Nooit meer één Nederlands

Joop van der Horst: Het einde van de standaardtaal
Meulenhoff, 22,50 euro

Ooit was ons taalgebruik strikt geregeld, maar velen gaan nu veel vrijer met taal om. Dat leidt tot veel geklaag over de taal van vooral jongeren: slechte spelling (gecorrigeerd door Google), ontlezing, aan de laars gelapte grammaticaregels, slordige uitspraak, Engelse leenwoorden, sms-taal in plaats van brieftaal, et cetera.

Volgens taalhistoricus Joop van der Horst zijn deze verschuivingen in de taal niet louter toe te schrijven aan computer, telefoon en internet. Hij ziet het als een wisseling van taalcultuur, die zich niet alleen in Nederland, maar in álle westerse landen voltrekt.

Zijn boek Het einde van de standaardtaal, een heldere pil van 325 pagina's en een vloed aan voetnoten, draagt dan ook als ondertitel Een wisseling van Europese taalcultuur.
Volgens Van der Horst, hoogleraar Nederlandse taalkunde aan de KU Leuven, is de standaardtaal niet te redden. Er is niet langer één Nederlands (of één Engels), maar er zijn meer Nederlandsen (Engelsen). Wat we momenteel beleven, is het einde van die renaissancetaalcultuur en het begin van een radicaal andere omgang met taal.

De taalverandering in heel Europa is volgens Van der Horst te vergelijken met de verandering tijdens de overgang van middeleeuwen naar renaissance. De boze reacties van nu vergelijkt hij met de renaissancistische angst voor verandering. Van 1600 tot 1860 kwamen de ideeen van de renaissance tot volle bloei. Rond de verschillende Europese talen werden hekken opgetrokken, puur uit angst dat ze uiteen zouden vallen. Taalverandering moest worden bestreden en regels en normen voor een correct taalgebruik volgden: woordenschat, spelling, grammatica. Zo wilde men de taal zuiver houden en voorkomen dat ze zou verloederen.

Lang domineerde de geschreven taal, voor het oog gemaakte taal. Standaardtaal was de taal die gebruikt werd door het schrijvende deel van de bevolking, dat zich hield aan de normen en regels. Maar vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw werd gesproken taal belangrijker, onder meer door de uitvinding van de telefoon. Sinds 1970 wordt afscheid genomen van de renaissancistische taalcultuur. We lezen veel via de computer en kennen ook luisterboeken. Het computergebruik heeft invloed op onze taalomgang: trefwoorden intikken in plaats van alfabetisch opzoeken en spellingcorrectie door Google.

De laatste twintig jaar staat de standaardtaal echt onder druk: taalgebruik wordt steeds meer aangepast aan de doelgroep. Taal wordt weer ontelbaar, het Nederlands en het Engels bestaan niet meer, dat zijn nog formuleringen die stammen uit de hekkentijd. De hekken storten nu in of worden weggenomen. Geen taal die zo'n brede verspreiding als het Engels heeft gekregen, maar ook 'het' Nederlands bestaat inmiddels uit drie Nederlandsen: het Nederlands van Noord en Zuid en het Surinaamse Nederlands.

De nieuwe taalcultuur zal volgens Van der Horst minder Europees zijn, veeleer mondiaal. Dat was anders in de tweede helft van de achttiende en de negentiende eeuw. Taal was toen vooral een nationale aangelegenheid en het zuiver houden van de eigen taal werd een nationaal belang. Slonzigheid in taal of spelling was volgens Van der Horst 'een onvaderlandslievende daad'. Leenwoorden en andere 'vreemde smetten' vormden een aantasting van de eigen taal en het eigen volk.

De oude angst van de renaissance laaide hier weer op, de angst dat we zonder standaardtaal overgeleverd zijn aan de totale versplintering van de taal. Met een klachtenregen als gevolg, maar Van der Horst verwacht dat het gemopper over het nieuwe taalgebruik zal verminderen en dat ook oudere mensen zullen wennen aan de taal van sms en e-mail en aan de vele afkortingen. Het einde van de standaardtaal.

Volgens Van der Horst was het trouwens ook tamelijk abrupt afgelopen met het Latijn als schoolvak: 'Voor hedendaagse jongeren is Ajax een voetbalvereniging, Nike een merk sportschoenen en Hector de naam voor een groot uitgevallen hond'. (HANS HOEKSTRA)

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden