Plus

'Ontaarde' kunst straalt van vrije vitaliteit in Singer Laren

Niks werkelijkheid natuurgetrouw afbeelden; kunstenaars in Duitsland onttrokken zich in het begin van de twintigste eeuw aan alle artistieke conventies en zochten nieuwe vormen. Ook nu lijkt het alsof die schilderijen uit hun tenen komen.

Grosser Zoologischer Garten van Macke is een van de hoogtepunten in Singer Laren Beeld Jürgen Spiler

In Singer Laren hangen nu alle grote namen van het Duits expressionisme, onder wie August Macke, Franz Marc, Emil Nolde en Wassily Kandinsky. Zij laten in hun schilderijen zien hoe ze het perspectief platter maken, de onderwerpen opbouwen uit kleurvlakken, in contrasterende kleuren, omzoomd door heftige contourlijnen. Inmiddels hoort dit expressionisme tot de kunsthistorische canon. Het is bijna onvoorstelbaar dat deze stijl ooit schokkend was. Onverminderd voelbaar blijft hun bravoure.

Zie bijvoorbeeld Paula Modersohn-Becker al in 1902 met tradities breken. Zij schildert een kind, niet gezond blozend tegen de achtergrond van een zonnig landschap, maar in dezelfde donkere kleurtonen als het omringende bos. Hierdoor lijkt ze in de natuur op te lossen.

En zie de zoektocht van Christian Rohlfs, die eerst nog een nieuwe beeldtaal probeert te halen bij de stippeltechniek van de pointillisten, dan het zonnebloemmotief van Vincent van Gogh leent, om zich uiteindelijk tegoed te doen aan het expressieve kleurgebruik dat zo kenmerkend is voor de Brückegroep.

Naaktzwemmen
Deze schilderijen ademen vrijheid. Door de manier waarop Emil Nolde rond 1910 de zee in woeste penseelstreken op het doek kwakt, voel je hoe onstuimig de natuur kan zijn. De schuimkoppen slaan je bijna in het gezicht.

Een hippie-achtige onbezorgdheid is te vinden bij Otto Mueller, die drie vrouwen in een Duitse vijver laat naaktzwemmen. Een dromerig, geromantiseerd beeld van vrouwen in de natuur - qua kleur harmoniseren ze ook met hun omgeving. Hier en daar is dit doek uit 1912 onbeschilderd, dus ook naakt. Gewoon omdat het kan.

Ondanks alle vitaliteit eindigt de tentoonstelling in mineur. August Macke en Franz Marc sterven in de Eerste Wereldoorlog. Käthe Kollwitz en Max Beckmann laten de schrijnende gevolgen van de gevechten zien. Tijdens de Tweede Wereldoorlog gaan veel expressionisten gebukt onder het regime van het Derde Rijk.

Dat deze schilderijen hier zijn, is niet vanzelfsprekend. Deze nieuwe stijl, die afweek van de toen geldende norm, werd in nazi-Duitsland als 'ontaard' bestempeld en aan het zicht onttrokken of juist in een rondreizende propagandatentoonstelling belachelijk gemaakt.

Kunstwerken werden van de hand gedaan of zelfs vernietigd. Rohlfs schilderij Clowns­gespräch werd in 1937 in beslag genomen door de nazi's en kwam pas in de jaren vijftig weer boven water. Veel andere kunstwerken verdwenen voorgoed.

Na de oorlog nam kunsthistoricus en museumdirecteur Leonie Reygers het op zich om voor haar Museum Ostwall im Dortmunder U expressionistische werken te verzamelen en de 'ontaarde kunst' terug te brengen naar het publiek.

Collectieruil
Een paar jaar geleden ontmoette Jan Rudolph de Lorm, museumdirecteur van Singer Laren, zijn collega Edwin Jacobs op een museumcongres. Jacobs had net het Utrechtse Centraal Museum verruild voor een groot cultuurcomplex in Dortmund, waar Museum Ostwall onder valt.

Museum Singer Laren Beeld ANP

De heren besloten tot een collectieruil. Zo komt het dat er straks niederländische Moderne in Dortmund te zien zijn, en dat Laren nu meer dan zeventig Duitse expressionistische kunstwerken kan tonen.

Zachte levende wezens
Het verhaal van het Duitse expressionisme is weliswaar vaak verteld, maar omdat de collectie van Museum Ostwall hier behoorlijk onbekend is, zitten er toch grote verrassingen tussen. Grosser Zoologischer Garten (1913) van August Macke is bijvoorbeeld een schilderij van heb ik jou daar. Je blik wordt kriskras over het doek getrokken.

Van de stedelijke omgeving op de achtergrond die zo blokkig oogt, naar de levende wezens op de voorgrond die juist zachter zijn weergegeven. De mannen met bolhoeden lijken allemaal hetzelfde, en moeten wijken voor de gezichten van moeder en kind die juist gedetailleerd zijn.

Deze twee figuren in het midden lijken oogcontact te maken met de dieren; de blik van de moeder trekt je naar de antilope rechts, de blik van het kind naar de kraanvogel links. Hier wordt een poging gedaan om deze stadsmensen aan de natuur te binden.

Dat de dieren gekooid zijn, lijkt Macke bijna terzijde te schuiven door de dieren slechts achter een paar verticale lijnen te plaatsen. De blauwe olifant lijkt zelfs los te lopen. Het oogt nog net zo uitbundig als honderd jaar geleden.

Duitse expressionisten uit Museum Ostwall, ­Dortmund, in Singer Laren, t/m 25 augustus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden