PlusBoekrecensie

Motherwell van Deborah Orr is een fascinerende memoir

Deborah Orr analyseert alles en iedereen, vooral haar moeder.Beeld Felicity McCabe

Als Guardian-journaliste Deborah Orr (1962-2019) na het overlijden van haar moeder samen met haar broer haar ouderlijk huis in het Schotse kolen- en staalstadje Motherwell leegruimt, vindt ze in de secretaire haar hele jeugd terug. Vorig jaar overleed Orr aan borstkanker. In haar postume memoir Motherwell onderzoekt ze hoe de relatie met haar ouders haar gevormd heeft.

Die secretaire was heilig; het administratieve hart van het gezin en verboden terrein voor de kinderen, of zoals Orr schrijft: ‘Het was onze tabula rasa, de plek waar de bewijsstukken voor onze transacties met de wereld werden gearchiveerd.’ Ieder hoofdstuk is vernoemd naar een object dat ze terugvindt in het meubelstuk, zoals Baby’s eerste knipbeurt (een envelopje met haar), De poppen, Harry’s zilveren sigarettenkoker, enzovoort. Een mooi uitgangspunt voor een verhaal dat heel ongekunsteld de leidraad van haar (chronologische) vertelling vormt.

Minderwaardigheidscomplex

Orr groeide op als dochter van de ongeschoolde Schotse fabrieksarbeider John en de Engelse Win. Haar moeder kwam uit Essex en voelde zich een buitenstaander in Motherwell. Ze keek ook een beetje neer op de plaatselijke gebruiken en kon nooit helemaal aansluiting vinden bij de Schotten. John werkte bij Anderson Boyes; een fabriek die mijnbouwmachines voor de buitenlandse markt maakte.

Orr schetst niet alleen haar eigen jeugd, maar ook een tijdsbeeld van Schotland in de jaren zestig en zeventig. Ze beweegt soepel van het particuliere naar het algemene.

Als ze de flats bespreekt waar ze heeft gewoond, voor ze naar de mooie houten woning verhuisden, beschrijft ze ook woningbouwprojecten en de ontwikkeling van de infrastructuur in Motherwell. Als ze de scholen beschrijft die ze bezocht, legt ze ook uit dat het Schotse schoolsysteem achterliep op Engeland, net als de culturele ontwikkelingen.

Als kind realiseert ze zich dat de Schotse trots, haar cultureel erfgoed dat vooral in het verleden ligt, hand in hand gaat met een minderwaardigheidscomplex. Net zoals dat bij haar ouders het geval is.

Orr heeft erg lieve, gulle, aandachtige ouders, althans zo lang ze jong is. In haar puberteit komt daar verandering is. Haar puriteinse ouders zien in haar ontluikende seksualiteit een bron van kwaad en verderf. Ook zien zij met afgrijzen aan hoe hun dochter zich graag aan de patriarchale rolverdelingen onttrekt en niet als grootste ambitie heeft om te gaan trouwen. Ze wil studeren en carrière maken. Orr beschrijft de bemoeilijkte relatie met haar ouders als trauma­tisch.

Relaties tussen moeders en dochters zijn wel vaker ingewikkeld. Ook Orr worstelt met zinderende haat jegens haar moeder die haar klein probeert te houden.

Hoewel ze ook erg liefdevol schrijft over de onderonsjes tussen moeder en dochter op de avonden dat haar vader nachtdienst had, kan ze soms (onterecht?) geen goed woord opbrengen voor haar moeder, wier emoties ze maar moeilijk te verteren vindt. Haar moeders angst voor ontslag en werkloosheid bijvoorbeeld (‘niemand was ooit zo werkloos geweest als Win’; afwijzing!). Of de kritiek die Win op andere mensen heeft (een narcistische persoonlijkheidsstoornis!).

Fascinatie voor narcisme

Op het moment dat Orr begint te psychologiseren, slaat ze vaak door. Ze schrijft: ‘Het is de laatste tijd een intellectuele gewoonte van me om de mensheid te analyseren in termen van narcisme. Dat helpt me om er vat op te krijgen. Ik begrijp mezelf, mijn ouders, mijn familie en vrienden, de maatschappij en de wereld beter. Soms denk ik dat mijn fascinatie voor narcisme een ongezonde en inherent destructieve obsessie is.’ Het is een vervelende en storende kwaal die soms haar verhaal ook een beetje in de weg staat.

Orr analyseert alles en iedereen, maar haar moeder met stip op één in termen van een narcistische persoonlijkheidsstoornis. Ze heeft het zelfs over narcistische gezinsstructuren; drama­driehoeken waarin altijd een dader, slachtoffer en redder aanwezig zijn. Narcisten zouden die ‘driehoek’ creëren.

Even begon ik aan mijn eigen wereldbeeld te twijfelen: zijn er zo veel narcisten? Of heeft Orr inderdaad een ongezonde obsessie? Het maakt van Motherwell een fascinerende memoir met misschien wel een ‘onbetrouwbare verteller’, zoals we dat in de romanliteratuur aanduiden.

Enigszins verward

Wat Orr eigenlijk laat zien is dat haar ouders van een ander opleidingsniveau en een andere generatie zijn. Ze zijn conservatief, puriteins, wereldvreemd, ongeschoold en zodoende een beetje bang voor het onbekende.

Misschien is haar moeder soms jaloers, omdat haar dochter zo veel meer mogelijkheden heeft dan zij zelf had. Misschien hebben haar ouders last van een minderwaardigheidscomplex of statusangst. Niets menselijks is hun vreemd, zou ik bijna willen zeggen.

Net als aan Orr zelf. Enigszins verward blikt zij terug op haar jeugd die fijn en vervelend was en waaraan ze zich wist te ontworstelen door te vertrekken en te gaan studeren; een ervaring die minder particulier is dan ze doet voor­komen.

Vertaald door Theo Schoenmaker, Monique ter Berg en Gerda Baardman. Uitgeverij Lebowski, €21,99, 318 blz.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden