Plus

Nicci French: 'Over wat we schrijven, ruziën we juist nooit'

Het zit er bijna op voor Nicci French met de thrillerreeks rond Frieda Klein. Het zevende deel, Zondagochtend breekt aan, is verschenen. Deel acht volgt volgend jaar. 'We zullen Nicci French opnieuw moeten uitvinden.'

Maarten Moll
Sean French en Nicci Gerrard. 'Het gaat erom dat we elkaar in het schrijven vertrouwen' Beeld Marc Driessen
Sean French en Nicci Gerrard. 'Het gaat erom dat we elkaar in het schrijven vertrouwen'Beeld Marc Driessen

Ze kijken al reikhalzend uit naar het voorjaar. Dan gaan ze ergens
in Europa op vakantie. Nee, niet in Groot-Brittannië, daar regent het te vaak en te veel. Zuid-Frankrijk. Italië, misschien. En tijdens die wandelingen gaan ze hun toekomst bespreken. Nou ja, hun toekomst als Nicci French.

Dat klinkt alsof er iets erg is gebeurd, en in feite is dat ook zo. Ze leggen de komende maanden namelijk de hand aan het laatste deel in de ­Frieda Kleinserie. En dan staan ze na zeven jaar weer met lege handen.

Ze, dat is het schrijversechtpaar Nicci Gerrard (58) en Sean French (57). Als Nicci French veroverden ze met hun debuut The memory game (Het geheugenspel) uit 1997 meteen de thrillerwereld. Deze middag zitten ze in de bibliotheek van het Ambassade Hotel, klaar om over het ­zevende deel rond Frieda Klein te spreken; Zondagochtend breekt aan.

"We weten wat je gaat vragen. Wat we met de ­titel van dat achtste deel aan moeten."

De helderziendheid van Nicci Gerrard verbaast niet. De serie rond psychoanalytica Frieda Klein begon in 2011 met Blauwe maandag. Daarna volgden Dinsdag is voorbij (2012), Wachten op woensdag (2013), Donderdagskinderen (2014), Denken aan vrijdag (2015) en Als het zaterdag wordt (2016).

De dagen zijn op. Het speculeren kan beginnen. De achtste dag? De dood van Frieda Klein?

Geoliede schrijversmachine
Sean French lacht, ze zullen elkaar gedurende het gesprek keurig afwisselen om rustig, maar vol overtuiging antwoord te geven. Hier zit
een perfect geoliede, tweemotorige schrijvers­machine aan tafel.

"We houden die titel natuurlijk geheim. Al hebben we het ons niet makkelijk gemaakt door een serie met weekdagen in de ­titel níet uit zeven delen te laten bestaan. Maar ja, toen we begonnen leek het einde van de serie zo ver weg... Gingen we dat wel halen? En nu blijkt dat we onze jaren als vijftigers bijna geheel met Frieda Klein hebben doorgebracht."

Met Frieda Klein vonden ze het schrijverschap na veertien boeken, alle stand alones, opnieuw uit. Al ging dat niet met een vooropgezet plan.

"We hadden haar bedacht als een personage in een volgend boek," zegt Gerrard, "omdat we ons met elk boek wilden vernieuwen. Een psychoanalytica, een vrouw die liever niet naar buiten ging, die de wereld een verschrikkelijke plek vindt. Ze is er door haar werk heel erg goed in de problemen in iemand anders aan te wijzen, en ze wil die problemen oplossen, niet zozeer de problemen waarmee we in deze wereld te maken hebben."

French: "Ze is heel goed in het ontraadselen van geheimen, van het doorzien van mensen die iets te verbergen hebben."

Gerrard: "Ze is geen traditionele detective, maar een detective van de geest. Ze is heel erg op zichzelf en denkt dat ze niemand nodig heeft. En ze heeft zelf ook geheimen, een donkere kant, een duistere geschiedenis. Toen we dat bedachten, zagen we meteen dat één boek met Frieda Klein niet genoeg was om haar karakter helemaal uit te diepen."

Geen Columbo
Ze waren niet van plan een serie te schrijven. "Maar nu hadden we iets in handen," zegt French. "En het mooie is dat we met elk boek Frieda ouder zien worden en haar ook echt een ontwikkeling kunnen laten doormaken. We wilden niet een inspecteur Columbo creëren. Die aflevering na aflevering hetzelfde kunstje flikte, door op het laatst quasiterloops de dader aan te wijzen. Columbo die maar steeds dezelfde persoon bleef."

Gerrard: "Elk boek uit de serie is afzonderlijk te lezen, maar haar ontwikkeling in de boeken is de rode draad. Van iemand die heel gesloten is en eigenwijs, tot een persoon die inziet dat ze niet alles alleen kan doen."

Zo begint deel zeven met een lijk onder de vloer. In het huis van Frieda Klein. Het is een ex-agent die haar eerder in de reeks hielp bij het vinden van een misdadiger. Een misdadiger die al voorkwam in het eerste deel van de serie, en van wie vermoed wordt dat hij dood is.

French en Gerrard zijn bijna 27 jaar getrouwd, en schrijven al ruim twintig jaar samen hun psychologische romans. Met veel succes. Vragen of ze weleens ruzie maken tijdens het schrijven is daarom meer nieuwsgierigheid dan een poging om wat barstjes in het volmaakte te krijgen.

"We praten altijd en overal met elkaar over karakters, het plot, moordwapens," zegt French.

"We ruziën juist nooit over wat we schrijven," zegt Gerrard.

"Het gaat er juist om dat we elkaar in het schrijven vertrouwen," zegt French.

"Schrijven is voor ons geen power battle," zegt Gerrard.

Tikkietakkie doet het echtpaar. Miljoenen exemplaren van hun boeken verkochten ze. En ze weten hun succes goed uit te dragen. Maar schrijven doen ze niet samen als ze op hun laptops aan het Nicci Frenchen zijn. Schrijven is iets wat je alleen doet. In aparte kamers.

Nicci French: Zondag­ochtend breekt aan Beeld -
Nicci French: Zondag­ochtend breekt aanBeeld -

Wat ze wel samen doen, is door Londen struinen om locaties te vinden voor hun verhalen. Londen, dat in de Frieda Kleinserie welhaast een personage is. Ze laten Frieda Klein, om de onrust in haar hoofd te bestrijden, lange nachtwandelingen door de stad maken. Minutieus volgt de lezer haar door de straten en parken.

"Londen," zegt French, "is een fascinerende stad. Het telkens opnieuw verwoest en weer ­opgebouwd. Er zijn zo veel lagen... We komen op elke tocht, te voet of per fiets, plekken tegen die zo intrigerend zijn dat we er iets mee willen doen."

Onbekende rivieren
En dan zijn er de rivieren. Voorin elk deel is een kaart van Londen opgenomen met een zijrivier van de Theems. In Zondagochtend breekt aan is dat de Neckinger. Gerrard: "Frieda loopt die ­rivieren, die niemand meer lijkt te kennen, na in de boeken. De rivieren zijn natuurlijk ook een metafoor. Voor de onbekende rivieren die door onszelf lopen, de geheimen die we hebben."

Even valt er een stilte. Tot de interviewer door Zondagochtend breekt aan begint te bladeren. Ze weten alweer wat er gevraagd gaat worden.

"We hebben drie regels als we als Nicci French schrijven," zegt Gerrard.
Ze steekt één vinger op.

"We zeggen tegen niemand, dus ook niet tegen onze kinderen, wie welke zinnen of scènes heeft geschreven."

Ze steekt twee vingers in de lucht.

"We e-mailen elkaar wat we geschreven hebben. De ander pakt dat op en schrijft dan verder. Dat gaat zo door tot het boek af is. Dan gaat de een door het hele manuscript, en dan de ander."

Een derde vinger.

"Als ik, maar dit geldt voor ons beiden, iets heb geschreven waar ik heel blij en gelukkig van ben, en Sean herschrijft het, of schrapt het zelfs, dan mag ik niet gaan huilen en die zinnen weer in de tekst opnemen. Dat is niet toegestaan. En dat heeft weer met dat vertrouwen te maken."

French: "We zijn echt allebei Nicci French."

Welke Nicci French dat straks zal zijn, is de vraag. De wandelschoenen staan in elk geval al klaar.

'Zondagochtend breekt aan' verschijnt dinsdag

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden