PlusFilmrecensie

Moffie toont de witte kant van de oorlog

Moffie speelt zich grotendeels af in een Zuid-Afrikaans ­trainingskamp.

Nee, met het Nederlandse woord ‘moffen’ heeft het Afrikaanse scheldwoord ‘moffie’ niets te maken, al delen de woorden een etymologische oorsprong. ‘Moffie’ is afgeleid van ‘mofskaap’, Afrikaans voor een gecastreerd schaap, en is in betekenis vergelijkbaar met het Nederlandse ‘flikker’. Een denigrerende aanduiding voor een homoseksueel dus.

De 16-jarige Nicholas van der Swart (Kai Luke Brümmer) krijgt het constant te horen wanneer hij in 1981 het leger in moet. De grensoorlog die woedt tussen Zuid-Afrika en Angola eist kanonnenvoer, en dus belandt Nicholas met honderden leeftijdsgenoten in een trainingskamp ergens in de woestijn.

Een andere blik op diezelfde oorlog wordt geboden in de documentaire Lamentations of Judas van Boris Gerrets, die sinds vorige week in de bioscopen draait. Waar de film de trauma’s die zwarte Angolese strijders nog altijd met zich meedragen blootlegt, toont Moffie de witte kant van de oorlog. Want hoezeer de Zuid-Afrikaanse regering de oorlog ook presenteert als een strijd tegen het communisme, in het legerkamp worden de jongens onomwonden voorbereid op een gevecht tegen ‘het zwarte gevaar’.

Moffie gaat overigens niet in de eerste plaats over recht of onrecht van die oorlog. Het front komt überhaupt niet in beeld; de film speelt zich grotendeels af in het trainingskamp. Het drama zit in de homofobie waarmee Nicholas wordt geconfronteerd, uit de schreeuwerige mond van sergeant Brand (Hilton Pelser), maar zeker ook van zijn van machismo overlopende leeftijdsgenoten. Het zit in hoe hij daardoor zelf zijn geaardheid onderdrukt; thematiek die ook al de boventoon voerde in Skoonheid, de film waarmee regisseur Oliver Hermanus in 2011 internationaal doorbrak. En het zit in hoe die ontkenning onhoudbaar blijkt in het aangezicht van een andere rekruut, de aantrekkelijke Dylan (Ryan de Villiers).

En toch is die worteling in het racisme van het apartheidsregime een essentieel onderdeel van deze film over een volledig witte ervaring. ­Moffie is een verfilming van André Carl van der Merwes gelijknamige roman, gebaseerd op diens eigen dagboeken uit die jaren. Maar de talentvolle Zuid-Afrikaanse regisseur Hermanus put ook uit zijn eigen ervaringen als homoseksuele en (zoals hij het zelf in een interview omschreef) niet honderd procent blanke man. Een van de eigen ervaringen die Hermanus in de film verwerkte, levert de scène op die in veel opzichten het hart van de film is: een uitgebreide, in één onafgebroken shot gefilmde flashback naar Nicholas’ jeugdjaren, die zich afspeelt rond een openbaar zwembad.

Hermanus’ gevoelige aanpak resulteert in een film die scherp blootlegt hoe het racisme en de homofobie van de apartheidsstaat nauw aan elkaar verwant zijn, zonder het ene onrecht tegen het andere weg te strepen.

Moffie

Regie Oliver Hermanus
Met Kai Luke Brümmer
Te zien in Cinecenter, Kriterion, The Movies, Rialto, Soho House, Studio K, en via Picl.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden