Plus PS

Nepnieuws is opgerekt tot een stok om makkelijk mee te slaan

Nepnieuws, alternatieve feiten - iedereen heeft het erover. Nieuw is het niet: waar geruchten eerst rondgingen op het dorpsplein, is dat plein digitaal geworden. Nu alleen nog het juiste vaccin vinden tegen het nepnieuwsvirus.

In Nederland meldde Facebook al dat Nu.nl en Nieuwscheckers op Facebook berichten zullen factchecken Beeld anp

'Valse informatie, propaganda, onvolledigheid, onzorgvuldigheid - alles heet tegenwoordig nepnieuws," zegt ­sociaal psycholoog Sander van der Linden van de Universiteit van Cambridge. "Willen we er iets tegen doen, dan moet het om te beginnen helder zijn wat we er precies onder verstaan."

Onlangs werd hij uitgenodigd door Britse overheids­instanties om te praten over een wetsontwerp dat dit fenomeen aan banden moet leggen. "Dat liep al vast omdat iedereen een andere definitie van nepnieuws hanteert."
Dat is meteen een van de redenen waarom de overheid zich hier helemaal niet mee moet bemoeien, zegt politicoloog en historicus Coen de Jong.

Opgerekt
In Duitsland broeden regeringspartijen CDU en SPD op een wetsvoorstel om platforms als Facebook nepnieuws binnen 24 uur te laten verwijderen. In Nederland meldde Facebook deze week al dat Nu.nl en Nieuwscheckers, een initiatief van de Universiteit Leiden, op Facebook berichten zullen factchecken.

Als de overheid zich ermee bemoeit, kan volgens de Jong de vrijheid van meningsuiting in het geding komen, want: wie bepaalt wat voor nep doorgaat? "De kans bestaat dat niet alleen nieuwsberichten worden geweerd die aantoonbaar fake zijn, maar ook artikelen die het imago schaden van regeringsleiders die daar niet tegen kunnen."

President Trump toonde dat nog maar eens aan: hij ontzegde vorige week een deel van de pers de toegang tot de persconferenties van het Witte Huis, omdat ze in zijn ogen nepnieuws over hem verspreiden. Zo is de definitie van nepnieuws langzaam maar zeker opgerekt tot een begrip dat vooral staat voor informatie die niet in iemands straatje past. En tot een stok om makkelijk mee te slaan.

Broodjeaapverhaal
Nepnieuws is op zich niets nieuws. Sinds er mensen zijn, wordt moedwillig valse informatie verspreid voor het ­eigen gewin. Of om te schoppen tegen de gevestigde orde. Of voor de grap. Wél nieuw is het gemak waarmee mensen onzin de wereld in slingeren. Waar de geruchten vroeger alleen rondgingen op het dorpsplein, gaan ze tegenwoordig in een mum van tijd viral.

Daarin schuilt meteen ook het gevaar. "De informatie-overload en de hoeveelheid beschikbare nieuwsbronnen maken het moeilijker om een broodjeaapverhaal van integere journalistiek te kunnen onderscheiden. Gevolg: de nieuwsconsument gaat aan alles twijfelen," zegt Elly Konijn, hoogleraar mediagebruik aan de VU.

De NOS ontvangt dagelijks e-mails van kijkers en lezers die de omroep beschuldigen van het verspreiden van nepnieuws, met de meest uiteenlopende redenen: van 'ik heb op internet iets anders gelezen, dus wat jullie schrijven is niet waar' tot 'dit is propaganda'.

NOS-hoofdredacteur Marcel Gelauff: "Het vertrouwen in de journalistiek staat al langer onder druk, maar mensen gaan nu met het begrip nepnieuws aan de haal." Een zorgwekkende ontwikkeling, vindt hij. Eén waarover ze op de redactie ook geregeld het hoofd breken.

Verschillende perspectieven
De journalistiek zou de waakhond moeten zijn van een democratische samenleving. Die kan alleen bestaan bij de gratie van goedgeïnformeerde burgers. Als een deel van die burgers twijfelt aan de integriteit van de media als geheel, rijst automatisch de vraag: hoe krijgen de media dit vertrouwen terug?

Gelauff: "Ik sta jou te woord. Open en transparant zijn is belangrijk. Net als toegeven dat je onzorgvuldig bent geweest, zoals met de berichtgeving over de opkomst bij de campagneaftrap van de PVV, waarover we een rectificatie plaatsten. We moeten kritisch blijven op ons werk: wat zijn ingesleten gewoonten en vooroordelen? Hoe kunnen we ons nog verder verbreden?"

Daarom brengt de NOS ook steeds meer verhalen die het nieuws vanuit verschillende perspectieven belichten. "Daar ligt deels de oplossing," zegt De Jong. "Laat zien dat je dingen goed hebt uitgezocht, dat je meerdere invalshoeken laat zien. In het ideale geval krijgt de onderzoeksjournalistiek veel meer ruimte. Maar die kost geld en tijd."

Buzzwords
Laat in dit internettijdperk aan tijd nu juist een groot gebrek zijn: de media zitten meer dan ooit boven op het nieuws en de concurrentie is groot. Helemaal wanneer er valse informatie in omloop is, is snel reageren een must. Op het moment dat een nepnieuwsverhaal viraal is gegaan, blijkt het tegengif met daarin de feiten nog maar lastig zijn werk te kunnen doen.

"Dat komt door de manier waarop onze hersenen informatie verwerken," zegt sociaal psycholoog Van der Linden. "Als je iets maar vaak genoeg herhaalt, zullen mensen het vanzelf geloven. Daarom moeten de media in de strijd tegen nepnieuws het valse nieuws niet tot in detail herhalen - iets wat ze nu vaak wel doen.

"Valse nieuwsberichten bevatten buzzwords, die kun je beter vermijden als je de berichten wil weerleggen. Je bevestigt ermee wat mensen al hebben gelezen, waardoor ze moeilijker op andere gedachten te brengen zijn."

Misleidend brein
Hoe moet het dan wel? Je kunt mensen beter 'vaccineren', stelt Van der Linden op basis van zijn onderzoek naar het ombuigen van nepnieuws. "Door mensen als het ware een beetje van het 'nepnieuwsvirus' toe te dienen - door de foutieve feiten slechts in grote lijnen te herhalen - en daarna zo snel mogelijk met de correcte feiten te komen. Dan zijn mensen eerder geneigd hun mening te herzien."

Verder is het volgens hem van belang dat de media zich realiseren hoe ze - zij het onbewust - hun berichtgeving framen: "Al dan niet sensationele koppen die slechts één kant van een conflict uitlichten, scoren bij lezers weliswaar beter, maar dragen tegelijkertijd bij aan een eenzijdige perceptie van het nieuws."

Hoogleraar Konijn onderschrijft dat. "Conflict, verontwaardiging en sensatie roepen emoties op. En die emoties bepalen voor een groot deel ons wereldbeeld." Om het vertrouwen van de burger te herstellen, zijn de media gebaat bij een minder eenzijdige, neutralere berichtgeving met meer nuance.

"De mainstream media werken zichzelf nu in feite tegen door de extremen te benadrukken. Die voeden de toch al gepolariseerde samenleving alleen maar meer." Dat geldt overigens ook voor de term nepnieuws: door die telkens te herhalen, blijven mensen 'm gebruiken. "Daarmee houden de media de opgerekte betekenis ervan zelf in stand."

Confirmation bias
In de strijd tegen dit fenomeen heeft de burger ook een rol. "Baseer je mening niet op één enkele nieuwsbron, maar voed jezelf met zo veel mogelijk informatie," adviseert Gelauff van de NOS. Ons brein kan ons misleiden om zo makkelijker grip op de wereld te krijgen.

Konijn: "We zijn geneigd om gelijkgestemden als geloofwaardiger te beschouwen. De zogeheten confirmation bias maakt dat we informatie die ons wereldbeeld bevestigt, eerder aannemen." Om die bias tegen te gaan, is het belangrijk dat we ons bewust zijn van dit soort mechanismen.

Platforms als Facebook maken het er dan niet makkelijker op: de ingebouwde algoritmen zorgen er immers voor dat we vooral informatie te zien krijgen die aansluiten op ons beeld van de werkelijkheid. Mensen die hiertegen ingaan, kunnen we eigenhandig 'ontvolgen'.

Konijn: "De globalisering leek onze blik op de wereld in eerste instantie te verbreden, maar met de komst van socia­le media versmalt die juist weer. Het is een verzameling digitale dorpspleinen waarop mensen met dezelfde mening zich samen terugtrekken."

Verkiezingsjaar
Toch moeten we niet overdrijven, zegt Gelauff. "De wereld draait niet om Twitter en Facebook. We moeten ons werk goed blijven doen en ons blijven verantwoorden voor de keuzes die we maken. Nu misschien iets meer."

Politicoloog en historicus De Jong: "En vergeet niet dat 2017 in Duitsland, Frankrijk en Nederland een gevoelig verkiezingsjaar is. Hierdoor staat de discussie over nepnieuws meer op scherp." Bovendien mag de groep die het vertrouwen in de mainstream media verliest weliswaar groeiende zijn; het podiu­m dat die groep heeft, is vooral groter dan ooit - want digitaal. Daardoor lijkt het probleem wellicht groter te zijn dan het is.

Genuanceerdere berichten worden nu eenmaal minder vaak gedeeld.
Of we bang moeten zijn dat de Nederlandse verkiezingsuitslag door nepnieuws wordt beïnvloed? De Jong denkt dat ook dat wel meevalt.

"Ik heb in Nederland nog geen nepnieuwsberichten voorbij zien komen die door de Russen geschreven zouden kunnen zijn hoor. Politici voelen zich in verkiezingstijd nu eenmaal sneller in het nauw gedreven, daar worden ze zenuwachtig van. Maar ik snap eerlijk gezegd niet waar ze zich zo druk om maken."

Hoe filteren we nepnieuws?

1. Haal informatie uit meerdere nieuwsbronnen
Verschillende invalshoeken geven een genuanceerder beeld van wat er speelt. Zo pik je nepnieuws er dus ook sneller uit. Of zie je in elk geval dat elk verhaal meerdere kanten kent.

2. Check de bronnen
Veel nieuws­berichten bevatten hyperlinks naar de gebruikte bronnen. Klik daar eens op. Linkt een bericht niet naar bronnen of worden ze zelfs niet genoemd? Dan is waakzaamheid geboden.

3. Kijk naar de toon
Nepnieuws of propaganda heeft vaak ogenschijnlijk de vorm van een objectief nieuws­bericht, maar is bij nadere inspectie kort door de bocht en doorspekt met ­meningen van de schrijver.

4. Check waar het nieuws vandaan komt
Komt het van een website met een tendentieuze naam? Kijk dan eens op de 'over ons'-pagina en ga na: wie heeft er belang bij dit bericht?

5. Check de datum
Soms wordt een oud nieuwsbericht opnieuw het net opgeslingerd, omdat het onderwerp weer actueel is. Het bericht dient op zo'n moment een nieuw belang buiten de oorspronkelijke context.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden