmoniegigant Jacob de Haan (3000 uitvoeringen per jaar over de hele wereld).

Muziekverenigingen

“Muziekverenigingen kunnen in mijn sector, de hafabra (harmonie- en fanfareorkesten en brassbands), voor 5,89 euro, inclusief 21 procent btw per lid, álle muziek spelen die mijn collega’s en ik schrijven,” zegt De Haan. “Dat is heel weinig geld, maar de muziekverenigingen kunnen het niet meer betalen als je dat bedrag verhoogt. Daar zouden de Buma en de politiek dus een oplossing voor moeten vinden. Ze zouden het belang ervan moeten inzien.”

“Maar als je kijkt naar wat er met onze muziekscholen gebeurt, dan weet je dat daar de prioriteit niet ligt. In het buitenland, waar ik vaak kom omdat mijn werk daar veel wordt gespeeld, is dat écht heel anders. Zelfs in een land als Italië, waar het economisch lang niet zo goed gaat als in Nederland, zou het ondenkbaar zijn dat je muziekscholen laat verdwijnen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden