PlusAlbumrecensie

Niet wereldschokkend, maar een leuke aanvulling op de Bowiediscografie

Het Parool
null Beeld

David Bowie was er het type niet naar veel achterom te kijken. In de tweede helft van zijn carrière zong hij maar zelden songs uit de jaren zeventig, zijn onbetwiste glorietijd. Maar tijdens zijn optreden op Glastonbury 2000 liep hij voor een keer, met groot succes, nog eens al zijn grootste hits langs.

Die retrotrip beviel blijkbaar goed. Snel na Glastonbury dook Bowie de studio in om nieuwe versies op te nemen van eigen songs uit de periode 1964-1971, de tijd van voor de grote doorbraak, toen hij nog door het leven ging als Davy Jones (de naam Bowie nam hij aan om verwarring met Davy Jones van The Monkees te voorkomen).

De opnamesessies leidden tot Toy, een album waar Bowies platenmaatschappij indertijd niets van moest hebben. De zanger was daar behoorlijk pissig over, maar omdat het onlangs 75 jaar was dat hij werd geboren, verschijnt het nu alsnog. Wereldschokkend is de plaat niet – Toy bevat zeker voor Bowie’s doen tamelijk doorsnee pop – maar het is een leuke aanvulling op de Bowiediscografie.

Maf wel dat de platenmaatschappij er indertijd niets in hoorde. Na zijn zeker niet door al zijn fans geapprecieerde vrijages met industrial en drum & bass in de jaren negentig, had hij met dit veel toegankelijkere album een groter publiek kunnen aanspreken.

Toy heeft een best enge hoes, waarop een kind (de zanger zelf?) het hoofd heeft van de oude Bowie. Hij ontwierp het beeld zelf.

Pop

David Bowie
Toy
(EMI)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden