De huisnummers zijn niet te missen.

Plus Architectuur

Nieuwe Zakelijkheid in Tuindorp Oostzaan

De huisnummers zijn niet te missen. Beeld Maarten Steenvoort

De Bongerd is gebouwd op een oud volkstuinpark. Het moest een eigentijds tuindorp worden, zoals er meer zijn in Amsterdam-Noord. Toch is Kade Noord, iets verderop, een originelere aanvulling op de tradities.

Langzaam maar zeker slokt de stad de laatste stukken vrije ruimte op, als een pacman die zijn honger maar nietgestild krijgt. Waar kan de buik het beste gevuld worden? In Amsterdam-Noord, met zijn verlaten industrieterreinen, scheepswerven en kades een begeerlijke prooi.

Ruim vijftien jaar geleden werd volkstuinpark De Bongerd opgeofferd voor woningbouw, volgens het tuinstadprincipe dat de geschiedenis van Noord kenmerkt. De fundamenten voor de buurt zijn al in 1997 gelegd.

Stedenbouwkundige-architect Rudy Uytenhaak bedacht een wijk met 1600 woningen in zes ‘kwartieren’, sferen en dichtheden, met nauwe straten tussen de woonvilla’s en groen aan de randen. De economische crisis temperde de ambities. De oostkant bij het Zijkanaal I bleef daardoor lang een braakliggende strook. Pas volgend jaar wordt hier een reeks woontorentjes opgeleverd.

De witte voordeuren zijn zo gebeeldhouwd dat iemand als Frans Bauer zich er thuis moet voelen. Beeld Maarten Steenvoort

Onlangs is als onderdeel van Fase 4 een complex rijtjeswoningen aan de Tuinderijlaan en Boomgaardlaan gereedgekomen met een opvallend gele baksteen die verder in De Bongerd niet voorkomt. Architect is Hans Been uit Amerongen. Dat gevlekte geel zou je een stijlbreuk kunnen noemen vergeleken met het eerder voltooide kwartier, dat een nazaat van de Amsterdamse School genoemd kan worden, en vooral met de al weer twaalf jaar oude villa’s. Die vallen op door schuine leisteen daken en erkers met Mickey Mouselijsten. Dat zijn moderne vertalingen van de versierde ramen in de Noord-Hollandse boerderijen.

Vogels van Escher

De Bongerd is tuinstad noch wijk door zijn hybride opzet. De samenhang tussen de buurten, zoals bekend van andere tuindorpen, ontbreekt. Dat wordt versterkt door de nieuwe invulling, waar de decoratie niet wordt geschuwd. Met enige fantasie zijn in het metselwerk van de verhoogde hoekwoningen de vogels van Escher te ontdekken. De huisnummers prijken pontificaal boven de deuren zodat een ambulance de patiënt bij nacht en ontij niet hoeft te missen. De witte voordeuren zijn zo gebeeldhouwd dat iemand als Frans Bauer zich daar thuis moet voelen. Kennelijk was het siermetselwerk in de gevel nog niet levendig genoeg.

Toch is het een aardig nieuw blok van De Bongerd door de verspringingen, hier een dakoverstek, daar een poort, dan een pannendak dat over de goot glijdt, afgewisseld met een schuin dak. In de Nederlandse architectuur is het rijtjeshuis net als de galerijflat een klassieker, een archetype. Jammer is het dat het spannende patroon van vrijstaande villa’s in het groen niet is doorgezet in De Bongerd. Dan was Noord een origineel tuindorp rijker geweest.

De Bongerd in Amsterdam Noord, de Scheepsbouwstraat, Tuindorp Oostzaan. Beeld Maarten Steenvoort

Voor de originaliteit moeten we de singel overspringen naar Tuindorp Oostzaan, waar aan de Scheepsbouwweg een langgerekt blok is gebouwd, ontworpen door Zondervan Architecten. Dit was een groenstrook zonder eigenschappen, een plantsoen waar je de hond uitliet. Het contrast met de erachter gelegen sociale woningbouw is enorm. Dat dateert uit 1984, uit een tijd dat de baksteenindustrie hoogstens een vuilgele steen wist te produceren, het snel vervuilende trespa de dienst uitmaakte (snel en makkelijk) en de ronde balkons met metalen balustrades werden afgesloten.

Kade Noord, zoals het nieuwe deel heet, is een strak blok in de beste traditie van de Nieuwe Zakelijkheid, met een mirador op de kop. Dat is een dakterras zoals in Zuid-Spanje, een uitzichtpunt waar men koelte in de zomer kan opvangen. Kijken, zonder bekeken te worden, ook dat is het kenmerk van de mirador. Een legertje tiny houses voor starters wordt afgewisseld met ruime appartementen. Strak in het gelid, afwisselend wit gestuukt, met hout en een raamwerk voor begroeiing. Tiny house is de moderne benaming voor een wooncontainer. Je moet je wooncarrière ergens beginnen. Niet iedereen kan dat in een villa doen.

Licht en hoog

De 45 vierkante meter woonoppervlak voelt niet benauwd aan dankzij de hoge plafonds en de verdiepingshoge ramen. Als een huis dan toch tiny moet zijn, moet het zo. Licht en hoog. Wit gestuukte puien. Hoewel die er zo stralend wit uitzien dat aanslag het uiterlijk op den duur onherroepelijk zal aantasten.

Is het bezwaarlijk dat het contrast met de schotelantennebuurt erachter zo groot is? Misschien wel: men leeft met de rug naar elkaar toe. Leefstijlen en milieus versmelten niet met elkaar. Dat geldt voor zowel De Bongerd als Kade Noord. Eenheid en samenhang in het groen, ooit het doel van de tuindorpen, zijn daarmee ver te zoeken, hoe aardig de architectuur ook is.

Beeld Laura Van Der Bijl
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden