PlusAchtergrond

Mini-expo over Noordzeekanaal in Scheepvaartmuseum toont Nederlandse trots op techniek

Met een speciale expositie staat het Scheepvaartmuseum stil bij de nieuwe Zeesluis IJmuiden. Toen daar meer dan een eeuw geleden de eerste sluis werd geopend, stond alles in het teken van de Gouden Eeuw.

Bart van Zoelen
De nieuwe zeesluis in IJmuiden, de grootste ter wereld. Beeld ANP
De nieuwe zeesluis in IJmuiden, de grootste ter wereld.Beeld ANP

Een lithografie van de oorkonde die koning Willem III in 1876 ondertekende tijdens de feestelijke opening van het Noordzeekanaal, heeft een ereplaats gekregen op de tentoonstelling Noordzeekanaal over de opening van de nieuwe zeesluis bij IJmuiden eind januari. De oorkonde had dan weer een ereplaats voor Jan Pieterszoon Dou, die al in 1634 een plan lanceerde voor een directe verbinding van Amsterdam met de Noordzee.

Voor conservator maritieme kunst Cécile Bosman van het Scheepvaartmuseum illustreert het hoe de initiatiefnemers van het kanaal zich graag warmden aan de glorie van de Gouden Eeuw. Voor het nieuw gegraven kanaal werd teruggegrepen op het verleden van Amsterdam als wereldhaven twee eeuwen eerder. “Terwijl het Dou helemaal niet ging om de scheepvaart, maar om het doorspoelen van de grachten en de afwatering van Rijnland en het Haarlemmermeer.”

Het roemruchte verleden

In de festiviteiten vanwege de opening van het kanaal kwam het roemruchte verleden overal terug – tot op de menukaart van het banket. Na de Gouden Eeuw was de economie in het slop geraakt, met het verzanden van de vaarweg naar het IJ via de Zuiderzee en Pampus als voorname oorzaak. Het Noordhollandsch Kanaal via Den Helder moest een uitweg bieden, maar bleek al snel te smal en te bochtig. Het nieuwe Noordzeekanaal, zo was de teneur bij de opening, moest de haven in oude luister herstellen.

De expositie laat goed zien hoe trots men was op de toen moderne techniek. Op de foto’s die de voorgangers van Rijkswaterstaat lieten maken om hun werkwijze vast te leggen, duikt de stoommachine steeds weer op. Die was nodig om opwellend grondwater weg te pompen. Conservator Bosman: “De stoommachine speelde een cruciale rol, hoewel alles met de schep is uitgegraven.”

Bolhoeden

Daar was op de foto’s dan weer geen aandacht voor. Daarop geen Jan met de pet, maar vooral ingenieurs met bolhoeden, wijst Bosman. Maar indrukwekkend zijn ze – zeker de aanleg van de havenhoofden honderden meters ver op zee, met een heel kraanspoor op de pier.

De opening van de nieuwe zeesluis, de grootste ter wereld, was een mooi excuus om de negentiende-eeuwse foto’s – die al bijna een eeuw in het bezit zijn van het Scheepvaartmuseum – tevoorschijn te halen. Het is de bedoeling dat de expositie het hele jaar blijft, maar wel met steeds andere historische foto’s. Om het verval binnen de perken te houden, mogen ze maar drie maanden worden blootgesteld aan licht.

Het gaat om een ieniemienie-expositie, zeker vergeleken bij de grote overzichtstentoonstelling van de zeeschilders Van de Velde, die vooralsnog tot 27 maart eveneens te zien is in het Scheepvaartmuseum. Door de corona-lockdown viel van dit pronkstuk bijna een maand in het water. Het museum zoekt nog naar mogelijkheden om de expositie wat te verlengen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden