PlusAchtergrond

Naaktmodel Truus Trompert: elke houding een beeld, 40 jaar lang

De geschiedenis van de jubilerende Rijksakademie is niet alleen geschreven door kunstenaars. Naaktmodel Truus Trompert was veertig jaar lang een vaste waarde. Haar beeltenis is nog op verschillende plaatsen in Amsterdam te vinden.

Truus Trompert was een natuur­talent in poseren.

Voor academiedocent Willem Papenhuijzen heetten alle modellen Truus. Misschien was hij gewoon slecht met namen, maar waarschijnlijk wilde hij met die generieke aanduiding de vrouwen die zich lieten natekenen een bepaalde mate van anonimiteit bieden. Vlak na de oorlog werd het modellenbestaan namelijk niet als bijzonder eerbaar gezien. In je blootje voor een club kunstenaars staan, lag in die tijd voor de gemiddelde burger in het verlengde van prostitutie.

Tussen Papenhuijzens vaste modellen zat er eentje die Truus adopteerde als geuzennaam, gecombineerd met de achternaam van de man met wie ze kort getrouwd was. Veertig jaar lang poseerde Truus Trompert aan de Rijksakademie. In een tijd dat modeltekenen nog een essentieel onderdeel was van een artistieke vorming, drukte zij een stempel op vele carrières.

Als kind van een metselaar en een schoonmaakster kwam de in 1915 in Amsterdam geboren Trompert niet bepaald uit een artistiek ­milieu. Na de lagere school had ze baantjes bij het Chinees consulaat en een lampenkappen­fabriek, maar het was crisis en het gezin leed ­armoede. In 1935 keerde het tij toen zij te werken kwam bij de textieldrukkerij van kunstenaar ­Ulco Kooistra, tevens leider van het antifascistische arbeidersballet Dynamo. Trompert ging dansen en kwam via het netwerk van Kooistra aan modelklussen.

Ongewenste aandacht

Ze bleek een natuurtalent. Door het ballet was ze soepel en kon ze elke gewenste houding makkelijk een kwartier volhouden. En dat deed ze vol overgave. “Hoewel een betrekkelijk gewone verschijning, werd ze zodra ze poseerde bijzonder,” schreef beeldhouwer Ben Guntenaar in Een leven als model (1985).

Voor datzelfde eerbetoon aan het voormalig model liet Charlotte van Pallandt optekenen: “Elk van haar houdingen was een beeld.” De twintig jaar durende samenwerking tussen Van Pallandt en Trompert leverde een lange reeks ‘Truusbeeldjes’ op, waarvan de bekendste op het Begijnhof staat.

Truus Trompert Geschilderd door Piet Landkroon

Trompert leefde echt mee met de kunstenaars en voelde zich zelfs medeverantwoordelijk voor het resultaat van de samenwerking. Ze moedigde aan als het even niet wilde lukken en was oprecht ongelukkig als een werk in de prullenbak verdween. Op latere leeftijd ging ze ook zelf schilderen, al was het heel bescheiden, op af­gedankte doeken van anderen.

Vlak na de oorlog was Trompert op haar top, een trotse vrouw in de bloei van haar leven met ‘benen als zuilen’ (Van Pallandt). Iedere stad wilde een monument om de oorlog te herdenken of de vrijheid te vieren en Trompert werd veel gevraagd als model. Het bekendste is het Monument op de Dam van John Rädecker, waar ze staat afgebeeld als de Nederlandse maagd: met staand kind op de rechterheup en ontbloot bovenlijf.

Door de duizenden keren dat zij vereeuwigd werd, werd Trompert een beroemdheid, die naarmate de spruitjeslucht verdampte en de moraal wat versoepelde, regelmatig werd geïnterviewd door kranten. Maar een glamourbaan was het leven als model niet. In haar beginjaren kreeg ze een gulden voor vijf uur poseren, telkens in vermoeiende houdingen en ’s winters in soms ijskoude ateliers. En dan kreeg ze nog te maken met ongewenste aandacht, bijvoorbeeld van tramlijnreparateurs die hangend in een bakje boven de Metsustraat naar binnen stonden te loeren en bijna te pletter sloegen.

‘Mannetje, mannetje’

Desondanks vulde Trompert haar inkomen aan met opdrachten van tekenclubs, waarvan de ­leden amateurs waren die gezamenlijk een ­model bekostigden en waar vaak een sfeer hing van in hypocrisie gesmoorde geiligheid. In een interview zei zij daarover: “Daar zit er altijd eentje tussen waarvan ik denk: mannetje, mannetje, jij zit helemaal niet te tekenen. Jij doet maar alsof.”

Truus Trompert getekend door Charlotte van Pallandt.

Na 1960 ging het bergafwaarts met Tromperts gezondheid en verviel ze in armoede. De schilderijen die ze van bevriende kunstenaar gekregen had, moest ze noodgedwongen laten veilen. Maar de meeste makers kochten hun werk zelf op en gaven het terug aan Trompert. In 1963 richtten ze zelfs een stichting op met als doel geld in te zamelen voor een operatie die ze nodig had.

Toch was er vrijwel niemand op haar begrafenis in 1977. Dat was omdat niemand de naam in de overlijdensadvertentie had herkend: Anna Sophia Maria Elisabeth Borghmans. Zo kenden ze Truus Trompert niet.

Rijksakademie 150 jaar

De Rijksakademie werd op 26 mei 1870 opgericht en viert dit jaar haar 150-jarig bestaan. De festiviteiten rondom het jubileum zijn vanwege de coronamaat­regelen grotendeels verplaatst naar volgend jaar. Het gaat onder andere om een tentoonstelling in het Amsterdam Museum met historische werken uit de collectie. Wel wordt later dit jaar een stadsplattegrond met 450 werken in de openbare ruimte van alumni

gelanceerd. De Open Studios, die traditioneel plaatsvonden in het laatste weekend van november, zijn blijvend verzet naar het voorjaar en vinden plaats in april 2021.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden