PlusBoekrecensie

Mini-odyssees van een popliefhebber

Achter de muziek aan is een verzameling verhalen van muziekomnivoor Martin de Jong, die de afgelopen decennia meer meemaakte dan de gemiddelde concertganger.

null Beeld

Op de website van schrijver Martin de Jong (Den Haag, 1958), buisdorp.com, staat onder het kopje schrijverspost een even treurige als hilarische opsomming van alle afwijzingen die hij tussen 1978 en 2012 van uitgevershuizen mocht ontvangen nadat hij hoopvol een manuscript had ingestuurd. Aspirerende auteurs kunnen maar beter nooit maar de lijst kijken. Ze zouden er wellicht plaatsvervangend van uit het raam springen. Na de 292ste nee hield De Jong het voor gezien. Hij was niet uit het raam gesprongen en zou voortaan zelf zijn boeken gaan uitgeven.

Dat doet hij sinds 2013 bij De Nieuwe Boekhandel en zijn productie is indrukwekkend. Zijn net verschenen boek Achter de muziek aan is alweer nummer twintig sinds hij de zaken in eigen hand nam.

Achter de muziek aan is een vlot en luchtig geschreven verzameling teksten over de popconcerten die hij bezocht, over zijn grote liefde voor Queen, Zappa, Elvis, Tom Jones. Over zijn overigens terechte ergernis aan de gemakzuchtige leuterstukjes over muziek die Mart Smeets (‘Mart Zwets’) per strekkende meter afscheidt en over de platen die De Jong kocht, in alle denkbare stijlen. Want hij is een omnivoor, die zich laat leiden door het simpele adagium van Duke Ellington, dat er maar twee soorten muziek zijn, goede en slechte.

Veel brutaler

De concertverslagen zijn meestal terug te voeren op eigen archiefmateriaal van soms al decennia oud, dat later in herziene versies op De Jongs weblog terechtkwam. Die concertreizen zijn luchtig getoonzette mini-odysees, waarin hij meer meemaakt dan de gemiddelde concertganger, domweg omdat hij veel brutaler is. Bij Queen doet hij zich voor als journalist, waardoor hij bij soundchecks aanwezig kan zijn en gitarist Brian May hem uiteindelijk 5 pond in de hand stopt om een taxi te kunnen betalen.

Bij de mooie verhalen over Zappa, die uitgebreid in het boek voorkomt, blijkt het een kwestie van contacten te zijn, met radiomaker en Zappa-intimus Co de Kloet als centrale figuur. Maar ook op eigen kracht komt hij ver, gewoon door leden van de band bij de artiesteningang aan te spreken bijvoorbeeld, onder het mom, als ze je gezicht eenmaal kennen, gaan de dingen altijd gemakkelijker.

Terloopse plaagstoot

De Jongs moment of fame is het gevolg van een terloopse plaagstoot in de richting van Zappa-percussionist Ed Mann (hij ontmoet hem bij de artiesteningang), die een paar weken voor het concert in Ahoy (1988) in Londen op de marimba de mist in was gegaan tijdens het nummer Dickie’s Such An Asshole. Als Zappa ter ore komt dat een fan zich bij Mann heeft beklaagd, meldt hij dat tijdens de show. Dat moment wordt in 1991 vereeuwigd op het album Make A Jazz Noise Here, aan het einde van Stinkfoot. De Jong weet zich vanaf dat moment onsterfelijk.

Aanstekelijk is ook zijn liefde voor Elvis. Tot zijn grote genoegen worden enkele stukjes van zijn hand geplaatst in het tijdschrift Elvis Monthly. Misschien wat overmoedig geworden stuurt hij daarna een paar korte verhalen naar The New Yorker, maar daar bedanken ze beleefd.

Wat betreft structuur is Achter de muziek aan een rommeltje. Waarom staan alle Zappa- en Queenverhalen niet achter elkaar, of op zijn minst in chronologische volgorde? Wat moet dat vreemde ‘Intermezzo’ daar, vanaf pagina 263, waarin De Jong opeens verslag doet van de voortgang van het boek dat hij aan het schrijven is? Niettemin is het een leuke bundeling stukken, die vooral de oudere jongeren zullen aanspreken.

Achter de muziek aan

Martin de Jong
De Nieuwe Boekhandel
€24,99

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden