Plus

Niemand was veilig voor de strapatsen van Francesco Borri

Drie jaar slechts verbleef de Italiaanse charlatan Francesco Giuseppe Borri in Amsterdam, maar hij liet een verpletterende indruk na. Ten koste van opgelichte erfgenamen, onbetaald personeel, overleden patiënten en een halfblinde hond.

Portret van Giuseppe Francesco Borri, uit 1675. Beeld Rijksmuseum
Portret van Giuseppe Francesco Borri, uit 1675.Beeld Rijksmuseum

Voordat Francesco Giuseppe Borri in februari 1661 Amsterdam aandeed, was zijn reputatie hem vanuit Den Haag vooruitgesneld. Een notaris had de bewijsvoering over de ‘ketterse verdorventheden’ van de door de inquisitie in Milaan ter dood veroordeelde ‘excellentie Borri’ vertaald en gepubliceerd. Met de titel ‘excellentie’ – gewoonlijk voorbehouden aan vorsten en hoge diplomaten – liet de Italiaan zich in zijn nieuwe ballingsoord Amsterdam aanspreken.

Borri had op dat moment al een opzienbarend leven achter de rug. Zo was in Rome het opperwezen in een visioen aan hem verschenen. Hij, Francesco Giuseppe Borri, was uitverkoren. Hij was een nieuwe profeet, met de aartsengel ­Michaël als steun en toeverlaat. Als bewijs van zijn roeping kon hij een van diens veren tonen.

Die profetische ambities hadden in Rome de aandacht getrokken van de pauselijke inquisitie, de kerkelijke rechtbank, waarna Borri de wijk nam naar zijn geboortestad Milaan. Daar stichtte hij in 1655 een sekte, waarvan de leden zich na het afstaan van hun aardse bezittingen moesten voorbereiden op het naderende einde. Een plan om in Milaan een oproer te ontketenen en de aartsbisschop om te brengen, lekte uit. De inquisitie veroordeelde hem tot de brandstapel, maar de vogel was al gevlogen. Op zijn vlucht noordwaarts belandde Borri uiteindelijk in ­Amsterdam.

Weelderig ingericht

Eenmaal in Amsterdam huurde de markante Milanees een gemeubileerde woning. Zijn hospita moest hem en zijn gevolg ook bedienen, van eten en drinken voorzien en hun kleding en beddengoed wassen. Binnen enkele maanden was hij alweer vertrokken, zonder een cent huur te betalen. De hospita liet beslag leggen op zijn achtergelaten spullen. Intussen had Borri vrienden gemaakt in de hoogste kringen. Zijn volgende woonlocatie was een grachtenpand van schepen Willem Jorisz. Backer. Van een ­andere regent – burgemeester Hendrik Hooft – huurde hij een stal voor zijn koets met paarden, waarmee hij zich door de stad liet rijden. Het huis richtte hij weelderig in met dure meubelen, tapijten, schilderijen, rariteiten en edelstenen. Vanuit het voorhuis met zijkamer leidde de gang naar een zaal en in de grote keuken was een laboratorium ingericht.

Borri leefde op grote voet. Hij had een dienstmeid, een knecht en een handjevol Frans­sprekende lakeien in dienst, van wie er zeker drie bewapend waren met pistolen en een karabijn. In het huis sloop ook een tijger rond. Net als eerder in Rome verdiende Borri in Amsterdam de kost met het geven van consulten, waarvoor hij een klein woordje Nederlands leerde naast het gebruikelijke Frans. Trekpleister was zijn universele geneesmiddel, waarmee hij iedereen kon genezen van elke kwaal – uiteraard tegen ruimhartige betaling. Van heinde en verre ­kwamen welgestelde zieken op audiëntie.

Geen penning nagelaten

Wetenschappers namen de wonderdokter aanvankelijk serieus en wilden leren van zijn opmerkelijke oogoperaties. Die bleken echter weinig meer te behelzen dan het toedienen van een even geheimzinnige als smerige wonderdrank, met bestandsdelen als dierenmest. Een door Borri geopereerde hond moest het voortaan met één oog stellen. Het duurde niet lang voordat de wonderdokter ook menselijke slachtoffers maakte. Een van hen was de uit ­Nederlands-Indië teruggekeerde Gerard Demmer, die daar in VOC-dienst carrière en fortuin had gemaakt. In april 1662 kwam hij doodziek in aanraking met Borri en leende hem 100.000 gulden. Binnen een maand was hij overleden. Tezelfdertijd trad Borri ook op als de lijfarts van een steenrijke speelkaartenproducent; deze ­patiënt overleed onverwacht zonder ook maar een penning na te laten aan zijn familie.

Demmers erfgenamen sleepten Borri voor de schepenbank. De zaak belandde bij het Hof van Holland in Den Haag, waar hij intussen was gaan wonen. In 1663 keerde Borri terug naar Amsterdam, om in het huwelijk te treden met een lokale schoonheid – zogenaamd dan, want hij trouwde helemaal niet. Hij ging op de oude voet verder. Met een slinkse juwelenhandel wist Borri het nog enige tijd uit te zingen, tot het hem ook in Amsterdam te heet onder de voeten werd. Beladen met geld en juwelen – en in gezelschap van zijn paarden en tijger – nam hij in december 1666 de benen.

Engelenburcht

Zijn schuldeisers schakelden justitie in. In de krant verscheen zijn signalement. Zijn achtergelaten bezittingen vielen in handen van de ­Desolate Boedelkamer, de instelling die faillissementen afhandelde. Daartussen zaten meubelen, goudleerbehang, rariteiten als de hoorn van een neushoorn en 42 schilderijen, waar­onder een groot portret van Borri zelf in een vergulde lijst. De paardenstal was leeg, op ‘een ­goede quantiteyt hooij’ na.

De opbrengst uit de bezittingen was volstrekt onvoldoende om alle schulden te voldoen. Zijn huisbaas, het personeel en talloze anderen konden fluiten naar hun geld. Borri wist de dans te ontspringen door naar Hamburg te vluchten.

Na enige omzwervingen werd hij onderweg naar het Ottomaanse Rijk in Moravië gevangengenomen. De Oostenrijkse Habsburgers leverden hem uit aan de paus, op voorwaarde dat hij niet de doodstraf zou krijgen. In 1672 moest hij voor de inquisitie zijn ‘ketterse’ leer afzweren. Hij kreeg levenslang en zat die straf uit in de ­Engelenburcht in Rome, waar hij een laboratorium mocht inrichten. In 1695 stierf Francesco Giuseppe Borri daar een natuurlijke dood.

Dit is een bewerking van een aflevering uit de reeks ‘Markante Amsterdammers’, te lezen in het blad ‘Ons Amsterdam’ en via onsamsterdam.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden