Plus Interview

Niña Weijers: ‘Ineens begon ik het leven als serieuze aangelegenheid te zien’

Na haar veelgelauwerde debuut De consequenties schreef Niña Weijers in het Witsenhuis aan het Oosterpark de deze week verschenen roman Kamers antikamers. Over de poreuze grenzen tussen herinnerde, verzonnen en mogelijke levens.

Beeld IrisDuvekot

Dat deze week haar nieuwe boek Kamers antikamers verscheen, ervoer Niña Weijers (31) als ‘een noodzakelijk kwaad’. “Wie schrijft die blijft, zo ben ik niet. Tekst is voor mij organisch, levendig, en niet iets dat per definitie vaststaat. Een groot contrast met gedrukte tekst, de gestolde vorm. Maar ik heb die tekst wel geschreven om iets te communiceren, dus op een gegeven moment moet je er toch een punt achter zetten. En het is wel fijn als de wereld het gaat lezen. Daar ben ik ook ijdel genoeg voor.”

In Kamers antikamers verblijft een schrijver, een jonge dertiger die een onverwacht succes heeft geboekt met haar eerste boek, op de derde en bovenste verdieping van een laatnegentiende-eeuws pand aan een stadspark, een plek die haar is gegund door een commissie van letterkundigen en cultuurhistorici naar de wens van een schilderweduwe die van haar huis een plek wilde maken van blijvende cultuurhistorische waarde.

Niña Weijers zelf woont tijdelijk in zo’n laatnegentiende-eeuws pand aan het stadspark: Het Witsenhuis aan het Oosterpark, voormalig atelier van Willem Witsen (1860 –1923) waarvan de bovenste verdiepingen in overeenstemming met de wens van zijn weduwe Marie Schorr aan schrijvers ter beschikking worden gesteld. Niña Weijers loopt, zoals de schrijver in haar boek, rondjes in het park met haar hondje en een vriendin die op papier M. is en in wie Maartje Wortel valt te herkennen (zoals Weijers als N. wordt opgevoerd in Wortels onlangs verschenen roman Dennie is een star).

Maar-wat-als-scenario’s

Er zijn meer redenen waardoor je als lezer geneigd zou kunnen zijn Weijers te vereenzelvigen met haar hoofdpersonage – een verbroken relatie met een man, een meeslepende verliefdheid op een vrouw. Maar ze speelt in Kamers antikamers een geraffineerd spel met werkelijkheid, herinneringen én vele maar-wat-als-scenario’s. Maar wat als de schrijver bij de man was gebleven en een kind had gekregen? Maar wat als de vrouw was weggegaan bij haar gezin?

Aan het begin van het boek interviewt de schrijver een internationale cultschrijver, in de ‘tamelijk onschuldige jaren’ dat Airbnb nog beschouwd werd als handige oplossing en zij een harmonieuze relatie heeft met de man die ‘haar nooit zou kwetsen.’ Ze vertelt deze vrouw over de roman die ze probeert te schrijven over ‘een kalm geluk, twee mensen die gewoon met elkaar doorleefden, zonder elkaar diepe schade te berokkenen, zonder uit elkaar te gaan.’

De vrouw barst in lachen uit. ‘Dat zou mogelijk revolutionair zijn.’

En zo gebeurt het ook niet – want het leven komt er tussen. “Het is een heel poreus boek,” zegt Weijers, “Het is een spel met wat werkelijkheid is en wat fictie is. Ik heb er heel veel dingen in toegelaten die daadwerkelijk aan de hand waren en ik heb me als een spons opgesteld. Ik heb het in een soort realtime geschreven, waardoor het schrijfproces ook onderdeel werd van het verhaal. Het is doorzichtig. Het is niet een verhaal dat zichzelf vertelt, maar ook een verhaal dat zichzelf becommentarieert. Een constructie.”

In De consequenties ging het over kunst als medium. “En nu gaat het over wat literatuur is, wat schrijven is. En wat leven is. Ik wilde er geen hermetisch spiegelpaleis van maken, maar ik wilde wel laten zien hoe het werkt als je het leven vervormt tot geschreven tekst, tot fictie. Hoe je de werkelijkheid geweld aandoet, hoe je je verhalen toe-eigent die niet van jou zijn, hoe je een verhaal van jezelf vervormt.”

Geen sleutelroman

Sommigen van haar dierbaren zullen zich herkennen, zegt ze, maar het is de truc om je bij het schrijven niet door dit soort gedachten te laten censureren.

“Anders kun je niet het boek maken dat je wil maken. Maar ondanks dat je compromisloos bent, kun je wel een bepaalde integriteit nastreven. Als je je een verhaal toe-eigent, is dat maar een versie van het verhaal. Dat zeg ik niet als excuus, of als vrijwaring. Maar het is geen sleutelroman, verre van dat. Het is echt een spel.”

De schrijver in het boek raakt bevangen van het huis aan het park met zijn illustere geschiedenis. Breitner en Israëls werkten er, de Tachtigers kwamen over de vloer – zo veel illustere voorgangers. En de geest van de weduwe waart er rond, wat moeilijk te geloven lijkt op die lichte, modern ingerichte bovenverdieping die uitkijkt op de groene boomkruinen. Al voelt Weijers we af een toe een trilling waarvan ze eerst dacht dat dat door de trams kwam, maar dat blijkt niet zo te zijn.

“Maar als het al een geest is dan wel een goedgemutste. Hier is onderscheid tussen de vertelstem en wie ik zelf ben. Ik heb die beklemming niet zo gevoeld. Maar ik wilde wel die enorme literaire geschiedenis van het huis gebruiken. Het is de grootste gift in mijn prille carrière dat ik hier vijf jaar mag wonen. ”

“Je krijgt er geen opdracht bij, ze zeggen niet dat je er een boek moet schrijven. Je krijgt de ultieme vrijheid. Een afgrondelijke vrijheid ook, je kunt in dat oeverloze verzuipen – dat idee vond ik interessant en heb ik uitgewerkt.”

Niet eeuwig jong

Hoezeer Kamers Antikamers ook dicht op eigen huid geschreven, ze heeft haar hoofdpersonage vele andere levens gegeven. “Ik probeerde me voor te stellen wie ik zou zijn in andere situaties. Want de situatie waarin je je bevindt, vormt jou ook, maakt je tot iemand anders. En de situatie waarin je je bevindt is weer een gevolg van de keuzes die je maakt en die je nalaat te maken.”

Ze werd dertig, en het besef diende zich aan dat haar keuzes ook daadwerkelijk consequenties gingen hebben.

“Daarvoor denk je dat alles nog altijd kan. Maar ineens begon ik het leven als serieuze aangelegenheid te zien. Het dertigersdilemma ja – maar dat klinkt zo plat, zo damesachtig. Het was toch een schok: je blijft niet eeuwig jong. Ik kan me niet gaan aanstellen dat 30 nou zo enorm oud is. Maar je ziet om je heen dat bepaalde keuzes tot andere levens leiden. Dat is wat ik heb willen onderzoeken. Ik schrijf altijd om te proberen ergens achter te komen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden