PlusBoekrecensie

Nescio, de idealist, had een afkeer van de oosterse wereld en sliep in eersteklas hotels

Jan Hendrik Frederik Grönloh (1882-1961). Beeld -
Jan Hendrik Frederik Grönloh (1882-1961).Beeld -

Over Nescio, de schrijver van De uitvreter, Titaantjes en nog een handvol verhalen, is veel geschreven, vaak hetzelfde. Niemand heeft precies kunnen uitleggen waarom J.H.F. Grönloh (1882-1961) met zo’n klein oeuvre waarin vrijwel niets gebeurt al een eeuw lang zo populair is. Wel weten we uit de talloze publicaties óver hem dat veel van wat Nescio in zijn verhalen verwerkte, zo uit de werkelijkheid is geplukt.

Ook in de biografie die Lieneke Frerichs nu publiceert, wordt eindeloos de vergelijking gemaakt tussen Nescio’s leven en werk. Soms is dat grappig. Als in de novelle Dichtertje de hoofdpersoon het advies van zijn tante krijgt te groeten wanneer hij langs het huis van zijn baas loopt, weet Frerichs te melden dat Nescio’s tante Agaat haar neef aanspoorde zijn hoed af te nemen bij het passeren van de huizen van invloedrijke inwoners van Hengelo.

Nu scheelt het dat Frerichs een eenvoudige en aantrekkelijke wijze van schrijven heeft, maar de lezer denkt na lezing van de eerste honderd bladzijden met veel te veel citaten uit Nescio’s werk: ja dat weten we nu wel. Frerichs is weliswaar een betrouwbare, maar ook nogal wijd­lopige biograaf.

Oosterparkbuurt

Grönloh was aan het begin van de vorige eeuw betrokken bij de idealistische landbouwkolonie Tames. Met een paar vrienden, die natuurlijk in zijn verhalen terugkeren, kocht hij vlakbij Huizen een lapje grond waar – in navolging van de kolonie Walden van Frederik van Eeden – een woongemeenschap ontstond. In het weekblad van de Vereeniging Gemeenschappelijk Grondbezit De Pionier zag hij op 12 januari 1907 voor het eerst iets van zijn hand gedrukt, een ingezonden brief. Na wat kortdurende baantjes kwam hij in dienst van de exportfirma Holland-Bombay Trading Company en schopte het daar tot directeur.

De wereldhervormers liet hij voor wat ze waren, om zich op zijn baan, zijn gezin en het schrijven te richten. Grönloh, geboren in de Reguliersbreestraat en opgegroeid in de Oosterparkbuurt, trouwde met Aagje Tiket, altijd ‘Ossi’ genoemd. Er werden vier dochters uit dit huwelijk geboren. En tot aan de dood van de laatste dochter was het bijna onmogelijk een biografie te schrijven.

De nalatenschap met veel brieven en andere persoonlijke documentatie werd streng bewaakt, al gaven ze in 1996 wel toestemming het even omvangrijke als prachtige Natuurdagboek van Nescio te publiceren. Het stond in het door Lieneke Frerichs samengestelde Verzameld werk. De kleinkinderen van Nescio waren minder terughoudend ten aanzien van het privéarchief en daarom kon Frerichs nu dan eindelijk de echte biografie schrijven.

De uitvreter is een novelle die veel mensen hun lievelingsboek noemen. De eerste zin is nationaal erfgoed: ‘Behalve den man, die de Sarphatistraat de mooiste plek van Europa vond, heb ik nooit een wonderlijker kerel gekend dan den uitvreter.’ Daarom is het des te wonderlijker dat Nescio de grootste moeite had om zijn werk gepubliceerd te krijgen. De Gids wilde De uitvreter alleen publiceren als ‘godverdomme’ veranderd werd in ‘verdomme’ en als er een zin geschrapt mocht worden over een man die precies wist ‘hoe dik haar dijen’ waren.

Ook de zoektocht naar een uitgever voor een boekpublicatie om de drie novellen te bundelen, viel niet mee. Allemaal geschiedenis, want Nescio is inmiddels in twaalf talen te lezen. Ook Titaantjes begint met een zin die tot het algemeen spraakgebruik is gaan horen: ‘Jongens waren we – maar aardige jongens.’ Frerichs beschrijft precies hoe Koekebakker (Nescio), Bavink, Hoyer, Bekker en Kees Ploeger ieder hun dromen tevergeefs najagen en hoe auto­biografisch dit verhaal is.

‘Afkeer voor inlanders’

De Holland-Bombay had vestigingen in Brits-Indië, in Bombay, Karachi en Calcutta (tegenwoordig Kolkata). Van oktober 1925 tot februari 1926 reisde Grönloh langs die kantoren, om de markt te verkennen en te bespreken hoe met plaatselijke opstanden om te gaan. Nescio, de idealist die in zijn jonge jaren pleitte voor gemeenschappelijk grondbezit, behoud van natuur en andere idealistische doelen, leidde volgens de biograaf ‘het leven van een bevoorrechte Europeaan en logeerde in eersteklas­hotels en -pensions.’

De kleurrijke oosterse wereld om hem heen interesseerde hem niet, sterker: ‘Hij keek er met afkeer naar.’ Toch zijn de bladzijden die Frerichs aan deze lange reis wijdt het mooiste. Hij had heimwee naar huis en naar Amsterdam. Aan de hand van de vele brieven die hij aan Ossi en de kinderen stuurde, leren we hem anders kennen. In Calcutta zag hij het Marble Palace en de godsbeelden in de jaïntempel: de jaïns vond hij ‘walgelijk wanstaltig, figuren uit benauwde dromen.’Over het Marble Palace was hij ook al niet enthousiast. Hij zag er schilderijen van een ‘knoeischilder’ met ‘naakte Europeesche juffrouwen’. ‘Mijn afkeer voor inlanders is nu compleet.’

Depressies

Deze biografie is het meest boeiend als het over het persoonlijke leven van Grönloh gaat. Over zijn plan naar Brazilië te emigreren bijvoorbeeld, zijn depressies, waardoor hij soms thuis zat te huilen. Hoe het hem en zijn gezin verging tijdens de Tweede Wereldoorlog, en over de invloed van zijn uitgever Geert van Oorschot op zijn roem, die pas aan het einde van zijn leven kwam.

Dat einde was op 25 juli 1961. Zijn dochter Miep, zij debuteerde in 2002 op 92-jarige leeftijd met een dichtbundel, zei op de begrafenis: ‘Mijn vader heeft vanuit zijn eigen wilde ziel een moeilijk leven gehad.’ Hij werd op de Oosterbegraafplaats in het graf gelegd waar hun oudste dochter Ati al sinds juni 1940 lag. In 1974 kwam Ossi erbij. De vergankelijkheid van alles is een belangrijk thema in het werk van Nescio. Gelukkig kunnen we nog altijd zijn werk lezen en zijn graf bezoeken.

null Beeld -
Beeld -

Non-fictie

Lieneke Frerichs

Nescio: leven en werk van J.H.F. Grönloh

Van Oorschot,

€39, 50

656 blz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden