PlusAnalyse

Negen redenen waarom DWDD zo’n succes was (en één waarom niet)

Vaak geprezen, soms verguisd, altijd spraakmakend: DWDD is een instituut. Eind maart is de laatste aflevering. Negen redenen waarom het programma zo’n succes was, en één waarom het ook mateloos kan irriteren.

DWDD begint altijd met een gesprekje met de tafelheer/-dame.Beeld -

 Programma en presentator vielen samen

De Wereld Draait Door paste Matthijs van Nieuwkerk als een handschoen. Of beter: als een strak gesneden Italiaans jasje. Van Nieuwkerk, die deze week aankondigde te stoppen met het programma, is een generalist pur sang: iemand die van heel veel dingen een klein beetje verstand heeft. Precies het instapniveau van de show. Alle interesses van Van Nieuwkerk kregen een plek in DWDD: politiek, kunst, media, sport, én Charles Aznavour. Het programma was los van toon, maar strak in opzet, wat naadloos aansloot bij het licht manische karakter van Van Nieuwkerk.

Hoge én lage cultuur verenigd

DWDD deinsde niet terug voor kunst met een grote K. Opera, literatuur, ballet, alles kwam aan bod. In 2010 bracht pianist en componist Reinbert de Leeuw het stuk 4’33 van John Cage ten uitvoering: ruim 4,5 minuut stilte. Zo highbrow werd zelfs Vrije Geluiden niet.

Tegelijkertijd haalde DWDD de neus niet op voor de Geer en Goors van deze wereld. Serieuze onderwerpen op een lichte toon, lichte onderwerpen op een serieuze toon, was het adagium. Het Songfestival kreeg er ruimschoots aandacht, Britt Dekker was er kind aan huis en Wendy van Dijk zat vermomd als het Surinaamse typetje Dushi aan tafel.

Format stond vast maar veranderde voortdurend

De uitdaging voor elk dagelijks programma is om tegelijkertijd voorspelbaar en verrassend te zijn. Het format van DWDD was vastomlijnd: het eerste onderwerp (‘de eerste tafel’, noemt de redac­tie het) is actueel, er zijn een of twee intermezzo’s (Van Nieuwkerk zou zeggen: ‘intermezzi’) en per aflevering zijn er drie tafelgesprekken.

Tegelijkertijd durfde DWDD het format ook voortdurend te veranderen. Rubrieken kwamen en verdwenen, vaste gasten rouleerden, en soms werd het hele format het raam uitgesmeten. Dan stond het programma in het teken van één onderwerp, van een persoon die was overleden, of van een 97-jarige verzetsstrijder, zoals begin dit jaar gebeurde.

Bewonderend tot het tegendeel is bewezen

Nee, zeker niet iedereen kon zich bij De Wereld Draait Door in een warm bad dompelen. PvdA-Kamerlid Martijn van Dam zag zijn ambities om lijsttrekker worden in één gesprek verdampen. Van Nieuwkerk: “Mag ik u iets zeggen? Het wordt helemaal niets.” NRC-verslaggeefster Jannetje Koelewijn kreeg journalistieke strafregels nadat ze het medisch dossier van de verongelukte prins Friso had gepubliceerd. Verbaasd tegen de presentator: “Wat ben je streng, zeg!” Het waren de prettig verrassende uitzonderingen op de regel. En die luidde: bewonderen tot het tegendeel is gebleken. Odes werden vooraf aangekondigd (recent werd Herman van Veens 75ste verjaardag met veel confetti gevierd) of ontstonden ter plekke. Want die ene gast die nu aanschoof, bewoonde toevallig wel ‘de Olympus’ van het komende onderwerp.

Dan volgen meerdere thema’s. Soms lichter (hier Britt Dekker)...Beeld -

Lijstjes, rubrieken en nog meer lijstjes

“Het is weer lijstjestijd,” kon Van Nieuwkerk het jaaroverzichtseizoen met zichtbaar genoegen aankondigen. Vaak in november al. Maar bij DWDD was het eigenlijk altijd lijstjestijd. Ze werden door deskundigen allemaal op een rij gezet: de grootste, de mooiste, de snelste; nooit de lelijkste of de slechtste. Het paste bij de huisstijl, zoals ook talloze rubrieken vast onderdeel van het format werden. De TV Draait Door, het Groot Nederlands Songbook, De Jakhalzen, Songs in the Key of Life; ze groeiden uit tot antizapmedicijn of zelfs tot concertavonden (DWDD Recordings) of theatervoorstellingen (Lucky TV).

Spin-offs versterkten het merk

In 2014 dacht Van Nieuwkerk al na over een afscheid. Hij tekende bij. Vanwege de spin-offs. Die kon hij uitbouwen. DWDD University werd een merk op zich. Onder anderen Robbert Dijkgraaf en Vincent Icke gaven college. Van Nieuwkerk fungeerde als leergierige student. Ook kwam er een pop-upmuseum. In het Allard Pierson exposeerden gastcuratoren hun selectie uit de depots van Nederlandse musea. Ging het weleens mis? ‘De Koninklijke Haas is een ramp,’ kopte Het Parool bij een recensie van het pop-uprestaurant, geïnspireerd op de rubriek met culinaire klassiekers van kok Robert Kranenborg. Conclusie: ‘Gewoon niet gelukt.’ Het restaurant sloot twee dagen na de officiële opening.

... dan weer kunst met een grote K. Hier het experimentele 4’33.Beeld -

Precies voldoende relletjes

Een talkshow is geen talkshow zonder af en toe een incident of pikanterietje. Ze werden zeld­zamer, maar er waren er in vijftien jaar genoeg. Tafel­heer Theo Maassen die Patricia Paays Playboy-reportage iets voor een necrofiel vond. Prem Radhakishun die gilde dat een tv-recensent van de Volkskrant ‘het met kleine kindertjes deed’. Of Marc-Marie Huijbrechts die ‘de cavia’ op zijn schedel voor het eerst los liet lopen.

Vast gastenbestand

Jan Mulder, Jort Kelder, Felix Rottenberg, Alexander Klöpping, Nico Dijkshoorn, Peter Vandermeersch, Robbert Dijkgraaf. Dit is De ­Wereld Draait Doorrrrr. De gastenlijst van DWDD was soms net zo gemakkelijk te voorspellen als de clou van de grappen van huiscabaretière Soundos El Ahmadi. Van Nieuwkerk stuurde een vriendelijk mailtje aan wie er een niet begrijpend krantenstukje over pende. ‘Ze zijn onze columnisten,’ schreef hij dan. Hij zag ze als tv-equivalent van krantencolumnisten. ‘Die schrijven soms dagelijks. Daar komen wij niet aan, hoor.’

Aan het einde of tussendoor zitten rubrieken, zoals Lucky TV.Beeld BNNVARA

De tafelheren en -dames

Het openingsbabbeltje tussen Van Nieuwkerk en de tafelheer- of dame van dienst, zittend op een wankel ogende kruk, was de vaste opening van DWDD. Een amuse, veel meer was het niet, tot Van Nieuwkerk afsloot met “Aan tafel!” en het ­diner geserveerd werd. Tafelheren en -dames mochten hun rol invullen zoals ze zelf wilden. Soms waren ze iets te veel aanwezig (Halina Reijn was een tamelijk dominante tafeldame), soms iets te weinig (Simone Weimans sprak een hele uitzending geen woord), maar meestal had de heer of dame toch vooral een prettig ontregelende functie.

Waarom je je kapot kon ergeren aan DWDD

De superlatieven over hoe belangrijk en goed DWDD was, vlogen de afgelopen dagen in het rond. Wie DWDD ook heel goed en belangrijk vond, was DWDD zelf. Het programma kon zichzelf schaamteloos feliciteren (‘na het succes van onze vorige reeks starten we een nieuwe canon van de Nederlandse popmuziek’), kon zich het succes van anderen toe-eigenen (‘ónze Rutger Bregman!’) en liet het niet na zichzelf te recenseren (‘Mister Lucky TV Sander van de Pavert komt zijn favoriete filmpjes van afgelopen seizoen toelichten!’). Ook de coterie rond Van Nieuwkerk wekte irritatie. Te klef, te hoofdstedelijk, te uitgekauwd. DWDD was een programma ‘you love to hate’.

Dit was De Wereld Draait Doorrrrr....Beeld -
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden